Daniel Hugo – vertaling in Nederlands, Vlaams

Daniel Hugo – vertaal deur Jacqueline Caenberghs & Jooris van Hulle

 

 

De lange weg

 

aldoor minder en minder rest om naar uit te zien:

waar de lange weg eindigt, begint het grote misschien

 

maar als je je vermoeide ogen opslaat van het stuurwiel

zie je achterom in de minuscule spiegel

 

een aangrijpend panorama dat aanzwelt,

in een oogwenk jouw perspectief bijstelt

 

het spiegeltje laat wat de voorruit biedt

verdwijnen in het niets van zijn omgekeerd verschiet

 

je wordt gedwongen een palindroom te verzinnen:

begin is bestemming en bestemming is begin

 

 

Die lang pad

 

daar is al minder en minder om na uit te sien:

waar die lang pad eindig, begin die groot miskien

 

maar as jou moeë oë opkyk van die stuurwiel

sien jy in die minuscule truspieël

 

‘n ontstellende panorama wat aanswel,

wat in ‘n enkel oogwink jou perspektief verstel

 

die spieëltjie laat wat die wye voorruit bied

verdwyn in die niet van sy agterstevoor verskiet

 

jy word gedwing om ‘n palindroom te versin:

begin is bestemming en bestemming is begin

 

———————————————————–

 

As

 

de aarde zal blijven draaien

ook zonder dichters die

zo graag de seizoenen bezingen

 

zal blijven draaien

ook zonder politici die

de hemel op aarde beloven

 

blijven draaien

ook zonder predikanten die

haar aantrekkingskracht betreuren

 

draaien

ook zonder mij die

het leven liefheeft tot de dood

 

zal de aarde blijven draaien

 

 

Spil

 

die aarde sal aanhou draai

ook sonder digters wat

so graag die seisoene besing

 

sal aanhou draai

ook sonder politici wat

‘n hemel op aarde beloof

 

aanhou draai

ook sonder predikante wat

sy aantrekkingskrag betreur

 

draai

ook sonder my wat

die lewe liefhet tot die dood

 

sal die aarde aanhou draai

 

 

 

Vert. Jooris van Hulle

(Twee gedichten uit de meest recente bundel (2009): Die panorama in my truspieël)

 

———————————————————-

 

 

Ontvluchting

Voor Ingrid Jonker

 

ik stap graag – dronken van ozon –

tot bij Drieankerbaai

het strandje is altijd bezaaid

met uitklotsels van de zee:

rioolresten liggen hier

mosselschelpen, robbenwervels, wier

een gestolde stinkende inktvis

en van tijd tot tijd – doodnuchter –

het lijk van een dichter

 

 

Gamkaskloof

 

uit een vergeten vallei weerklinkt daar

Afrikaans elke keer als een steen dentaal

tegen de berg afrolt: de steile wand bewaart

de koude echo van een dode taal

 

die klanken zijn door mensen achtergelaten

hun vallei heeft vroeger geresoneerd

van liefde en verdriet, vreugde en haat

(de holle ribbenkast heeft geen hartklop meer)

 

een archaïesch geheugen wordt gewekt

zodra de middernachtwind sibilant

door sidderende cipressen trekt:

leestekens om een kerkhof ingeplant

 

de stenen glimmen als een schedelgebit

binnen de ringmuur van geblust wit

 

 

Aan de Brouwersgracht

 

jullie die door Amsterdam zwalken

kijk op: aan elk huis hangen balken als galgen

 

regenwolken verzamelen boven de grachten

gewichtig als een grijze gedachte

 

gebouwen, de bomen, de straten

zinken zienderogen weg in het water

 

ik ga zitten en drink in café “De Sluys”

en voel me vreemd genoeg droevig thuis

 

 

Ochtendvlijt

 

in de pas met een wijngaardslak

drentel ik rond de boerderij

 

een honingbij rilt voorbij in zijn

geel-en-zwart gebreide trui

 

aan elke kale wijnranktak

hangt een spinnenrag vol dauw:

 

honderden harige oude dames

houden hier een kantklosshow

 

 

Warmbad, Namibië

 

mijn prilste herinnering: een glanzende maan

die stil opstijgt boven de rand van onze achtertuin

 

in haar licht zie ik de eindeloze val

van mijn iele schaduw in een rotsachtig, kil heelal –

 

daar waar ik sta in een landschap van ijzersteen

heeft een Namakwa-vrouw overdag voor mij gezorgd

 

haar klakkende klanken weerklonken in mijn Afrikaans:

de magneet die mij moet vasthouden in dit ondermaans

 

de taal die mij vastklemt aan de gebarsten lip

van Afrika, waarover hortend een koortsadem blaast

 

 Uit: Daniel Hugo, Planetarium – Gedichten 1982-1998. Samengesteld en vertaald door Jacqueline Caenberghs, Uitgevrij P, Leuven, Belgiê.

Bookmark and Share

Comments are closed.