Edwin Fagel. Gekke gedachten
Een paar dagen geleden stond op mijn dagkalender het volgende gedicht van K. Michel:
Ook de vissen
Zou je de Haagse Hofvijver overeind zetten
rechtstandig als een majestueuze wand van water
om het licht de diepte te laten doorstralen
om de stad een doorzichtige spiegel te bieden
een oudgouden glans zou over de huizen strijken
en iemand roept als eerste ‘kijk’ en wijst
toeterend komt het hele verkeer tot stilstand
abrupt worden alle vergaderingen opgeschort
en de straten vullen zich met ogen en geroezemoes
een vorstelijk banket, jagers in een herfstbos
zegels en paperassen, gesluierde naakte vrouwen
iedereen ziet in de vijverwand iets anders
maar allemaal blikken ze diep in de tijd terug
en eindelijk kunnen de hofvissen ook eens
over de schubbenhuid van de daken uitkijken
naar de glinsterende torens en ijspaleizen
de bomen bij de duinen, het gele strandzand
‘kijk’, stoten de vissen elkaar aan, ‘dat zilvergrijze
dat schitterende schuimende, woelende weidse
dat zich daar uitstrekt tot aan de einder en verder
dat is nou de zee, ja dat daar is de zee’.
Een klassieker, wat mij betreft, en het was een plezierig weerzien. Ik vind dit echt een heel mooi gedicht. Ik woon in de regio Den Haag en telkens als ik de Hofvijver passeer moet ik denken aan die vissen die elkaar aanstoten en naar de zee wijzen. Toch, bedacht ik me terwijl ik het gedicht herlas, is het een gedicht dat ik zelf nooit zo zou kunnen en willen schrijven.
Het hele gedicht gaat uit van één gedachte, namelijk de gedachte wat er zou gebeuren als je de Haagse Hofvijver overeind zet. Een gekke gedachte. Dat had zomaar mis kunnen gaan. Er bestaat namelijk veel poëzie waarbij de dichter een ‘gekke’, of ‘slimme’ gedachte kreeg, en bij het krijgen van die gedachte het gedicht al als half geschreven beschouwde. Dat resulteert niet zelden in weinig interessante overwegingen, bijvoorbeeld over dat het voetbalspel veel weg heeft van het leven zelf, of over wat een koe in een weiland denkt.
Zelf verlang ik van poëzie iets anders. Leuke, gekke, grappige of mooie gedachten kun je namelijk ook kwijt in een column, op een blog of op Facebook. Poëzie is veel méér dan dat. Of misschien heeft het er ook wel mee te maken dat ik zelden of nooit een gedachte heb die ik zonder aarzelen als ‘interessant’ zou bestempelen. Als ik bijvoorbeeld een voor mijn doen filosofische of gekke gedachte heb, is er altijd wel iemand (een filosoof bijvoorbeeld) die de gedachte eerder en beter heeft gehad, en scherper heeft verwoord. En mijn gekke gedachten wil ik niemand aandoen.
Het leven heeft mijn gedachten niet nodig om interessant te zijn. Ik zoek in mijn eigen gedichten dan ook geen woorden om mee te beschrijven wat ik denk, ik probeer te beschrijven wat ik waarneem. Ik interesseer me voor het leven zelf: de dingen, de mensen, de gebeurtenissen, de mysterieuze verbanden ertussen - en hoe dit alles in de taal kan worden vormgegeven.
Ik ben van weinig werkelijk overtuigd, maar van bovenstaand ben ik, vrees ik, niet meer af te brengen. Behalve af en toe door een geweldig gedicht van bijvoorbeeld K. Michel. Een gedicht dat een ‘gekke’ gedachte als vanzelf heel ver doorvoert, en er prachtige beelden uit haalt. En ik geniet telkens van de soepele en subtiele formuleringen. Het gedicht maakt zodoende mijn poëticale opvattingen – in ieder geval voor de duur van het gedicht – irrelevant. Dat is altijd fijn.
(Edwin Fagel)






Edwin, wat jy waarneem is mos tog ook wat jy dink? iedereen se interpretasie van ‘dinge’ wat waargeneem word is tog uniek, eie aan die kyker? as tien mense oor hierdie visvyfer sou skryf, sal jy sowaar ook tien verskillende perspektiewe & gedagtes daar rondom kry! Dus: jou gedagtes en idees is wel belangrik. en sal ‘n eie stem oordra. en ek is seker interessant ook wees vir liefhebbers van poësie.
Beste Tokkie, daar heb je natuurlijk gelijk in, ‘waarnemen’ is inderdaad een minder eenvoudig begrip dan ik in deze tekst doe voorkomen. Ik zal daar in een volgende post wat meer over schrijven.
Ek stem nogal saam dat die moeilike deel van gedigte skryf juis is om jou “wonderlike idee” of gedagte op ‘n manier te omvorm tot kuns. Om ‘n essay of ‘n blog te skryf is goed en wel, om ‘n gedig oor dieselfde idee te skryf, is bloedsweet. Maar dankie vir die mooi visgedig!