Edwin Fagel. Mooi (4)

Gustave Courbet – De oorsprong van de wereld (1866)

Tot de jaren negentig van de twintigste eeuw was dit schilderij zelden in het openbaar te zien. Het maakte deel uit van achtereenvolgende privécollecties tot het uiteindelijk, ver na de seksuele revolutie, in Musée d‘Orsay in Parijs kwam te hangen. Welbeschouwd was mijn enthousiasme toen ik het schilderij voor het eerst zag dus onterecht.

Ik vond het schilderij toen namelijk vooral mooi als provocatie, als ultiem vertoon van artistieke lef. Want terwijl zijn realistische en vroeg-impressionistische collega’s in een weiland zaten te proberen het landschap te vangen, of ergens op een duin het uitzicht op de zee probeerden weer te geven, schilderde Gustave Courbet (1819-1877) pontificaal en met veel detail een kut. De in mijn beleving quasidiepzinnige titel vergrootte de grap alleen maar. Het schilderij leek al de draak te steken met de ernstige kunstkijk-blikken van de museumbezoekers, in die zomer aan het begin van de 21ste eeuw. Hoe lang was dan niet de neus die Courbet trok naar zijn publiek destijds?

Pas later kwam ik erachter dat Courbet het schilderij in opdracht van de Ottomaanse diplomaat en kunstverzamelaar Khalil-Bey maakte. Deze hing het in zijn privévertrekken achter een gordijntje en liet het alleen bij bijzondere gelegenheden aan derden zien. Het veroorzaakte wel ophef, maar slechts in zéér beperkte kring, per brief, waarbij dikwijls de schrijver van de brief de enige was die het schilderij had gezien. Hoe provocatief is een dergelijk schilderij?

Nu past het schilderij wel in een ontwikkeling waar Courbet een belangrijke aanjager van was, namelijk dat men naakten begon te schilderen zonder dat daar als excuus een bijbels of mythologisch motief aan werd gehangen – en de carrière en levensloop van Courbet laten ook wel zien dat het de schilder niet aan lef ontbrak, in zowel artistiek als politiek opzicht. Uiteindelijk is het schilderij om andere redenen interessant.

De compositie is welhaast iconisch te noemen. Als de afbeelding vandaag zou zijn gemaakt, zou ze echter eerder banaal zijn dan dat ze herkend zou worden als een krachtig artistiek statement – simpelweg omdat de beelden uit de porno tegenwoordig veel breder zijn verspreid. Toch is het schilderij ook vandaag confronterend. Ik behoor niet tot de school die zich graag laat ‘verontrusten’ door kunst. Toch fascineert dat ongemak me. Dat komt natuurlijk door de intimiteit van de afbeelding, de kwetsbaarheid, het wijdbeense. De toeschouwer wordt ongewild voyeur. Courbet was in ieder geval in dat opzicht zijn tijd ver vooruit.

‘De oorsprong van de wereld’. Als die titel serieus is bedoeld, wordt daarmee bedoeld dat het vrouwelijk geslachtsorgaan dat is afgebeeld de kern van het bestaan, of een hogere waarheid vertegenwoordigt. Courbet zou de eerste niet zijn geweest – en zeker niet de laatste – die een hogere waarheid in verband brengt met seks. Tegelijk is precies dat de gedachte waar Courbet met deze titel mee spot. Kunst, zeg ik dan maar in mijn eigen woorden, is niet iets waar iets anders mee wordt gezegd. Het kunstwerk zegt juist zo precies mogelijk wat het zegt; niet meer, niet minder, niets anders. De weidse titel vestigt er uiteindelijk juist de aandacht op dat we alleen zien wat we zien, in dit geval dus een vagina. En dat dat alles is, en genoeg.

(Edwin Fagel)

Bookmark and Share

Comments are closed.