Janita Monna. Een wonderlijk amalgaam

Janita Monna. Een wonderlijk amalgaam

Charlotte Mutsaers – Dooier op drift

Bijna dertig jaar geleden publiceerde Charlotte Mutsaers een bundel emblemata. Tekeningen met ietwat baldadige rijmpjes met een serieuze ondertoon: ‘Een ooievaar die trekzak speelt/ heeft maling aan de kinderteelt’.
Veel gedichten verschenen er sindsdien niet van haar. Wel romans, beeldboeken, verhalen en essays (waar sporadisch nog wel eens een gedicht in verstopt zat). Een rijk oeuvre waar in 2010 de kroon van de P.C. Hooftprijs op werd gezet.
In haar essays waarin associaties, gedachten, citaten en plaatjes als kralen aan een ketting worden geregen, neemt Mutsaers het steevast op voor de dieren, voor eigenzinnige schrijvers die zo’n beetje in de marges van de literatuur opereerden (Jan Hanlo, Francis Ponge), voor aanhangers van de literaire vorm, voor beeldend kunstenaars als James Ensor, die ‘veel te wilde bloemen op zijn dameshoed droeg om ooit aansluiting te kunnen krijgen bij de Nederlandse sober- en rechtlijnigheid’ – want Mutsaers werk is een lofzang op uitbundigheid, versiering en vooral, de verbeelding.
De Vlaamse Ensor is ook te vinden in Dooier op drift, Mutsaers’ eerste dichtbundel (de bibliofiele bundel, die de basis vormde niet mee gerekend). Zijn graf wordt althans bezocht:

’t Is jaren en jaren geleden dat
in een koninkrijk gelegen aan zee
ik een sluimerend kerkhof betrad
met een bos plastic tulpen mee
en die bloemen waren bestemd
voor de schilderbaron daar aan zee

Al speelt de

Bookmark and Share

Comments are closed.