Janita Monna. Ongemeen rauw.

Lucas Hirsch – Dolhuis

Een paar weken terug moest weer eens een voetbalwedstrijd gestaakt worden omdat vanaf de tribunes het weinig verheffende ‘Hamas, Joden aan het gas’ werd gescandeerd. Dichter Lucas Hirsch maakt in zijn derde dichtbundel Dolhuis een toespeling op dat soort spreekkoren. Zoals hij ook een paar foute jodengrappen ten beste geeft. ‘Vanochtend gehoord op lijn 51 naar Amstelveen/ Hoe noem je een jood met een gasfles uit zijn rug?/ Een doe-het-zelver’. Geen mens met enig historisch besef die dit een hartstikke goeie mop vindt, maar het is Hirsch dan ook niet om de lach te doen. Hij droeg zijn vorige bundel Tastzin op aan een familielid dat Auschwitz niet overleefde. Alleen daarom al krijgt zo’n ‘gebbetje’ hier een andere lading, dan wanneer verteld door een collega op kantoor.
Nee, er is iets anders aan de hand, Lucas Hirsch is boos: met bokshandschoenen staat hij afgebeeld op het omslag, dat verder een kale, omgeploegde akker toont met kunstzinnig vormgegeven, haveloze dieren van stro. Het is een illustratie van waar het in zijn poëzie om draait: de dichter die in opstand komt tegen de op hol geslagen wereld – Dolhuis heet de bundel niet voor niets, gekkenhuis. De bankenfraude komt voorbij, de platheid van de televisie, perverse seks, ernstige martelpraktijken door grote mogendheden, kiloknallers, Patricia Paay in een blootblad; Dolhuis is zeer hedendaags en uiterst herkenbaar voor wie het (Nederlandse) nieuws ook maar een beetje volgt.
In vijf afdelingen waarin ontkenning wordt gevolgd door protest, vechten, depressie en aanvaarding, stelt Hirsch verloedering aan de kaak en verval van mores. Hij is daarin ongemeen rauw, soms op het grove af – de bundel is directer dan beide voorgangers – en met behalve foute grappen, veel ongekuiste straattaal: ‘pik’, ‘kut’, ‘rampetampen’.
Ook het Koningshuis moet het ontgelden, onder andere wanneer hij de ‘wereldwijd gebruikte marteltechniek waterboarding’, de VOC, Máxima’s Argentijnse afkomst en Willem Alexanders interesse voor water een in één vers bijeenbrengt. En besluit: ‘Ik ben trots op ons tolerante en o zo vergevingsgezinde landje/ Und wo ist mein Fahrrad?’
Hirsch vertelt het op nonchalant ironische toon, die wisselt hij af met diepe verontwaardiging, en uiteindelijk een zekere berusting. Hij is geëngageerd. Toch lukt het maar moeizaam om de lezer aan zijn kant te krijgen. Misschien omdat hij, als het gaat om maatschappelijke uitwassen anno nu, een vrij bekend deuntje zingt. Maar vooral omdat er, ondanks Hirsch’ felheid, ondanks zijn preoccupatie met de Holocaust en de Joodse geschiedenis, weinig talige spanning is. Soms zijn de gedichten haast pamflettistisch: ‘Een democratie is een mogelijkheid te ontsnappen/ aan de vicieuze cirkel van verkeerd georganiseerde overheidsmacht/ en geen stelsel waarden en normen.’
Vraag is of de gedichten los van de actualiteit interessant blijven. Maar over de toekomst van poëzie is Dolhuis evenmin optimistisch gestemd: ‘Vergeet niet dat alles poëzie is vandaag de dag/ Dat alle poëzie vandaag de dag vergeten wordt’.

 

Nr. 18

Raak je als bankier tienduizend euro kwijt
noemt men het fraude
Laat je er vijfhonderd miljoen verdwijnen
heet het een verkeerde investering

Onthoud dat het niet aan u ligt

Het is de maatschappij die zegt
dat u goed kan zingen, dik bent of een man van naam

Ik consumeer
Jij consumeert
Wij consumeren elkaar

Heeft Mohammed B. verhaal gehaald bij Theo van Gogh
over het failliet van de maatschappij of hadden de geschriften
hem ingefluisterd dat hij de x-factor had te moorden

Laten we uit naam van Karl Lagerfeld de skinny jeans verbranden
Laten we uit naam van Henk Krol handtassen voor mannen shredden
Laten we uit naam van George Orwell reality-tv verbieden
Laten we uit naam van Michael Jackson The Voice of Holland verbieden
Laten we uit naam van Lucebert het vuil uit de naden
der zekerheden schreeuwen

Onthoud dat het nooit aan u ligt
dat u een hypotheek met woekerrente afsluit
De kleine lettertjes in het contract niet leest

 

Lucas Hirsch – Dolhuis Natura Naturata. De Arbeiderspers, 16,95 euro, 71 pagina’s, ISBN 9789029586139

Deze recensie verscheen eerder in Trouw.

 

Bookmark and Share

Comments are closed.