Posts Tagged ‘Delphine Lecompte gedigte’

Delphine Lecompte. Entering Lecompte

Friday, November 8th, 2019

Entering Lecompte

 

Naast een waterzuiveringsinstallatie koop ik een papegaai van een Armeense landmeter

Precies een film of een stripverhaal

De transactie gebeurt zonder woorden, nochtans hou ik van de Armeense taal

De papegaai is verfomfaaid en zegt slechts twee dingen:

‘Ik zou wel elke dag een minderjarige fagottist kunnen vermoorden!’

En: ‘Entering Lecompte. Betreed op eigen risico.’

 

Ik neem de trein naar Brugge, aangezien ik daar woon

Vier joviale vrachtwagenchauffeurs spreken over sluizen om voetbalhooligans

Gescheiden te houden, ik hou van vrachtwagenchauffeurs en voetbalhooligans

Vandaag hou ik van iedereen, zelfs van mezelf

Ik knipoog naar mijn reflectie in de treinruit, dan kijk ik naar de tuintjes

Mooi, dapper, knullig, zielig, verbijsterend, deprimerend, surrealistisch, om hoorndol van te worden.

 

Als ik zeg dat niemand mij begrijpt, klink ik dan puberaal?

Het is nochtans zo; niemand begrijpt mij en niemand wenst mij dood

Iedereen negeert mij en iedereen is een gladde gelukkige appel etende makelaar

Ik zeg tegen mijn reflectie: ‘Vlug, zeg iets! Troost mij! Desnoods met een banale zegswijze!’

Maar mijn reflectie kent geen banale zegswijzen.

 

De verfomfaaide papegaai zegt: ‘Entering Lecompte. Betreed op eigen risico.’

Op het verkeerde moment, de conducteur kijkt me afkeurend aan

Overdag is hij proper, maar ’s nachts verkracht hij analfabetische jongenshoeren

En hypochondrische goudsmeden, hoe zou je zelf zijn?!

Zelf zou ik zo niet zijn; ik zou ’s nachts haiku’s schrijven naast een drankzuchtige zadelmaker.

 

Nu komen we aan in Brugge, de papegaai maakt zichzelf blind met een vlerk

Ik stap gezwind naar het huis van de oude kruisboogschutter

We zijn verweven en het is ziekelijk

De oude kruisboogschutter maakt een omelet voor mij

De lelijkste omelet van Europa, ik krijg ook wijn (op het etiket staat een arrogante bultrug).

 

De oude kruisboogschutter ontfermt zich over de papegaai

Hij schaft woorden af, en nu zegt de papegaai enkel: ‘Entering Lecompte.’

Dat is mooi, de oude kruisboogschutter tracht me te penetreren

Maar hij is te oud en zijn huisarts is te laf om hem degelijke erectiepillen voor te schrijven

Ik lik de penis van de oude kruisboogschutter en denk aan Jan van Eyck

Ik ken zijn sterfdatum, dan denk ik aan mijn vader en wens ik hem een zachte dood.

 

Een badkuip bijvoorbeeld, een banale hartaanval

Een kwartier voordien zat hij nog voor de televisie te lachen met Groucho Marx

Dat hebben we (hadden we) dan toch gemeen: we houden (we hielden) beiden

Van The Marx Brothers

De oude kruisboogschutter zegt: ‘Ik zie je graag, ik geloof dat het een mirakel is.’

 

 

© Delphine Lecompte 2019

 

Delphine Lecompte. Ik wil alle zoogdieren doorgronden, behalve de bedeesde zeepzieder  

Sunday, October 20th, 2019

Ik wil alle zoogdieren doorgronden, behalve de bedeesde zeepzieder

 

De bedeesde zeepzieder probeert in de zoo een neushoorn te doorgronden

Maar het blijkt onmogelijk, daarna probeert hij het met een wasbeer

Dat is simpel; de wasbeer bestaat voor veertig procent uit melancholie

En voor zestig procent uit baldadigheid, de bedeesde zeepzieder zegt tegen de wasbeer:

‘Ik heb je doorgrond, moeilijk was het niet, nu ga ik naar huis, ik moet voor mijn moeder koken.’

 

De moeder van de bedeesde zeepzieder woont naast de bedeesde zeepzieder

Ze heeft Parkinson, maar is nog steeds elegant

Ze was een koorddanseres van lage komaf, toen trouwde ze met een barse graaf

En moest ze het circusleven opgeven, de bedeesde zeepzieder werd geboren

En hij was een godsgeschenk, maar de barse graaf zag het anders;

Hij sloeg moeder en zoon met roeispanen en natte sandalen, elke dag van 23u tot middernacht.

 

De bedeesde zeepzieder schilt aardappelen en denkt aan mijn devotie voor hem

Half wrevelig, half geflatteerd

Hij zegt tegen de laatste nog ongeschilde aardappel: ‘Delphine, wat moet ik met haar aanvangen?!

Moet ik haar verkrachten? Zwartmaken? Strelen? Uit mijn leven bannen? Haar drugs geven?

Haar verkopen aan een Armeense landmeter? Op haar buik kakken? Haar kaalscheren?’

 

De kameleon van de bedeesde zeepzieder geeuwt atavistisch

En neemt de kleur aan van de roestbruine winterjas die ik hier een maand geleden achterliet

Opzettelijk, om terug te kunnen keren

Maar ik keerde nog niet terug; ik raakte plots overmand door verlegenheid

En het gaat maar niet voorbij, nu gooit de bedeesde zeepzieder de aardappelen in een kasserol

Gevuld met water, kasserol op het fornuis en wachten maar.

 

Nu even naar mij: ik eet een suikerwafel in een decadente hotelkamer

De voormalige vrachtwagenchauffeur zit verlegen op het bed

Hij is verlegen omdat ik met grote lust naar zijn penis kijk

Ik ben de eerste vrouw die van zijn penis een cultus heeft gemaakt

Ik kniel voor hem en pijp hem lacherig, orale seks heeft toch altijd iets weg van slapstick.

 

Dan wordt mijn vagina gelikt, zo fijn vind ik dat niet

Ik denk aan mijn gedichten die door kleine vieze mannetjes worden gelezen

De meesten zijn touwslagers, maar ik heb ook een lezer die scheepshersteller is

Ik doe alsof ik klaarkom en eet nog een suikerwafel

Sinds ik de voormalige vrachtwagenchauffeur ken zien mijn nagelriemen er zoveel mooier uit.

 

Terug naar de bedeesde zeepzieder: hij lepelt puree

In de mond van zijn moeder, hij is ontroerd

De kleine tanden van zijn verschrompelende moeder ontroeren hem

En mijn achtergelaten jas ontroert hem ook een beetje.

 

 

© Delphine Lecompte 2019

Delphine Lecompte. Loflied voor de tragische alpaca

Friday, October 18th, 2019

Loflied voor de tragische alpaca

 

Op de drempel van het zonnebankcentrum waar vorige week

Twee argeloze bobijnsters werden gewurgd denk ik aan de tragische alpaca

Ze heeft geen tong en kan haar jong bijgevolg niet schoonlikken

Bovendien doet ze alsof ze een herkauwer is, maar niemand trapt erin

Ik voel me verwant met de alpaca, zowel met de vrouwelijke als met de mannelijke alpaca.

 

Wacht, ik heb me vergist

De alpaca heeft wel een tong, maar ze kan haar tong niet uitsteken

Ik steek mijn tong uit naar twee passerende makelaars

De lange oogt Spaans en eet een appel, de korte praat driftig over teleurstellende pralines

Van de Aldi, ik ken die pralines en zo slecht zijn die niet

De makelaars negeren mij, ik word vaak genegeerd door makelaars en ander gespuis.

 

Ik drink een fles rode wijn en eet een zak paprikachips

Ik tracht altijd gelijkaardige kleuren te eten en te drinken

Je kan dit een neurose noemen, je kan zoveel

Een ordinaire touwslager vraagt of ik mijn ziel aan hem wil verkopen

Ik antwoord ietwat bitsig (en waarheidsgetrouw): ‘Ik wacht op een knappere duivel.’

 

Een doordeweekse baggeraar tilt me op en draagt me naar zijn huis

Hij verkracht me tussen posters van arenden en bierreclames

Zijn huisdier is een angstige parkiet, Béla Lugosi genaamd

Hoe pretentieus, en verschrikkelijk onnodig

De penis van de baggeraar lijkt op een uit de hand gelopen zeevruchtenpizza.

 

Nu neem ik een douche en denk ik opnieuw aan de tragische alpaca

Die haar jong koste wat kost wil schoonlikken, maar de tong werkt niet mee

Na de douchebeurt pijp ik de baggeraar zonder morren

Het is mijn initiatief en niemand heeft er zaken mee

Béla Lugosi kwettert incoherent, de baggeraar zegt: ‘Negeer hem, hij is dement.’

 

Ik verlaat het huis van de baggeraar en betreed de supermarkt

Ik koop tien kuipjes smeerkaas en twaalf voorverpakte broden

Ik deel het voedsel uit, maar niemand noemt me Jezus

Of zelfs maar iets in die richting

Ondank is ’s werelds loon, zoals ze in de Saffierstraat zeggen.

 

Zes jaar en vierentwintig dagen geleden was ik voor het laatst gelukkig

Ik zat in een reuzenrad in de buurt van Moskou, en een bloedmooie alchemistische trompettist

Knipoogde naar mij, een beetje later sprong hij naar beneden

Ik keek mijn ogen uit en riep: ‘Waarom heb je dat gedaan??

Ik wilde mijn ziel aan je verkopen! Mijn ziel!!’

Sindsdien is het bergaf gegaan met mij, and that’s God’s honest truth.

 

 

© Delphine Lecompte 2019

 

 

Delphine Lecompte. Ik ben een Mexicaanse dode

Tuesday, March 22nd, 2016

Ik ben een Mexicaanse dode

 

‘Ik voel mij alsof ik tien dagen lang heb meegelopen

In een Mexicaanse dodenstoet zonder te eten, zonder te slapen.’

Zeg ik aan boerin Margriet die tegenover mij zit

Ze begrijpt mij niet, haar witte hond begrijpt mij wel

Maar aan zijn begrip heb ik niets, ik leg nog een stuk preskop op mijn bord.

 

Boerin Margriet vraagt of het normaal is dat het poesje

Van haar tienjarige kleindochter reeds uitpuilt als een aangebroken haggis

Maar ik heb nog nooit haggis gegeten

En toen ik zelf tien was was ik glad en nauw als een slakkenhuis

Ik neem nog een slok notenlikeur, en ik zeg: ‘Toen ik tien was was ik ruw en wijd als een marktplein.’

 

Een marktplein met restjes spons en smout en pitten en pulp en worstenbrood

Een marktplein met mannen die hees riepen: ‘Ik kan je niet genezen,

Maar ik kan je weer naar binnen duwen, zodat je vader zijn oogappel

Straks niet aanziet voor wat ze werkelijk is, een gore slet

Die copuleert om zichzelf te leren haten, of om gratis sponzen en smout te krijgen..’

 

Boerin Margriet vraagt of ik haar witte hond wil adopteren

Hij heeft haar gebeten, het vertrouwen is kapot

Een hondenfluisteraar kwam eergisteren langs en probeerde het vertrouwen te herstellen

Hij werd ook gebeten, hij had een ringbaardje en een sardonische lach in zijn ogen

Hij droeg een groene trui en een gouden gourmetarmband met een datum erop gegraveerd.

 

De datum was toekomstig, de datum was vandaag

Vandaag adopteer ik de witte hond van boerin Margriet

Ik kots opzettelijk op het erf

De eerste maaltijd van de witte hond valt in goede aarde.

 

© Delphine Lecompte / 2016

Delphine Lecompte. Mijn zondagse squaw en de goddelijke brak

Sunday, March 20th, 2016

Mijn zondagse squaw en de goddelijke brak

 

Mijn zondagse squaw heet Catharina De Keersmaeker

Maar in mijn hoofd is ze steeds Serene Grizzlybeer

Ik zou een ganse nacht in haar oksel kunnen liggen

Veilig zou ik mij voelen, de geuren zouden dakpan en boleet zijn

Helaas kan ik haar enkel zondag aan het werk zien.

 

Vandaag is het zondag, Serene Grizzlybeer richt mijn hond af

Ik zou een ganse dag in haar keuken kunnen schrijven

Gelukzalig zou ik mij voelen, de geluiden zouden bas en knaagdiernagel zijn

Spijtig genoeg heeft ze een gezin; ze is getrouwd met een Zuid-Afrikaanse petomaan

Hij lijkt op Robert Mitchum, maar hij is slechts Karel du Plessis, dus verdient hij haar niet.

 

Wanneer Serene Grizzlybeer klaar is met de africhting van mijn hond is het nog vroeg

Ik kruip in bed met mijn afgerichte hond en ik zing overtuigend:

‘Don’t sit under the apple tree with anyone else but me…’

Het enige liedje ter wereld waar ik niet vrolijk van word

Ik huil en eet twintig clementines om mezelf te troosten, waarom hebben ze een stomme Naam? Waarom troosten ze mij niet?

 

Ik eet dertig correct genaamde komkommers

En ga naar buiten zonder hond; ik wil niet dat de hond ooggetuige is

Van: 2 moorden, 4 winkeldiefstallen, 8 brandstichtingen, en 9 vette leugens

De moorden heb ik in mijn hoofd uitgevoerd, de winkeldiefstallen heb ik geaborteerd,

De brandstichtingen heb ik verprutst, maar de 9 vette leugens heb ik tot een goed einde

Gebracht.

 

Ondertussen zit Serene Grizzlybeer in haar knusse hobbykamer

Ze legt de laatste hand aan een Taj Mahal gemaakt uit wasknijpers

Een goddelijke brak droomt van zijn verstikking in een zalmgraat

Hij schiet wakker en Serene Grizzlybeer schopt zijn adjectief uit de weg.

 

© Delphine Lecompte / 2016

 

Delphine Lecompte. We maken een kringetje van jongens en van meisjes

Monday, March 14th, 2016

We maken een kringetje van jongens en van meisjes

 

We zijn twaalf kinderen in de duinen

Er kan er maar een de leider zijn

Mijn nicht zegt: ‘We maken twee kringen:

Een goede kring van kinderen die beschermd worden door hun vaders,

En een slechte kring van kinderen wier vaders weggelopen zijn.’

 

De vader van mijn nicht is politieagent, sterk

Hij slaat zijn vrouw, maar het is niet heel erg

Mijn bloedeigen vader is vertrokken in een soort zeppelin, of stoffige bus

Ik zwaaide hem uit tot zijn vehikel kleiner was dan een haaienvin, of waterjuffer

Ik kreeg een kaart uit Lima, ik kan niet terugschrijven, ik ben te lui.

 

Ik zit met vier andere kinderen in de slechte kring

We zijn de kinderen die naar lijm en hondenferomonen ruiken

De zeven goede kinderen ruiken naar plasticine en verantwoordelijke egels

Mijn nicht deelt rozijnen uit in haar slome onbenullige kring

Wij de slechte kinderen kunnen op onze kin kloppen, of in opstand komen.

 

We komen niet in opstand, we zijn gebroken

En daarbij: rozijnen zijn te gezond om voor te vechten, niet eens echte snoepjes

Kijk! De vader van een kind uit de goede kring staat op een duintop

Hij is dan ook de schrikwekkende duinwachter, hij draagt een geweer

Oh nee! Mijn vader strompelt dronken op ons af, ik mag hem negeren.

 

Mijn vader probeert mij te omhelzen, ik vecht

De duinwachter schiet mijn vader neer, hij is geen echte held

Wanneer mijn vader bijkomt in een ziekenhuiskamer plant hij reeds een nieuwe reis

Naar Mali, omdat Lima niet bestaat, ik mag niet mee omdat ik hem heb verraden.

 

© Delphine Lecompte / 2016

Delphine Lecompte. Populair in Papoea Nieuw Guinea

Tuesday, March 8th, 2016

Populair in Papoea Nieuw Guinea

 

Hier ben ik populair, ik moet er geen kunstjes voor opvoeren

In mijn geboorteland was ik een onvruchtbare clown,

Hier ben ik de ongenaakbare oermoeder, ik mag zelf kiezen

Op welke dagen ik word uitgelachen, en in welke nachten ik word verkracht

Mijn dieet bestaat uit zandmuggen en koffiebonen, mijn hobby’s zijn origami en zang.

 

Hoe ik hier terecht ben gekomen? Simpel, met een vliegtuig

De piloot heette Dirk De Schepper, hij is dood

De copiloot heette Gianni Dewaele, hij is mijn tweede beste tentslaaf

Zijn nieuwe naam is Tweede Beste Tentslaaf, hij houdt van zijn nieuwe naam

Mijn medepassagiers zijn opgepeuzeld door de stam, de stam zei achteraf: ‘Bah!’

 

Of ik nog gedichten schrijf? Ach, zelden, het was altijd een bespottelijke passie

Trouwens, de stamdichter is geniaal en ik ben te lui om tegen hem op te boksen

Vrouwen mogen hier lui zijn, het wordt zelfs aangemoedigd

Ook een bevrijding is dat ik nooit meer kleren moet dragen

Enkel een hoofdtooi, vederlicht en paradijselijk gekleurd.

 

Al mijn dwangrituelen zijn weggesmolten, al mijn neurosen zijn verdampt

Ik steel niet meer, ik sticht geen onnodige branden

Ik lijk wel gezond en elke dag vind ik het niet erg om gezond op te staan

Met andere woorden: het gaat uitstekend, val mij AUB niet meer lastig

Ik heb geen tijd om e-mails te beantwoorden; er is nog werk aan de origamiwinkel.

 

Vanavond is het feest , er zijn geen hoogtepunten

Er zijn alleen maar hoogtepunten, iedereen is een ster

Ik zing een melancholisch lied over mijn wetteloze kindertijd in een desolate kuststad

En een baldadig lied over mijn criminele puberteit in een bruisende vlasstad

Tweede Beste Tentslaaf vindt als enige het eerste lied het mooist, wat een idioot,

Wat een heerlijk vlees.

 

© Delphine Lecompte / 2016

Delphine Lecompte. Geen succes blues

Saturday, March 5th, 2016

Geen succes blues

 

Ik blijf het liefst in Brugge, bij mijn pooier en mijn honden

Anderen mogen in het spotlicht staan, anderen zijn mooi,

Anderen hebben stijve kuiven en onweerlegbare diploma’s

Ik koop het liefst te krappe schoenen, dan zie ik af

En afzien is boetedoen, en boetedoen is noodzakelijk wanneer je een hoer bent.

 

Ik eet het liefst monochroom voedsel, geel en glijdend

Anderen mogen op restaurant gaan, anderen zijn gulzig,

Anderen hebben toffe strotklepjes en koddige bavetten

Ik drink het liefst witte wijn, dan word ik nostalgisch

En nostalgisch worden is minder gênant dan stikken in je eigen braaksel.

 

Ik lees het liefst boeken van negentiende-eeuwse Engelse mijnwerkerszonen, Wels mag ook

Anderen mogen geloven in de nieuwe hype, anderen zijn meelopers,

Anderen hebben een onderbouwde mening en Russische quotes

Ik schrijf het liefst kwade overdadige gedichten, dan word ik gelezen

En gelezen worden is veel prettiger dan gefrustreerd te zijn.

 

Maar sinds gisteren ben ik opnieuw aan het verliezen

Ik kan er tegen, ik ben er goed in; zelfs de jutezakwedstrijd

Door mijn moeder gekocht voor mijn negende verjaardag moest ik weggeven aan guitige Lori

Die nu in een interimkantoor werkt en ’s avonds klaagt tegen haar tropische vissen

Omdat haar vent het te druk heeft met het morsen op luiersekssites en foto’s van tochtige alpaca’s.

 

‘Whatever floats his boat,’ zegt Lori dapper op het toilet

Ze heeft net een skalaar met lepreuze schubben doorgespoeld

Ze is haar guitigheid kwijtgeraakt, ze denkt aan mij

Vorige week zag ze mij staan in de krant, een mini-interview

Met een klein fotootje van mijn kop die soms meevalt op kleine fotootjes.

 

Ze zoekt mijn contactgegevens op het internet

Ze mailt mij, ik mail haar niet terug

Ik mail het liefst niemand, mijn pooier zegt: ‘Houden zo!’

 

© Delphine Lecompte / 2016