Posts Tagged ‘Elly de Waard’

Janita Monna. Allesomvattend

Friday, June 21st, 2013

Janita Monna. Allesomvattend.

Elly de Waard – De aarde, de aarde

Een lied vol kromme taal, kun je dat een aanstaande koning cadeau doen? Dat, maar dan in iets minder subtiele bewoordingen verpakt, was de inzet van de felle discussie die in Nederland een paar maanden geleden op de sociale media woedde. Tweets vol pek en veren kreeg de componist over zich heen. Nederland zou zich collectief voor de idiote ophef moeten schamen:

(…)
(voor zover we in deze dagen
nog van een eigen land
kunnen spreken, nu de dwang
van het publieke menen
zich in ons hoofd heeft
verschanst;
(…)

Het citaat is van Elly de Waard en komt uit haar nieuwste bundel De aarde, de aarde. Ze vat treffend hoe alle nieuwe media vooral dwangbuis zijn: het aanvinken van een duim omhoog of naar beneden, ’het publieke menen’, het is nauwelijks vrije meningsvorming te noemen.
Elly de Waard. Ooit streed ze als ‘nieuwe wilde’ voor meer aandacht voor de (vrouwelijke) inhoud van een gedicht, en tegen de overheersing van de experimentele vormvernieuwers; ooit schreef ze over popmuziek; afgelopen jaar verscheen een boek over het jachthuis waar ze al jarenlang woont, ‘Vogelwater’, en een documentaire.
Ze gaf haar nieuwste bundel een grootse titel, en zo is ook de inzet van haar poëzie, allesomvattend: ze omarmt het universum en alles wat zich daar in bevindt en wat zich daarin voordoet. Van bomen en nachtelijke geluiden tot de aardbeving in Japan, de beursvloer en de liefde. Het is poëzie die boven de tijd uitstijgt, maar waarin ook kritiek te beluisteren is op de moderne maatschappij. Want De Waard staat met twee voeten in de Hollandse klei (of geestgronden) en ervaart het weidse en hoge. In een klein gedicht brengt ze dat als volgt samen:

(…)
Het stadje ligt te schijnen in
de volle maan, onder het donkere
geboomte, als een lieflijke lantaarn
In het straatje van de gang
leun ik losjes tegen een deurpost
cosmopoliet pur sang

Ze klinken tamelijk pittoresk, deze woorden. Zo kleintjes en fijntjes, en ook zo cliché, dat het gezien de slotregels de vraag is hoe serieus ze te nemen. Al is De Waard geen talige fijnslijper, hortende regels als ‘de natuur kent/ wel degelijk een rechtvaardig/ in de zin van, dat zij streeft/ naar balans’ zijn geen uitzondering. Een verzamelaar van verrassende beelden is ze evenmin: de zon is een ‘dukaat die glanst’. De Waards pen is nogal grof, en ze lijkt er genoegen in te scheppen om in een gedragen erotisch vers te spreken over de ‘rondingen/ van je kont’. In dat opzicht is ze oude idealen trouw gebleven. De dichter stapt onbekommerd verder, en deinst, behalve na het sterven van hond Vosje, ook niet terug voor een (woord)grapje op z’n tijd. Toegegeven, haar observaties zijn soms raak, maar het is of ze de taal niet genoeg kan kneden om die scherp over het voetlicht te brengen.

Noordzeekust

Bestippeling met hagel –
van griesmeel is het zand

Een zon als een dukaat die glanst
een blinkend nieuwe stuiver, die
vertraagd de wolken inzakt – spaarpot
voor later, een pensioen van licht
om te ontvangen als het echter
donker is

Onder een paardekop van nevel
storten golven zich
laag uit, schrijdende klauwen
van verzadigde leeuwinnen
gesneden aan de poten van
allang vervlogen zetels

Galactisch bijna, dit geweld
van schaduwen en resten zon
van vegen duisternis waarin
als eenzaam lichtend teken
Pension Villa De Horizon

Smaragd, de groene straal! Zeldzaam
moment, het sein staat veilig
voor een nacht
waarin de melkweg bloeien zal
als een bestippeling van hagel
op asfalt

Elly de Waard – De aarde, de aarde. De Harmonie, 56 pagina’s, 15,90 euro, ISBN 9789076168692

Deze recensie verscheen eerder in Trouw.

 

Annemarié van Niekerk. 21 Maart: Elly en Ingrid, Bergen en Sharpeville

Thursday, March 21st, 2013

Met Frank Zappa (1970). Foto: Privéarchief Elly de Waard

Ons onthou vandag Sharpeville, een van die donkerste dae in die Suid-Afrikaanse verhaal. Maak nie saak hoe ver ek weg is uit Suid-Afrika nie, hoe ek my versink in die skoonheid van Europese kuns of natuur nie, die eggo van Afrika volg my oral, en dikwels op die mees onverwagse momente. Dit is ook goed so. Laat ons nooit ons eie verhaal vergeet nie, ook nie die donker hoofstukke (soos Sharpeville) nie.

Ek het die poësie van Elly de Waard (1940) eers onlangs beter leer ken.

Vyftien jaar lank  was sy een van die bekendste Nederlandse skrywers oor popmusiek, met artikels in De Volkskrant en Vrij Nederland. Haar openbare identiteit was veral gekoppel aan hierdie wêreld. In die foto bo is sy met Frank Zappa in gesprek (1970) en onder met Brian Ferry (1974).

Met Brian Ferry (1974). Foto: Privéarchief Elly de Waard

 Maar sedertdien is Elly de Waard ook digteres. Nadat haar metgesel, digter Chris van Geel sterf, begin sy self skryf en debuteer in 1978 met die digbundel ‘Afstand’. Sy neem veral digters soos Emily Dickinson, Amy Clampitt en M.Vasalis as haar rolmodelle, maar ook J.H. Leopold en Robert Lowell se invloede is sigbaar. Sedertdien het nog vyftien bundels verskyn en onlangs haar heel nuutste ‘De aarde, de aarde’.

Kort voor die verskyning van hierdie laaste bundel kom daar ’n dokumentêr oor Elly op TV. Die dokumentêr (beskikbaar in DVD: ‘Het Ritme van Elly de Waard’) van Deborah Wolf en Jeroen Wolf is pragtig gemaak, gevoelig maar ook humoristies, en vat die sfeer en gees van Elly, haar werk, en haar huis Vogelwater (waar sy met haar geliefde Marijke woon) op so ‘n manier vas, dat die kyker na afloop nog steeds gefassineerd bly. Ek besluit dat ek haar gedigte beter wil leer ken en dat ek die omgewing van Vogelwater onder my eie sole wil voel. As ons kort daarna ’n uitnodiging vir die bekendstelling van ‘De aarde, de aarde’ en ‘Vogelwater’ ontvang, hoef ons nie na te dink nie. Ek, Jaap (Goedegebuure) en seun Stephan gaan vir ‘n naweek na die kunstenaarsdorpie Bergen (Noord-Holland) waar Roland Holst ook gewoon en gewerk het… dieselfde omgewing as Vogelwater.

Die intieme maar goed toegeruste boekwinkel op die dorpsplein is waar die laatmiddag boekbekendstelling plaasvind. Die dorpie is klein, dis nie maklik om die boekwinkel mis te loop nie. Boonop is dit die enigste plek wat op hierdie middag soos ’n bynes zoem. Ons gesels, drink wyn, luister na Elly en haar uitgewer (van De Harmonie) se toesprake, kyk na die uitstalling van die foto’s van Frederique Masselink-Van Rijn wat in ‘Vogelwater’ verskyn en kry ten spyte van die propvol winkeltjie tog ’n kans om met Elly te gesels. Tussen die skare mense loop ons Oek de Jong (gemeenskaplike vriend van ons en Elly) raak, wie se ma self lank op Bergen gewoon het, en hy oortuig ons om nêrens anders te gaan eet nie as by ‘Het Huis met de pilaren’, ’n monumentale pand wat uit 1787 dateer, en wat vir lank ’n ontmoetingsplek vir skrywers en kunstenaars, o.a. Adriaan Roland Holst, ‘Prins der Nederlandse dichters’ was.

Ons volg Oek se raad en loop vroegaand oor die dorpsplein met sy imposante kerkruïene na die pragtige huis met die pilare nie ver van die boekwinkel af nie, en beleef een van daardie onverwags betowerende aande. Ons hoor ook dat verskeie TV-opnames deur die jare heen hier met kunstenaars en sangers gemaak is, o.a. in 1964 met Jacques Brell. Bergen voel die aand ver weg van alles, versteek in ‘n magiese bosgebied maar tog ‘n klipgooi van die see af, wat as daar branders sou wees dit vanaf die dorpie op stil nagte hoorbaar sou wees.

Ons loop deur die verlate laagnag dorpstrate terug hotel toe en in die kamer maak ek ‘Vogelwater’ oop, die boek oor ‘het jachthuis ‘t Vogelwater in de Noord-Hollandse duinen’ wat Elly en digter Chris van Geel in 1973 betrek het, ‘n landgoed en huis waar die stilte en die afsondering ‘n ideale verblyfplek vir hul kreatiewe geeste was en waar sy nou al jare lank met Marijke woon.

Elly vertel hierin verhale en anekdatoes oor hoe sy deur die jare hierdie jaghuis getransformeer het tot ‘n pragtige villa, ‘n toevlugsoord maar ook plesiermaakplek vir haarself en ander digters soos Any Clampitt en Joseph Brodsky wat later die Nobelprys sou wen…. hoe daar geskryf en geskep is, maar ook hoe daar fees gevier is. Tydens so ‘n fees, vertel Elly, sal sy haar altyd teen donkerword-tyd terugtrek en na buite loop “om vanuit het bos te bekijken hoe betoverend dit eruitziet. Het is Le Grand Meaulnes, maar het kan ook een mooie Italiaanse film zijn. Het sleutelwoord is: geluk.” Die boek bevat ook van haar gedigte oor die huis, die landgoed en die omgewing.

Die amusantste, maar ook droewigste anekdote in die boek is seker dié een oor hoe sy Joseph Brodsky, wat vir ‘n paar dae met sy twee tikmasjiene by haar op skryfbesoek was, een oggend moes versoek om die huis te verlaat na ‘n nag van te veel drank en wangedrag. Dit laat Elly met ‘n diep hartseer agter. Sy vertel hoe sy die oggend na die bilbioteek (in hul huis) moes gaan waar Brodsky al so te sien lank aan die werk was:

‘Ik klopte aan en zijn “yes” klonk te luid en te onmiddelijk. Ik ging naar binnen keek hem aan en toen naar de grond en zei op zo gewoon mogelijke toon: ik denk dat je moet gaan.

-Yes.

-Zal ik een taxi voor je bellen? vroeg ik in een poging om zo normaal en vriendelijk mogelijk te zijn.

– Ja, als je wilt.

– Over een half uur?

Ik liep terug naar mijn eigen gedeelte van het huis en voelde toen pas in volle omvang mijn eigen pijn. Hier had ik een van de grootste levende dichters te logeren. Een man, even oud als ik, maar met oneindig veel meer kennis van zaken wat poëzie en levenservaring betrof. Uit een ver land met een enorm verleden en een rijke cultuur en ik was bezig een vriendschap met hem op te bouwen. Ik had nog zoveel van hem kunnen leren en ik was daar ook aan toe. En nu was dit hele perspectief weggevallen door een incident dat waarschijnlijk vermijdbaar was geweest.’

Veel later sou sy ‘n ‘heel mooie, mistige’ kaartjie van hom uit Venesië ontvang met die woorde: ‘Am I forgiven? Nonchalantly yours, Yossif.’

Sy vertel dat haar subliemste momente op Vogelwater in die somer beleef word ‘als ik na een dag van maaien onder de beukenpartij kan gaan zitten om er de maaltijd te gebruiken, een glas goede wijn te drinken en mijn ogen te laten rusten op een landschap dat door mijn eigen inspanningen op zijn allermooist is.’

Die volgende dag loop ons deur bosse, langs stroompies, in die duine en op die strand, ry van dorpie tot dorpie in die omgewing, gaan kyk na die huis van Roland Holst wat nou ‘n skrywershuis is waar skrywers teen ‘n billike tarief mag bly om te werk. Terwyl ons die aarde opsnuif, lees ons ook in ‘De aarde, de aarde’ en kom af op iets wat my heeltemal wegruk uit die magie van die sprokiesagtige Bergen en omgewing, en my tot stilstand bring: op p.35 ‘n gedig aan Ingrid Jonker waarin die hartseer geskiedenis van Suid-Afrika ego… Sharpeville en dit wat in die volgstroom van Sharpeville gebeur het. En plotseling is niks meer net in magiese afsondering nie, alles is op ‘n manier met mekaar verbonde soos die onafskeidbaarheid van elke boom met sy eie donker skaduwee. Oor kontinente en tydperke heen vind skrywers en kunstenaars mekaar, kring die kuns en die geskiedenis uit. Niks staan ongebonde of alleen nie.

AAN INGRID JONKER (1933-1965)

 

Een dichter was je net als ik, geen dichteres

en lange tijd was je hier onbekend.

De wetten van je vader teen die swartmens

hielden ook jou apart – van ons met name.

Totdat je werk, dankzij Mandela, eindelijk openging.

 

Wij zijn familie, hebben voorvaders en strijdbaarheid

gemeen, wij spreken zustertalen. Over het wonder

van de jouwe ben ik nog steeds niet heen,

van afskeid, bitterbessie en die kind, wat

doodgeskiet is bij Nyanga deur soldate.

 

Dat kind dat nu op reis is langs de noordrand

van je continent, waar jonge mensen overal

hun vrijheid eisen. Terwijl jij voor de tweede keer

Europa doet, glansrijk gedragen door de

Zwarte Vlinders, die je doen herrijzen.

 

So besing Elly vir Ingrid, en laat sy ons Sharpeville en Nyanga onthou.

Skaars ’n paar dae tuis en ek loop hierdie op die internet raak: Frederique Spigt wat vir Elly en Marijke sing (met weer eens die eggo van Afrika in die agtergrond, hierdie keer in die vorm van ’n kunswerk van Marlene Dumas teen die muur agter Elly):

http://www.youtube.com/watch?v=CS6cujk1Vi8&feature=player_embedded

 

Elly de Waard. Gedicht aan Ingrid Jonker

Thursday, April 28th, 2011

Ingrid Jonker was in Nederland pas laat bekend. Dit heeft zonder twijfel te maken met het culturele isolement waarin Zuid-Afrika tijdens de periode van de Apartheid verkeerde.

Ingrid Jonker

Ingrid Jonker

Pas in 2000 verscheen er een eerste keuze uit haar gedichten die vertaald was door Gerrit Komrij. Minstens even belangrijk aan deze uitgave, die onder de naam Ik Herhaal Je bij Uitgeverij Podium in Amsterdam verscheen, was dat zij voorzien was van een schitterend en uitvoerig ‘Nawoord’ over de dichteres van  Henk van Woerden. Daardoor werd meteen veel meer bekend over Ingrid Jonkers leven en werk. Deze informatie werd nog kracht bijgezet door de televisie-documentaire Korreltjie niks is my dood die, eveneens naar een scenario van Henk van Woerden, in 2001 gemaakt werd door Saskia van Schaik.

Deze beide gebeurtenissen, het boek en de televisie-uitzending, met als spil de schrijver Henk van Woerden, vormen weer de basis waarop de film Black Butterflies van Paula van der Oest rust. Met de Nederlandse actrice Carice van Houten, als Ingrid Jonker, en Liam Cunningham als Jack Cope. De bekende Nederlandse acteur Rutger Hauer speelt de rol van Ingrids vader.

Net voor de film in roulatie kwam wijdde het Amsterdamse Women Inc, dat zich beijvert voor alles wat zakelijk, politiek en cultureel met vrouwen te maken heeft, haar maandelijke grote Talkshow aan de film en Ingrid Jonker. De regisseuse en hoofdrolspeelster kwamen uitvoerig aan het woord, evenals nog tal van anderen. Ikzelf was gevraagd om een gedicht van Jonker voor te lezen en een van mijzelf. Tussen de vele optredens en discussies tijdens deze bevlogen avond werden fragmenten uit de film gedraaid.

In de discussie was onder meer Ingrids gedicht Die Kind ter sprake gekomen. Het werd daarbij steeds gekoppeld aan de tragedie die in Nyanga heeft plaats gevonden. Bij de inleiding tot mijn eigen optreden wees ik erop dat het gedicht ook een veel algemenere betekenis heeft. Dat het nog steeds toepasselijk is en nu bijvoorbeeld gebruikt zou kunnen worden voor de opstanden die in het noorden van Afrika en in de Arabische wereld plaats vinden.

Dit idee bleef in mijn hoofd rondspoken en uiteindelijk schreef ik, aan Ingrid Jonker eigenlijk, het volgende gedicht. Het werd geplaatst op de website van Women Inc en op 29 maart zette ik het op mijn eigen weblog http://ellydewaard.blogspot.com  

 

INGRID JONKER (1933-1965)

 

Een dichter was je, net als ik, geen dichteres.

En lange tijd was je hier onbekend.

De wetten van je vader teên die swartmens

hielden ook jou apart – van ons met name.

Totdat je werk dankzij Mandela eindelijk open ging.

 

Wij zijn familie, hebben voorvaders en strijdbaarheid

gemeen, wij spreken zustertalen. Over het wonder

van de jouwe ben ik nog steeds niet heen,

van afskeid, bitterbessie en die kind, wat

doodgeskiet is by Nyanga deur soldate.

 

Dat kind dat nu op reis kan langs de noordrand

van jouw Afrika, waar jonge mensen overal

hún vrijheid eisen. Terwijl jij voor de tweede keer

Europa doet, glansrijk gedragen door je film,

de Zwarte Vlinders die je doen herrijzen.

 

(ELLY DE WAARD, 2011)

 

 

(Biografiese besonderhede:)

Elly de Waard

Elly de Waard

Elly de Waard, Bergen N-H, 1940  Opleiding: Gymnasium, Universiteit van Amsterdam/Nederlandse Taal & Letterkunde.

Woonde 12 jaar, tot aan zijn dood, samen met de dichter/schilder Christiaan Johannes van Geel (1917-1974).

Beheert de nalatenschap van Van Geel en publiceerde of deed daaruit nog publiceren een aantal bundels en overzichtsuitgaven. Was van de jaren zestig tot midden jaren tachtig pop-criticus en recensent van dagblad De Volkskrant en weekblad Vrij Nederland.

Vanaf 1977 dichter en poëziecriticus. Publiceerde bij De Harmonie in Amsterdam 16 bundels, waaronder enkele met keuzes op thema.

Laatste bundel, In het Halogeen verscheen in 2009. Eenzang Twee (1993) werd genomineerd voor de VSB-prijs, de grootste Nederlandse prijs voor poëzie.  Elly de Waard schrijft geladen en lyrische gedichten, die opvallen door een geavanceerde metriek.