Posts Tagged ‘Elmar Kuiper gedigte’

Elmar Kuiper. Twee gedigte (Het ondier; Eenzaam)

Monday, December 30th, 2013

Het ondier

  

Het laatste licht zwerft langs de kozijnen.

Het ondier oefent zijn kauwspieren en gromt tegen de angst.

De avond wast haar vingers.

De nacht gooit een handdoek in de ring van de uitgetelde bokser.

Op kousenvoeten sluipt het dode lichaam in zijn nieuwe gedaante.

Zo stevig te staan is geen kattenpis.

Zomaar te beweren dat de wind iets aanwakkert.

Langs de kozijnen zwerft het laatste licht.

 

Mist legt een kalme hand op duizenden schouders.

Help me, nikker.

Red me, melkfles.

Herstel, broeder, herstel.

De ochtend wankelt.

Wist ik het maar.

Gedwee, als een grote gele kleuter, schuift de zon mee.

Het ondier oefent zijn kauwspieren en gromt tegen de angst.

Het oude duister wuift onder de kozijnen.

Iets wakkert de wind aan.

 

*

 

Eenzaam

 

 

Je ziet me vaag, schim

van wat ooit geweest is,

van wat nu moet zijn.

 

Je zegt, we delen

 

het litteken, het duel,

waarbij ons paard

het leven liet.

 

Wat ben je stil? Is het steekspel

tussen schaduw en licht beslist?

Kleeft het duister aan je lippen?

 

Je mist me.

Ik blijf een schim. 

Het paard bleef achter.

 

Eenzaam is nu

de strijd die ik voer.      

 

Zo eenzaam

 

als het paard

dat jij huilend

instopt,

 

terwijl mijn gehinnik

voorbeeldig

in zwijgen overgaat.

 

© Elmar Kuiper / 2013

 

Elmar Kuiper. Do wiest der ek/ Jij was er ook

Wednesday, December 18th, 2013

Do wiest der ek

 

Doe’t ik hymjend kaam 

seach ik oeral leave bisten

mei hoarnen op ’e kop.

 

 

Se hiene bylkjende sturten, fluwielen earen

en har tosken flûnkeren. Sêft as simmerrein

miggelen de wurden út har mûlen. Elkenien

hie humor en moederaasje. Nimmen woe

wat betsjutte, it hert wie grut as de oseaan.

 

De pine nestele net as in tryste fûgel.

Yn it brein bile noch de âlde stoarm, mar lilk

aardigens joech har al del as in skoathûntsje.

De bisten eagen sûn en glimken

folslein gelokkich.

 

Do wiest der ek, gnúfdest my oan en wreaust

 mei dyn hoegen oer de lichte, triljende ierde.

 

* 

 

Jij was er ook

 

Toen ik hijgend kwam

zag ik overal lieve beesten

met hoorns op hun kop.

 

Ze hadden schitterende staarten, fluwelen oren

en hun tanden flonkerden. Zacht als zomerregen

miezerden de woorden uit hun monden. Iedereen

had humor en mededogen. Niemand wilde

iets betekenen, het hart was groot als de oceaan.

 

De pijn nestelde niet als een trieste vogel.

In het brein ging de oude storm nog tekeer, maar boos

aardigheid kwam al als een schoothondje tot bedaren.

De beesten oogden gezond en glimlachten

volslagen gelukkig.

 

Jij was er ook, beloerde me en wreef

met je hoeven over de lichte, trillende grond.

 

(Vertaling Elmar Kuiper)

© Elmar Kuiper / 2013

 

Elmar Kuiper. Foto: Haije Bijlstra

Elmar Kuiper (1969) is actief als schrijver van gedichten en toneel. Hij is daarnaast ook beeldend kunstenaar, performer en filmmaker en werkt af en toe als invalkracht in de psychiatrie. Kuiper schreef drie Friestalige bundels: Hertbyt / Hartbijt, Ut namme fan mysels / Uit naam van mijzelf en Granytglimkes / Granietenglimlachjes en publiceerde in het Nederlands de bundel: Hechtzwaluwen (Uitgeverij Augustus). Ook verscheen er een tweetalige bundel onder de naam: Roep de rottweiler op! / Rop de rotweiler op! Zowel Kuipers Friese als Nederlandstalige poëzie werd genomineerd voor het beste debuut, respectievelijk voor de Fedde Schurerprijs (2005) en de Cees Buddingh’prijs (2010).

Ut namme fan mysels werd geselecteerd voor de Frankfurter Buchmesse in het kader van ’10 books from Friesland’. Filmmaker Pim Zwier maakte een cinematografische, poëtische en intieme documentaire over de ontstaansgeschiedenis van een gedicht en volgde Kuiper tijdens het werkproces: http://www.memphisfilmtv.com/oerdak-gedicht-in-wording/ Volgend jaar verschijnt Kuiper zijn tweede Nederlandstalige bundel: ‘Ruimtedier’ bij Uitgeverij Atlas/Contact.