Delphine Lecompte wen belangrike prys

De dieren in mij

De dieren in mij

In gister se Nuuswekker het ek melding gemaak van die Vlaamse digter Delphine Lecompte (°1978) se optrede tydens die Felix Poetry Festival in Antwerp as een van die digters wat deur Gerrit Komrij beskou word as een van die belangrikste “nuwe stemme”. Nou ja, sy kon haar toe op daardie befaamde verhoog betree met die wete dat haar debuutbundel De dieren in mij, wat deur De Contrabas uitgegee is, pas met die gesogte C. Buddingh-prys vir beste debuutwerk bekroon is.

Volgens die commendatio is haar bundel “melodisch en ritmisch opgebouwd en men wil ze vertolken, niet omdat ze zich steeds opnieuw poëtisch openen, maar om greep te krijgen op al het bizarre dat zich ontrolt.”

Lecompte het haar soos volg oor haar eie skryfwerk uitgelaat: “Ik probeer te schrijven zoals Tom Waits zou schrijven, moest hij een Belgische vrouw zijn met het Nederlands als moedertaal, een Belgische vrouw met kleptomanische neigingen, pernicieuze therapeuten, perverse buren, een moeder als nemesis, een graatmager lijf en een dubieuze grijns. Om nog maar te zwijgen van haar fabelzucht.”

Die prys beloop 1,200 euro en die aankodiging is eergisteraand tydens die Poetry International Festival in Rotterdam gemaak. (Lees NRC Handelsblad se berig hieroor.)

Via skakels op De Contrabas se webtuiste kan jy ook ‘n vroeëre onderhoud met Lecompte lees en ‘n biografiese skets vind. Vir jou leesplesier plaas ek onderstaande gedig.

***

Sedert gister is Pieter Hugo se digstring oor sy vers “Die honde”  geplaas. Ook is daar twee nuwe blog-inskrywings: Johann Lodewyk Marais trakteer ons op ‘n aantal stellings oor Eugène Marais terwyl Carina Stander besin oor Joseph Conrad se “Heart of darkness“.

‘n Vreugdevolle dag word jou toegewens.

Mooi bly.

LE

 

Ademloos

Toen je auto de tunnel indook
hielden we onze adem in
dat hadden we zo afgesproken
nog voor ik het licht aan het einde zag
had ik al opgegeven en driemaal mijn longen gevuld
maar zonder jouw adem naast mij
voelde het alsof ze werden gevuld met natte aarde.

Ademloos bereiken we de parking
van een vijandige meubelketen
waar je gerookte zalm op Zweeds brood kan eten
terwijl je kinderen of die van een ander
verdrinken in een bad van ballen
of simpelweg worden meegelokt.

Je kocht een sofa voor je dochter
die alle mysterie uit haar leven heeft gebannen
en dus werkt aan winsten op varkenskoteletten
het werd een beige sofa met rode spikkels
waar je geen aanstoot aan kan nemen.

Op de terugweg werden we bevangen
door smog en weemoed
jij door smog
ik door beide.

(c) Delphine Lecompte (Uit: De dieren in mij, 2009: Uitgeverij De Contrabas)

 

Bookmark and Share

Comments are closed.

  •