Carla Bogaards. Drie gedigte (Kinderzweet als ochtenddauw; Afrika; Fernando Pessoa)

Kinderzweet als ochtenddauw ik houd hem vast kleiner Junge huil je 

om de ezels droefheid in je lijfje -ach de ezels-

zijn moeder ze legt haar handen over  haar borsten haar buik haar eigen droefheid

om wat verloren ging de aanvaarding ervan dit gaat niet meer over waarheen

de wind mij voert of misschien gaat het over de schelp en de parel

de madonna en de paarlemoeren ongerijpte vrucht als een teerhartig windje

maar luister wat werd gezegd in het gedicht vis vis dit keer gaat het over de kleine vis

verdwaalde vis vis kleine vis  die zwemt in al wat water is liet zich heeft laten meevoeren

in al zijn vergankelijkhgeid-

mijn jongste zoon hij heeft het wel gered, die kleine Tibetaanse monnik gewikkeld

in een oranje doek zijn lichaam uit honingraat gekneed, lieve heerbeestjes

hollen over zijn handjes breken brooddronken door het glas van de vensters-wat wil ik vertellen over

wat bestaat en niet meer bestaat-echter vraag ik me ook af –ach de droefheid om de ezels als het kind

huilt, ach mijn borsten zijn koud

 

die ene vraag stel de waarde ervan vast

wat weet het kind over de ezels het lot de kleine vis de schepping en het verdwalen ervan.

 

*

 

Afrika

 

Zeg me slachter

Voor het ding een vloek wordt

Voor je nog slechts bij monde

Van graven

Voor de herrezen gevangenen van Afrika mag pleiten

                                    Breyten Breytenbach                 

 

Een gedicht over de leugen van de oorlog

 

Arme verslagen boeren en die arme Paul Kruger,

stokdoof, toegejuicht door het vaderland, hoort hij niks.

Oorverdovend het lawaai, een jamboree, hoezee,

Oranje boven, een soort vervangende strijdkreten

Hollanders voor Hollanders, bloedgroepen.

 

Prins Hendrik praat keihard tegen Paul Kruger,

maar de man verstaat hem niet,

Prins Hendrik vertelt absoluut niets belangrijks,

niets, hij blijft schreeuwen,

in het Duits, hij is een Duitser.

 

Verloren strijd tegen de Engelsen, maar toch gelauwerd.

Schaamteloze imperialistische belangen tegen

Nederlandse stamgenoten, berichtte de pers,

de boer als geus, heldenvolk.

En Paul Kruger als held voor een onafhankelijk land,

zijn aan de wilden ontworstelde land! Bidt voor hem!

 

Branden en moorden, krankzinnige uitbarstingen van geweld,

Engelsen tegen Nederlanders,

alsnog eisen we een excuus,

en alsnog moeten winnaar en verliezer op de knieën

en de goede God om vergeving smeken

en de zwarte bevolking van Afrika om vergeving smeken,

branden zullen we anders in de hel,

stikken in de droesem van onze idiotie.

 

Maar wie werd de schandvlek aangewreven.

Zochten de Britten de onverzoenbaarheid bij zichzelf?

De Jood, het gistte in Engeland, de Jood,

schreeuwden de krantenkoppen,

hij droeg de schuld, hij financierde de oorlog.

 

Wij wassen onze handen in onschuld, niet wij, niet wij,

De Jood, De Jood,

kruisigde zijn eigen Verlosser,

en is bezig een Engels-Hebreeuws rijk te stichten,

“streching from Egypt to cape Colony.”   

 

En wij, brave Hollandse borsten en boeren,

gegeseld door de hand van wie, het lot? God?

De Britse legers die plaatsvervangend ons lieten branden?

En ik? Moeder van mijn zoons.

 

Ik ben een vrouw.

Bang voor oorlog, huilend om oorlog.

Cynisch over oorlog, nooit meegemaakt oorlog.

Radeloos over de duif van vrede

 

die zeker neergeknald zal worden. 

zijn sidderende rondwarrelende veertjes

zal ik in mijn handpalmen opvangen

in een sloop stoppen

mijn hoofd erop vlijen

en mijn begoochelde paradijs-slaap dromen.

 

 

04/12/1900

28/01/1999 

 

© Carla Bogaards

 

 

*

 

 

Dit is de dag van de vechtende honden, schrijft niet Fernando Pessoa al

“op een buitensporig duidelijke dag” waarop hij de waarheid vindt

omdat hij niet uit vinden gaat, zoals mijn vinden van de waarheid

plaats vindt op de dag van de grauwende vechtende honden ze wilden alleen maar blaffen

en huilen tegen de maan de witte verscholen maan waar de duivel uitspringt

als je de waarheid niet spreekt, Fernando Pessoa schrijft dat hij de waarheid vond

zonder denken of bij stilstaan, zoals de honden die blaften en vochten

tegen de maan huilden zonder denken of bij stilstaan, al zo vaak

hebben we zulke dingen overleefd, willens en wetens het nekschot veronachtzamend

 

het blijkt een noodzakelijkheid te zijn van wat zich wel het mysterie van het leven

laat noemen, sinds kort is er een kind dat zich de zoon des huizes mag noemen

zoals mijn zoon die naam kreeg als eerstgeborene. Mijn man kwam naar hem kijken

en ik omhelsde hem, ik zei niet, dit is ons kind, ik zeg het wel tegen het kind

je bent van mij je moeder heeft je gebaard en je bent van mij kind wees in mij.

Pas op deze buitensporig duidelijke dag, zoals Pessoa schrijft vind ik de waarheid

niet in gesloten kamers niet in het trappenhuis van een kazerne misschien vind je daar de staart van

de hond,

 

of de zilveren sigarettenkoker van pappa, misschien vindt je de echo van hondengeblaf

de waarheid is dit kind, god de vader had een zoon, en wie kent niet het verhaal

van de verloren zoon, ik zeg je, je kunt er beter een verhaal van maken,

 

             auf Wiedersehn groet ik de ober hij staat naast mij

             de schildknaap toen ik in de tuin van een Berlijns restaurant

             waar ik dineer Auf Wiedersehn wij glimlachen naar elkaar samenzweerderig

             in het halfduister de tuin met slechts enkele fruitbomen.

            Slimmerik, het was de tuinman, de dood met zijn geblankette gezicht

wordt een poets gebakken . Ja en nee, de dood toont soms compassie,

of is ordinair corrupt.Vanwaar speelt de dood een rol  in dit verhaal,

van zijn kant de rebel willen uithangen, let me jump in your game

 is zijn motto,wel of niet een geslaagde poging kikvors na te volgen?

Einde verhaal.

 

 

Zoon van mijn zoon je moeder haar ogen donker als de mijne

haar tred  licht als van een jong meisje haar gestalte is rank

haar enkels smal,  haar brede wenkbrauwboog 

als van een jong meisje, de waarheid is gevonden, helder zonnig weer

alleen gesjirpt van mussen dringt tot mij door als de honden uitgeput hun geblaf staken nergens slaat

een gevechtsvliegtuig tegen de grond

 

de honden zouden zijn gedood en de waarheid hadden zij met hun hijgende ademhaling ingeslikt

maar Fernando Pessoa schrijft dat een werkelijke samenhang

een ziekte van ons denken is..        

 

 

© Carla Bogaards

 

Carla Bogaards

Literaire publicaties: romans, dichtbundels, korte verhalen, en tal van bloemlezing met nieuw werk. Biografie over de bekende  Amsterdamse schilder Jan Sierhuis.

*Catalogi schrijven van bekende  beeldende kunstenaars, o.a. Sam Drukker , Corneille.

  • De roman “Meisjesgenade” is vertaald in het Frans, met een omslag van Corneille. Een aantal essays staan op de website www.CarlaBogaards.nl,
  • Tevens filmpjes van voorgedragen (nieuwe)gedichten.
  • Fameuze optredens met musici, daarvoor ook gelauwerd.
Bookmark and Share

Comments are closed.

  •