Posts Tagged ‘Dichter des Vaderlands’

Louis Esterhuizen. Charles Ducal ingehuldig as Belgiese Dichter des Vaderlands

Thursday, January 30th, 2014

Gister is Charles Ducal (foto) as België se eerste amptelike Dichter des Vaderlands ingehuldig. Hierdie stap volg natuurlik in die spore van die Nederlandse voorbeeld en het as oogmerk om al drie amptelike Belgiese tale te bedien. Die idee is dat die Vlaamssprekende Ducal na sy tweejaardienstermyn deur ‘n Franssprekende digter opgevolg sal word. Volgens die amptelike persverklaring, die volgende: “Charles Ducal krijgt de eer om het project af te trappen als eerste officiële Dichter des Vaderlands. Hij wordt aangesteld voor twee jaar en schrijft minimum zes gedichten per jaar over diverse thema’s die ons land aanbelangen. Alle gedichten worden in samenwerking met het Vertalerscollectief van Passa Porta in de drie landstalen ter beschikking gesteld.”

Met sy inhuldigingsrede het Ducal sy nuwe amp onder andere soos volg gemotiveer: “”Voor ons, organisatoren, dichters, vertalers en iedereen die erbij betrokken is, is de functie van Dichter des Vaderlands een daad van welbegrepen eigenbelang, een kans voor de poëzie om haar bestaansrecht te verdedigen als evident, tegen alle lauwheid en minimalisering in […] In een klimaat waarin eng nationalisme het ene landsdeel tegen het andere uitspeelt, wil ik mijn functie in het teken stellen van de solidariteit tussen Vlamingen, Walen en Duitstaligen. Ik wil alvast voormezelf en hopelijk ook voor anderen de muur tussen Wallonië, Vlaanderen en Duitstalig België slopen en mijn schuldig verzuim aan interesse voor de cultuur en de literatuur in onze andere landstalen een beetje goedmaken.

Oor Charles Ducal het Versindaba al dikwels berig. Tik gerus sy naam by die soekblokkie in regs bo en lees meer oor hom indien dit jou interesseer.

Vir jou leesplesier volg Charles Ducal se eerste amptelike gedig hieronder.

*

 

Woord tegen woord

 

Van alle woorden zijn de onze de zwakste,

al liggen zij ontegensprekelijk in de mond.

Niemand verhoort ze, niemand verkracht ze.

Zij kussen de sterren, zij hebben geen grond.

Andere woorden bewegen armen en benen,

vullen schedels, ontsteken de keel.

Een mes in de rug kan vertaald als een streling,

een schop in de buik als noodzakelijk verkeer.

Het andere woord rijmt niet, het bewijst zonder meer

dat de werkelijkheid strookt met uw krant.

Het drukt op uw ogen, de startknop van uw tv,

en licht op. Het maakt ons duister en bang.

 

(c) Charles Ducal

 

Annemarie van Niekerk. Dichter des Vaderlands

Friday, February 1st, 2013

Anne Vegter/ Foto Roger Cremers
 

As mens jou land verlaat vir ’n ander een, soos wat ek byna ʼn dekade gelede gedoen het, en jy moet jou eie bed onder ’n vreemde vlag of boom of embleem of lied opmaak, voel jy maar bedremmeld. Met nie een van die nasionale tekens van identiteit kan jy jou werklik vereenselwig nie. Jy bly maar verlang na die ligroos fluweelblare van die protea, die grasie van die bok se spring, die knop wat in jou keel kom elke keer wat jy Nkosi Sikelele Afrika hoor. Jou bed bly spreekwoordelik koud.

Maar toe, op ’n dag, vind ek uit dat Nederland nie net ’n nasionale vlag, nasionale lied, klompe, windmeulens en tulpe het nie, maar ook ʼn ‘Dichter des Vaderlands’. Dit was ’n mooi dag. As ’n land ʼn behoefte aan ’n nasionale digter het sê dit iets wat die hart van iemand wat van woorde hou summier sag maak en haar bed warm. Want soos Ramsey Nasr, die pas afgetrede Dichter des Vaderlands dit stel ‘ik ken een struik van poëzie, een veilig brandend braambos / om in weg te schuilen”. Die boodskap was vir my hartverwarmend: poësie behoort hier nie net aan ’n uitgelese groepie literatuurliefhebbers nie, nee, dit behoort aan ons almal. En dit is goed om te weet.

Elke vier jaar word daar ’n nuwe Dichter des Vaderlands aangewys. In die verlede was dit deur publieke stemming, maar vanaf vanjaar is dit met benoeming van ’n kommissie, om te voorkom dat digters groot promosie-veldtogte van stapel stuur. Byna soos die Britse Poet Laureate is die funksie van die Dichter des Vaderlands om oor gebeurtenisse of sake wat van landsbelang is poësie te maak… ʼn soort digterlike volkskommentaar op dinge wat die mense na aan die hart staan.

Toe ek net hier aangekom het was Gerrit Komrij (1944-2012) die nasionale digter en het in sy termyn, behalwe vir gedigte skryf, ook ’n poësieklub gestig, die tydskrif ‘Awater’ begin en ’n sg. Sandwich-reeks waarvoor hy gedigte van beide vergete en nuwe jong digters geselekteer het. Daarna was Driek van Wissen (1943-2010) aan die beurt, gevolg deur Ramsey Nasr (1974).  Die keer toe Nasr verkies is, het meer as 20 000 mense gestem waarvan twee-derdes selfs motiverings vir hul keuses aangedui het! Ook Nasr het sy funksie mooi ingevul deur ’n CD-reeks uit te bring waarop hy ’n seleksie uit die Nederlandstalige poësie voordra, en daarby het hy ook ’n versameling verfilmde gedigte uitgebring.

Die stem van die digter mag nie eentonig of voorspelbaar word nie, elke vier jaar word ’n nuwe aangewys. Gister, Donderdag 31 Januarie, ‘Gedichtendag’, was die dag waarop die aflosstokkie weer aangegee is. Om presies 12:30 is daar aangekondig dat die Rotterdamse digter en kinderboekskrywer Anne Vegter (54) by Ramsey Nasr oorneem.  Die kommissie wat haar benoem het se verslag sluit af met die woorde: “Vanwege haar open blik en indringende taal, omdat zij een brug kan slaan naar theater en beeldende kunst en omdat ze ook kinderen voor zich zal weten te winnen, is Anne Vegter de perfecte Dichter des Vaderlands”

Tog is almal nie eens met die keuse nie, want Vegter se gedigte is meesal ontoeganklik en moeilik om te begryp. En moet ʼn digter wat hierdie rol vervul nie juis maklik verstaanbaar wees nie? Vegter se kommentaar hierop: “Ik wil als Dichter des Vaderlands graag direct begrepen worden. Daar moet ik me in oefenen. Het spannende is of ik de dichter kan blijven die ik ben.” Sal maar moet wag en sien.

Vegter neem oor by Nasr in dieselfde week wat Koningin Beatrix aankondig dat sy binnekort die aflosstokkie gaan oordra aan haar seun, Willem Alexander. Niemand was dus verbaas dat die eerste gedig wat Vegter in haar nuwe kapasiteit geskryf het, ’n gedig was oor die aangekondigde aftrede nie:

GEBED VOOR IEDEREEN

Nog trekt het zich terug als in twee vuisten, reculer pour mieux sauter.

Nog lift het vrolijk mee als op het stuur van een weesfiets, zwenkt uit.

Nog loopt het mee in de optocht van iedereen, het spreekt verdwenen taal.

Nog verstopt het zich in geluidsfragmenten, applaus en partituren.

Nog nestelt het gebed zich in het Nederlands en biedt royaal onthaal.

BENG! KLEDDERRRRR! KLENG!

Een opstelling van stokken en tomaten, stenen uit de straat, de verf.

Tongen die spugen op gebed: „Niet buigen broddah! Strek je op!”

Wereldvreemden die maar wat floepen: „Wie de staat kent, kent zichzelf.”

Nieuwe talen zingen, roepen: „Niks kebed, suster, komt niet koed.”

Daar de mening, hier de uitspraak. Het Laatste Oordeel is bankroet,

roept uit nood en overvloed. Het kruipt door puin en bloeit op stank.

Hecht zich aan honger en verruilt een koninkrijk voor voedselbank,

kijkt, verwart, merkt op. Niet schadevrij, er heerst het schrale tij.

Het lacht en lijdt maar in gelijke mate, dat is de vrijheid van de poëzie.

Bemint een land uit een verlangen naar dat land: gebed laat liefde vrij.

LEVE

majesteit boven dit krachtenveld. Zo’n spiedend oog over de dijk.

Het soort alwetendheid ten dienste van het Crisisrijk. Verheft

in majesteit saamhorigheid tot kunst. Zo dus. O lieve koningin

die levenslang het hele land voorbij zag gaan, nu mag het zomaar,

lekker zomaar in de rij gaan staan.

[Anne Vegter]

Toe Vegter gevra is wat sy beoog met haar termyn, was haar antwoord: “Dat elke Nederlander tien gedichten uit zijn hoofd kent.” En ʼn ander idee van haar is om elke seisoen ʼn gedig te publiseer wat as spreekkoor geleer kan word. En dan met behulp van ʼn regisseur filmpies te maak met instruksies, dit op YouTube te sit en dan ʼn flashmob te organiseer waarby minimaal 500 mense bymekaar gebring word. Ook wil sy poësie die klaskamer inbring, dit deel van kinders se alledaagse bewussyn maak.

Ramsey Nasr (1974) het met ʼn gedig afskeid geneem:

hier komt de poëzie

 

als je haar begint te schateren, als je blauwhuis zacht voelt naderen

als je plots dit vers verstaat, naar buiten gaat, waar alles slaapt

behalve de tuinman, die je bloemen vrolijk platspuit met zijn slang

als je paukenhart zich stilhoudt, als je lichaam langzaam afgaat

als de hele wereld dwerrelt – dan begin de poëzie.

als de zon opkomt als een insect en niets dan duizendpoten uitstrekt

als je schreeuwt uit zeven kelen, rondwandelt in brood

als je mensentaal moet bakken van de dood, pap vreet van oude peppels

als die oerknal tegenvalt, en ook je almacht doet het niet

als je pantserschild ineenstruikt – dan begint de poëzie.

dan vind je wrakhout, troost noch tweede kans

dan helpt er niets – hier zijn geen kolibrietjes uit te delen

niemand zal je leren drijven en er is geen lief dat blijft

er is alleen maar poëzie: om te loeien dat het pijn doet

deze heimwee stuk te knijpen, leeg te lopen zonder bloed.

ik ken een struik van poëzie, een veilig brandend braambos

om in weg te schuilen en ons allebei steeds verder

om de tuin te leiden. kom, ik zal je goed verwijderen.

wij horen hier niet, maar ik heb wanhoop en papier.

waar niemand ooit nog thuiskomt, daar begin de poëzie.

[Ramsey Nasr]

Alhoewel Anne Vegter se poësie soms duister kan wees, is haar idees oor die waarde van poësie helder: “In poëzie kun je het vrije denken beoefenen. In poëzie kun je radicaal en creatief zijn. Poëzie is een gereedschap om naar de werkelijkheid te kijken.”

            Sy’s reg, poësie is inderdaad ’n voertuig waarmee mens in ’n ander taalwerklikheid kom: “Onze cultuur wordt gedomineerd door een zakelijke vorm van taal, een politieke taal. De verbeelding, die ooit aan de macht zou komen, wil ik beschermen. Dat is althans het eerste waar ik belang aan hecht in mijn functie van ambassadeur van die poëzie. Vrijheid proclameren en verwarring zaaien!”

Miskien tyd vir ’n Dichter des Vaderlands vir Suid-Afrika? Klink vir my na ’n pragtige idee, om met woord en ritme ons seer land te besing, poëties te wieg wanneer saaklike en politieke woorde te kort skiet, wakker te roep as dit tyd is om te weet en te wonder. Suid-Afrika het van die mooiste digters ter wêreld, ons het die pragtigste klinkende klankryke tale, pryssangers is hier so oud soos die berge, ʼn orale tradisie wortel ons diep en kragtig in die woordkuns, en met ritme word ons gebore.  Die idee van ’n vaderlandse digter pas ons soos ’n handskoen. Of gryp ek na laaste grashalms?

Annemarie van Niekerk

ANNEMARIÉ VAN NIEKERK woon en werk in Den Haag en Amsterdam. Sy is boekresensent by Trouw, wenner van die European Newspaper Award 2012. Sy doen ook vryskutwerk vir Suid-Afrikaanse koerante en tydskrifte, manuskripkeuring en -redigering en vertaalwerk. Sy is medewerker by Tydskrif vir Letterkunde. Voor haar verhuising na Nederland was sy universiteitsdosent in Suid-Afrika en redakteur by Kwela Boeke in Kaapstad. Sy is die samesteller van drie verhaalbundels: Raising The Blinds – A Century of South African Women’s Stories (1990), Vrouevertellers 1843-1993 (1994) en The Torn Veil. Women’s Short Stories from the Continent of Africa (1998).

In 1999 voltooi sy haar PhD by WITS. Sy lewer verskeie bydraes tot akademiese publikasies, waaronder die mees onlangse Edinburgh University Press se “A Historical Companion to Postcolonial Literatures: Continental Europe and its Empires”. Hiervoor het sy meegewerk aan die afdelings: “The Netherlands and its Colonies”, “Anti-colonial Resistance”, “Creolisation and Creoleness”, “Critique of Imperialism/Anti-colonialism”, “Narratives of Empire”, “Race and Language in South Africa” en “Women’s Histories”.

            Annemarié se skryfstudio in Amsterdam (www.amsterdamstudio.net) was al die werk- en rusplek van skrywers/kunstenaars soos Melt Myburgh, Lina Spies, Richard de Nooy, Marita van der Vyver en Gert Vlok Nel.

 

Louis Esterhuizen. Nederland op soek na hul volgende Vaderlandsdigter

Tuesday, December 4th, 2012

In Nederland het hulle nou reeds weer begin met die benoeming van hul volgende Dichter des Vaderlands wat op 31 Januarie 2013 tydens die Gedichtendag-vieringe ingehuldig sal word. Dit sal die vierde Vaderlandsdigter wees.

Met die nuwe aanwysing word daar egter drasties afgewyk van die proses wat aan Ramsey Nasr dié gesogte benoeming sedert 2009 besorg het. Waar die aanwysing vantevore op ‘n volksstemming berus het, is daar volgens die berig op De Contrabas besluit om eerder die kandidaat deur middel van ‘n verteenwoordigende benoemingskomitee te laat aanwys. Dié komitee bestaan uit die Maria Barnas, Arie Boomsma, Arjen Fortuin, Piet Gerbrandy, Kristien Hemmerechts en Mei Li Vos. Hulle sal bygestaan word deur Nasr en ook Bas Kwakman, teenswoordig die direkteur van Poetry International, as onderskeidelik adviseur en sekretaris.

 

Ramsey Nasr

Volgens De Contrabas se berig is die motivering vir dié nuwe benadering soos volg: “Aanleiding om de verkiezing te verruilen voor een benoeming is de sterke ontwikkeling die de functie sinds de introductie in 2000 heeft doorgemaakt. Het Dichterschap des Vaderlands is van ereambt geëvolueerd tot een in het oog springende functie met veel mogelijkheden om een breed publiek enthousiast te maken voor poëzie. De organiserende partners, NRC Handelsblad, Poëzieclub, Koninklijke Bibliotheek, NTR en Poetry International, juichen deze ontwikkeling toe en kiezen in het belang van de poëzie voor een objectieve, goed doordachte en afgewogen benoeming op basis van een vooraf vastgesteld profiel. Ook is de afgelopen jaren gebleken dat het aantal dichters dat bereid is Dichter des Vaderlands te worden veel groter is dan het aantal dichters dat campagne wil voeren of deel wil nemen aan een verkiezing.”

Uiteraard is hierdie ‘n uiters belangrike aanstelling wat met groot omsigtigheid (behoort) hanteer te word. Die posbeskrywing lees soos volg: “De Dichter des Vaderlands is ambassadeur voor de poëzie en initieert als zodanig projecten om kennis en enthousiasme voor de vaderlandse poëzie te bevorderen. Daarnaast wordt de dichter gevraagd zich middels poëzie te verhouden tot actuele (inter)nationale gebeurtenissen, cultureel, politiek, sportief of maatschappelijk van aard.”

Nou ja, toe. Klaarblyklik is daar heelwat digters wat belangstel (en hoop om benoem te word), ten spyte daarvan dat daar geen vergoeding aan verbonde is nie.

 

Keorapetse Kgositsile

Onlangs was ek bevoorreg genoeg om ons eie poet laureate, Keorapetse Kgositsile, te ontmoet; ‘n pos wat hy reeds sedert 2006 vul. Sjarmant en ‘n besonder dinamiese persoon is hy inderdaad, maar of sy pos enigiets te make het met die ontwikkeling van die inheemse digkunste, waanronder die Afrikaanse, is ernstig te betwyfel. 

Nietemin, by wyse van groet die volgende uitspraak deur “Bra Willie” (by gedagte aan ‘n vroeëre blog van Desmond Painter), gevolg deur ‘n gedig van hom: “In a situation of oppression, there are no choices beyond didactic writing: either you are a tool of oppression or an instrument of liberation.”

 

***

Random Notes to My Son

Beware, my son, words
that carry the loudnesses
of blind desire also carry
the slime of illusion
dripping like pus from the slave’s battered back
e.g. they speak of black power whose eyes
will not threaten the quick whitening of their own intent
what days will you inherit?
what shadows inhabit your silences?

I have aspired to expression, all these years,
elegant past the most eloquent word. But here now
our tongue dries into maggots as we continue our slimy
death and grin. Except today it is fashionable to scream
of pride and beauty as though it were not known that
‘slaves and dead people have no beauty’

Confusion
in me and around me
confusion. This pain was
not from the past. This pain was
not because we had failed
to understand:
this land is mine
confusion and borrowed fears
it was. We stood like shrubs
shrivelled on this piece of earth
the ground parched and cracked
through the cracks my cry:

And what shapes
in assent and ascent
must people the eye of newborn
determined desire know
no frightened tear ever rolls on
to the elegance of fire. I have
fallen with all the names I am
but the newborn eye, old as
childbirth, must touch the day
that, speaking my language, will
say, today we move, we move ?

 

© Keorapetse Kgositsile (Uit:  If I Could Sin, 2002: Kwela Uitgewers)

 

 

Louis Esterhuizen. Ramsey Nasr beoog projek om gedigte te verfilm

Friday, November 2nd, 2012

 

Volgens ‘n berig op Poetry International beoog Ramsey Nasr (foto), die huidige Dichter des Vaderland in Nederland, ‘n besonderse projek om die klassieke digkuns onder veral die jonger lesers te populariseer. Hy wil naamlik 20 verse uit die Nederlandse poësie-skatkis opdiep en verfilm; met die hoop dat dié films veral vir gebruik in skole geskik sal wees. Digters wat deur hom geoormerk is vir hierdie projek is onder andere Focquenbroch, Leopold, Van Ostaijen and Vasalis.

Poetry International beskryf die beoogde projek soos volg: “In filming these poems, Nasr will be taking an approach that focuses more on pure visual interpretation rather than direct representation of their contents. The poems will not be accompanied by an analytical text or an explanation, but instead each clip is a response from its creator and an interpretation of the poem on its own terms, aiming to elicit a unique interpretation in turn. This project aims to breathe new life into old poetry, and to bring that poetry to a new group of people.”

Die laureate self het sy projek soos volg gemotiveer: “Dichter Draagt Voor  is the name of a project that I have wanted to realise since I became poet laureate. The goal of this project is to get more people, especially young people, interested in poetry. The idea is based on my experience that a poem has a more direct appeal when it is read aloud than when it is simply read. All the assumptions that people have about poetry – difficult, elitist, spacey, incomprehensible – disappear like snow in the sun as soon as they actually hear a poem instead of having to read it themselves. For many readers it’s simply a way to get a handhold in a poem that sometimes lacks any punctuation. With these clips we can give them some semblance of comprehensibility: the poem will not become any easier, but they will no longer have to start from scratch. With these clips we want to bridge the gap to a new world of potential readers. As Poet Laureate, I would like to use this project as my way of leaving something behind.”

‘n Lofwaardige projek, inderdaad.

Vir jou leesplesier plaas ek een van my gunsteling (klassieke) gedigte uit die Nederlandse skatkis. En watter manjifieke film sal dié gedig nie maak nie!

***

Marc groet’s morgen de dingen

 

Dag ventje met de fiets op de vaas met de bloem

                                    ploem ploem

dag stoel naast de tafel

dag brood op de tafel

dag visserke-vis met de pijp

           en

dag visserke-vis met de pet

         pet en pijp

    van het visserke-vis

         goeiendag

 

D a a – a g vis

dag lieve vis

dag klein visselijn mijn

 

© Paul van Ostaijen

 

 

  •