Posts Tagged ‘Hans van den Waarsenburg’

In memoriam: Hans van de Waarsenburg (1943 – 2015)

Wednesday, June 17th, 2015

 

Hartseernuus vandag is dat Hans van de Waarsenburg enkele dae gelede in die ouderdom van 71 jaar oorlede is. Volgens Eindhovens Dagblad is die digter Sondagnag in Maastricht oorlede na ‘n kort siekbed. . Hy is in 1943 in Helmond (Nederland) gebore en het vyf digbundels sedert sy debuut in 1965  gepubliseer. In 1973 is sy bundel De vergrijzing met die gesogte  Jan Campert-prys vir poësie bekroon. In 2004 is die eerste Munisipale toekenning deur die Helmond stadsraad aan Van de Waarsenburg toegeken vir sy hele oeuvre. In die periode 1997 tot 2000 was hy voorsitter van PEN Nederlands en sedert 1997 president van die bekende  Maastricht International Poetry Nights.

In 2014 was Van de Waarsenburg een van die gewilde digters wat aan die Dansende Digtersfees by Spier Wynlandgoed buite Stellenbosch deelgeneem het. Sy entoesiastiese meelewing en ondersteuning van alles wat met die digkuns te make het, is iets wat ‘n mens nooit sal vergeet nie. Gewis is die digkuns soveel armer met sy heengaan …

Die foto heelonder is geneem tydens sy optrede in Protea Boekwinkel (Stellenbosch) saam met Breyten Breytenbach (links) en Georges Lory (middel).

By wyse van huldeblyk plaas ons een van die gedigte wat hy tydens die Danse Digtersfees voorgelees het.

Zuidwal

Midden op de Zuidwal
Tussen eeuwige lindebomen
– Waar zag men of bestond
verval? –
Is de jongen teruggekomen

Spelend met herfstbladeren
Sneeuw onder de klompen
Bloesem op het hoofd
Loopt hij door kniehoog
Beemdgras, spijkerpunthard

De pijlen, de boog schietklaar
Zoekt de jongen door de dagen
Struikelt wanneer hagel
Naar de tanden slaat, zeewind
Blaast en vol verzet water breekt

In zijn blauwvalies herinnert
De jongen wegen en scapulieren
Vroeg neon buigt er het glas van de
Droom, zondig speeksel tast in
Lommerrijke avonden. Alles ligt klaar

Op de Zuidwal: de zee, de reizen
De kazige schimmel van de nacht
De omkeerbaarheid van het woord
De luchtspiegeling van de dood
En altijd late nazang in het oor

Lippen vol kus en huidherinnering
Sluimeren, haken nog niet aan taal
Raken traag de binnenwand. Zo bedenkt
Hij haar, onstuimig, telkens weer
Terwijl kruitdamp vervliegt

De vader vult de glazen, de moeder breit
In treur. De jongen buigt de takken
Van de hemel. Even is hij terug
Verdwijnt in zichzelf en schemert
In een toekomst die zo lang verleden is.

© Hans van de Waarsenburg (21.07.43 – 15.06.15)

 

Breyten Breytenbach, Georges Lory en & Hans van de Waarsenburg (Foto: SlipNet)

 

 

 

 

 

 

 

 

  •