Posts Tagged ‘Universiteit Gent’

Yves T’Sjoen. Bijlichtingen van Afrikaanse literatuur: Korte nabeschouwing

Tuesday, December 9th, 2014

Yves T’Sjoen

 

Bijlichtingen van Afrikaanse literatuur: Korte nabeschouwing

 

“Waarhede is gepraat” – Dominique Botha, Valsrivier (Umuzi, Kaapstad 2013, p.201)

In Intieme vreemde. Een schrijfboek (aan mevrouw Lezeres), het eerste deel van The Middle World Quartet dat Breyten Breytenbach opdroeg aan de Nederlandse schrijver Henk van Woerden, staat de volgende reflectie geformuleerd over de kracht van taal en de magie van poëzie. Ik citeer uit Krijn Peter Hesselinks vertaling van Intimate Stranger. A Writing Book (2005).

Poëzie is liefde. Voor wat? Een liefde voor de ontdekking en viering van woorden, dingen, gevoelens, ideeën, onverteerde herinneringen, inzichten, anderen, je zelf, andere zelven, mysterie, zin, eeuwigheid, andere eeuwigheden, onzin, leegte, de walvissen en het schuim en de schaduw van gras op de berg, de botten die de hond in de tuin heeft begraven. Voor de liefde zelf. En ze is een verloving met al het bovenstaande. Ze is een daad van liefde (p.40-41).

Een volgend fragment in hetzelfde opstel ‘Waar gaat het over?’ is niets anders dan de gevolgtrekking uit deze beschouwing.

Beeld je alsjeblieft niet in dat poëzie een hippe manier is om iets anders te zeggen dan je bedoelt. Maak geen goedkoop raadsel van het gedicht. Wees geen gefronst voorhoofd in een zoektocht naar wijsheid. Er is al genoeg! Het gedicht is betekenis. Het gedicht is zijn eigen betekenis. Dichterlijke kennis wordt geboren in de diepe stilte van niet-begrepen verschijnselen, onuitgesproken gedachten en een buiten de wetenschappelijke kennis vallende lotsbestemming. Poëzie komt voort uit wat zich niet laat verklaren. (Of anders zal ze op zijn minst de sextant zijn die je in staat stelt ‘de wacht te houden over afwezige betekenis,’ zoals Maurice Blanchot zei.) (p.45)

Het gedicht laat zich inderdaad niet eendimensionaal en dus “goedkoop” ontvouwen. Het is in de bewoording van Breytenbach geen raadsel, of een te ontrafelen rebus zoals de literatuurwetenschapper Michael Riffaterre in Semiotique de la Poésie (1983) stelt. Een “zoektocht naar wijsheid” kan de poëzielezer alleen frustreren. Speuren naar begrip is jezelf iets wijs maken. Jezelf een rad voor de ogen draaien. “Het gedicht is zijn eigen betekenis”, en nog: “Poëzie komt voort uit wat zich niet laat verklaren”. Lezen doe je niet alleen met het verstand. Misschien vooral met het gevoel. Hier spreekt de dichter tot een exegeet.

Met deze meta-poëtische bespiegeling van een zelfverklaarde “woordvogel” en “windvanger” in gedachte hebben tijdens het symposium “die taal se stiltes” van het Gentse centrum voor het Afrikaans en de studie van Zuid-Afrika (Universiteit Gent) literatuurwetenschappers zich gebogen over de kracht van taal en de magie van poëzie in het Afrikaans. Eep Francken (Universiteit Leiden), Ena Jansen (Vrije Universiteit Amsterdam en Universiteit van Amsterdam), Luc Renders (Universiteit Hasselt) en keynote spreker Louise Viljoen (Universiteit Stellenbosch) presenteerden hun zienswijzen op uiteenlopende onderwerpen als Nederlandse referenties in Etienne van Heerdens roman Klimtol, de figuratie van huiswerkers in Bart Nel van J. van Melle en in het werk van Elsa Joubert en de jongste dichtbundel Mede-wete van Antjie Krog, de polyfonie als expressie van een mystieke ervaring in Die uur van die engel van Karel Schoeman én de “duistere” poëzie, of de fascinatie van de “uitwissing”, in het vroege werk van Breytenbach. Tegen het licht en dus bewust van Breytenbachs sceptische beschouwing over “wetenschappelijke kennis” en op begrip en exegese gefundeerde verklaringsmodellen etaleerden de letterkundige sprekers revelerende beschouwingen die weer aanleiding geven tot andere perspectieven en redeneringen. Want ook de benadering van literatuur is een uitdrukking van  creativiteit en biedt een idiosyncratische lezing die altijd weer openstaat voor herziening en herformulering.

Vanuit deze overweging hebben de organisatoren van de letterkundedag het laatste woord gegeven aan de dichters. In het namiddagprogramma is een brug gelegd tussen twee generaties, tussen Breyten Breytenbach en Charl-Pierre Naudé. De inspirerende tekst van de nieuw aangestelde eredoctor Breytenbach, ‘Van die os op die jas’, is vandaag te lezen op deze weblog.

In menig opzicht gaat Breytenbachs allegorische tekst over beweging en stilstand, leven en dood, dynamiek en inertie van denken een gesprek aan met notities die het vroegere zelf van de auteur in Intieme vreemde bundelde. Naudé las tot slot enkele gedichten uit onder meer Al die lieflike dade (Tafelberg, 2014) en toonde nogmaals aan dat met zijn poëzie een paradigmatische verschuiving in de Afrikaanse poëzie plaatsvindt.

Noten

Aantekeningen bij enkele referaten zijn na te lezen in de blog van Carina van der Walt op Versindaba:

De term in de titel van deze tekst refereert aan Bernard Dewulfs bundel Bijlichtingen. Kijken naar schilders (2001), waarin net als in Naderingen. Kijken & zoeken naar schilders (2007) een beschouwing over het werk van Marlene Dumas is opgenomen. In ‘Zie mij. Over Marlene Dumas’ staat te lezen: “Waarover gaat het werk van Dumas in wezen? Dat valt niet in één duidelijke volzin te zeggen” (p.109). Zie de citaten van Breytenbach.

Over het eredoctoraat is het volgende bericht in Die Burger.

(C) Yves T’Sjoen / Desember 2014

Yves T’Sjoen. Afrikaans in Gent

Sunday, March 30th, 2014


Afrikaans in Gent

 

Begin 2014 keurde de Raad van Bestuur van de Universiteit Gent, na gunstig advies van de faculteit Letteren en Wijsbegeerte, de oprichtingsverklaring goed van de onderzoeksgroep Gents Centrum voor het Afrikaans en de Studie van Zuid-Afrika. Wat officieel een samenwerkingsverband heet, verzamelt expertises met betrekking tot de politieke en sociale geschiedenis van Zuid-Afrika en het Afrikaans (taal- en letterkunde) die in de faculteit beschikbaar zijn. Onderzoekers van de vakgroepen Letterkunde, Taalkunde en (Afrikaanse) Talen en Culturen participeren in het onderzoeksteam. Naast leden van de faculteit werkt het Gents Centrum met geassocieerde leden die zijn verbonden aan universiteiten in Zuid-Afrika (o.a. Bloemfontein, Johannesburg, Kaapstad, Potchefstroom, Pretoria, Stellenbosch), Nederland (Amsterdam, Leiden) en Polen (Poznan).

De Universiteit Gent organiseert sinds 2011, in de lijn van de seminaries Afrikaans die Luc Renders jarenlang aanbood aan de Universiteit Hasselt, het Internationaal Seminarie Afrikaans. Onderzoekers in binnen- en buitenland die met de taaldiversiteit en het multiculturalisme van Zuid-Afrika bezig zijn en/of die bekend zijn met de taalproblematiek en de letteren van het Afrikaans presenteren lezingen en discussiëren met deelnemers over hun onderzoeksbevindingen. Ook studenten die een masterscriptie schreven over een taalkundig of letterkundig onderwerp m.b.t. Zuid-Afrika krijgen van de organisatoren een forum aangeboden.

In 2014, twintig jaar na de eerste democratische verkiezingen in Zuid-Afrika en de implosie van het op racisme en segregatie gefundeerde apartheidsregime, organiseert de Universiteit Gent ter vervanging van een nieuwe editie van het Internationaal Seminarie een tweedaags colloquium in december. Onderzoekers en schrijvers zullen bij die gelegenheid ingaan op taalkundige, letterkundige en historische aspecten binnen een Zuid-Afrikaanse context. Momenteel worden pogingen ondernomen een van de meest strijdvaardige antiapartheidsactivisten en internationaal een van de belangrijkste zo niet gerenommeerde kunstenaars en schrijvers van Zuid-Afrika een eretitel van de alma mater toe te kennen. Indien er een doorbraak komt in het dossier zal de schrijver en beeldende kunstenaar een publiekslezing aanbieden binnen de context van het groots opgezette colloquium aan de UGent.

Op voorstel van de ambassade van Zuid-Afrika en na ruggenspraak met de stad Gent zal de Universiteit Gent, samen met andere Belgische universiteiten, een Mandela Lectures Series op het getouw zetten. Een interfacultaire stuurgroep buigt zich alvast over een invulling van het Gentse luik van de lezingenreeks. In september 2014, bij aanvang van het nieuwe academiejaar, wordt de eerste lezing geprogrammeerd. De namen van de sprekers worden pas later bekendgemaakt.

In het jaar na het overlijden van Nelson Mandela worden aan de Universiteit Gent tal van activiteiten gepland. De nieuwe onderzoeksgroep, met als voorzitter Prof. dr. Jacques van Keymeulen en in het bestuur geflankeerd door Dr. Annelies Verdoolaege en ondergetekende, zal zich daarnaast inspannen om op de korte termijn een onderzoeksproject voor te leggen aan het FWO-Vlaanderen en het Bijzonder Onderzoeksfonds van de Universiteit Gent. Momenteel bestaan concrete plannen voor een letterkundig onderzoeksproject. De plannen sluiten aan bij de twee boekpublicaties Over grenzen/Oor grense. Een vergelijkende studie van Afrikaanse, Nederlandse en Vlaamse poëzie/’n Vergelykende studie van Afrikaanse, Nederlandse en Vlaamse poësie (2009, i.s.m. Thomas Vaessens, Universiteit van Amsterdam) en Toenadering. Literair grensverkeer van Afrikaans en Nederlands/Literêre grensverkeer van Afrikaans en Nederlands (2012) die Ronel Foster en ikzelf de voorbije jaren binnen het onderzoeksprogramma van het bilaterale raamakkoord Stellenbosch-Gent hebben gerealiseerd. Momenteel is voor de reeks Lage Landen Studies van de wetenschappelijke uitgeverij Academia Press (Gent), met de steun van de Internationale Vereniging voor Neerlandistiek, een nieuw boekproject in wording. Over de dialoog tussen actoren en teksten van de literaire systemen van het Afrikaans en het Nederlands, meer bepaald van de Lage Landen, is veel meer te rapporteren dan tot vandaag is gebeurd.

In het kader van het bilaterale raamakkoord tussen de universiteiten van Stellenbosch en Gent zullen in het derde en vierde kwartaal (juli-oktober 2014) twee Gentse studenten, Hannah Kruithof en Eveline Luwaert, onderwijs volgen aan en onderzoek verrichten in de JS Gericke archiefinstelling van Stellenbosch. Een van de masterscripties in voorbereiding handelt over het redactionele netwerk van periodiek Standpunte waarin Zuid-Afrikaanse, Nederlandse en Vlaamse actoren (critici en schrijvers) actief betrokken waren. Dit onderzoek past in het bredere onderzoeksverhaal dat de volgende maanden zal worden geschreven en zal resulteren in een onderzoeksvoorstel.

Op Versindaba, de onvolprezen weblog van Marlise Joubert, zal ik de volgende weken en maanden berichten over de vorderingen van het onderzoek. 2014 wordt een druk en productief jaar met betrekking tot de relaties die de universiteiten van Stellenbosch en Gent onderhouden. De relaties zijn meervoudig, zeker indien ook het Gentse Afrika Platform (GAP) en de onderzoeksgroep CESAH van de UGent in deze context worden genoemd.

Op de congressen van de Suider Afrikaans Vereniging vir Afrikanistiek (Universiteit van die Vrystaat, Bloemfontein, 30-6 tot 2-7) en van de Afrikaanse Letterkundevereniging (Universiteit van Pretoria, 30-9 tot 2-10) zal verslag worden uitgebracht van deze internationale en interuniversitaire samenwerkingsverbanden die tot nieuw onderzoek en tal van activiteiten (publiekslezingen, schrijverstournees, boekvoorstellingen) aanleiding zullen geven.

(© Yves T’Sjoen)

  •