Posts Tagged ‘VSB Poëzieprys 2013’

Louis Esterhuizen. Kortlys vir VSB Poëzieprys 2013 is bekend gemaak

Thursday, November 8th, 2012

 

Die VSB Poëzieprys is nie net een van die mees gesogte pryse in die Nederlandse digkuns nie, maar beslis ook van die met die meeste aansien. Dié prys, wat in 1993 deur die VSB Fonds onder die inisiatief van Huub Oosterhuis tot stand gebring is, beloop tans € 25,000, plus ‘n beeldjie deur Maria Roosen en word toegeken aan die beste Nederlandse digbundel van die voorafgaande jaar.

Pas is die nominasielys vir volgende jaar bekend gemaak en volgens die mediaverklaring wat ontvang is, is die stand van die Nederlandse digkuns besonder gesond: “De poëzieproductie lijkt niet te ontkomen aan de recessie: met 75 ingezonden titels is de oogst voor de VSB Poëzieprijs 2013 aanmerkelijk kleiner dan in voorgaande jaren. De economische crisis heeft echter geen vat gekregen op de poëtische diversiteit, die het afgelopen decennium juist is toegenomen. Hoogst particuliere verzen zijn even sterk vertegenwoordigd als publieke poëzie die met twee benen in het hier en nu staat. Na een opmars van enkele jaren heeft het prozagedicht inmiddels een solide positie verworven, terwijl het belang van podiumpoëzie groeit. Veel auteurs experimenteren met conceptuele – en opmerkelijk lijvige! – bundels. De jury complimenteert de uitgeverijen, die ook in een krimpende markt het publiceren van zowel gevestigde namen als fris talent blijven volhouden. “

Die paneel beoordelaars vir die VSB Poëzieprys 2013 bestaan uit: Saskia J. Stuiveling, Maria Barnas, Geert Buelens, Patrick Lateur en Anthonya Visser .

Vervolgens, die lys benoemdes, tesame met die beoordelaars se commendatio. En waar ‘n bepaalde bundel ook op Versindaba bespreek was, word die skakel op die bundeltitel geplaas.

Vliegtuigmagneet – H.H. ter Balkt (De Bezige Bij Amsterdam, 2011)

HH ter Balkt

H.H. ter Balkt gromt en spuwt, fluistert en zingt als een visionair met beide voeten stevig in de klei van de polder en in de geschiedenis. De dichter is eigenzinnig en open, erudiet en speels. Zijn beelden functioneren zowel op een concrete als op een verwijzende manier, waardoor beelden uit de werkelijkheid en wat deze oproepen elkaar uitdagen. Zoals een vliegtuigmagneet lonkt en zich verwijdert, staan de gedichten onder een voortdurende spanning van aantrekken en afstoten.

Wijvenheide – Luuk Gruwez (De Arbeiderspers, 2012)

Luuk Gruwez

De vormbewuste taalvirtuoos die uit deze bundel spreekt, varieert zonder moeite de verschillende stijlregisters tussen verhevenheid en alledaagsheid. Om zijn poëtische wereld vorm te geven, schuwt de dichter bovendien het scabreuze noch het banale. Hij creëert originele beelden, die niet zelden van een geestige lading worden voorzien die de onderliggende ernst relativeert. Zo krijgt het veelvuldig gethematiseerde afscheid dan ook nauwelijks een zwaarwichtige of zwaarmoedige lading maar wordt het veelmeer vanuit ongebruikelijke perspectieven met kritische afstandelijkheid belicht

Celinspecties – Ester Naomi Perquin (Van Oorschot, 2012)

Ester Naomi Perquin

De dichter laat zien dat een cel zo groot is als een hoofd dat zich een heelal kan voorstellen. Zo groot als de wereld die Perquin nietsontziend en teder ontvouwt. Op verraderlijk luchtige toon schept zij met onvoorspelbare wendingen een gelaagde ruimte in deze bundel. Meer dan de geschiedenis van afzonderlijke criminelen vormt Celinspecties een wereld waar we niet aan kunnen ontsnappen – met vragen over schuld en over het toeval, dat van alle mogelijkheden die we hebben levens maakt.

Virtualia. Teletonen – Sybren Polet (Wereldbibliotheek, 2012)

Sybren Polet

Een vitale taalexplosie waarin de afgekloven spanning tussen natuur en cultuur opnieuw voelbaar wordt gemaakt door ze te injecteren met denkkracht, woordspel en verontwaardiging. De kredietcrisis, de digitalisering van onze cultuur en andere hedendaagse obsessies worden gevat in woorden en beelden die zich weinig gelegen laten aan de poëtische goede smaak en die doorlopend de grens van het zeg- en begrijpbare aftasten. Hier spreekt een dichter met een open vizier en een onverwoest geloof in de kracht van transformatie door denken en taal.

Mijn naam is Legioen – Menno Wigman (Prometheus, 2012)

Menno Wigman

In een kritische terugblik op de beginjaren van onze eeuw evoceert Wigman herkenbare plaatsen en momenten die spreken van decadentie en dood. Ongenadig ontmaskert de dichter de desillusie van het fenomeen mens en spreekt hij zijn pessimisme en boosheid uit in ontluisterende gedichten, die dan weer welluidend klinken in hun haast klassieke, vormvaste verzen met een bezwerend ritme. Tegelijk boeit deze niet altijd prettige bundel door zijn enorme vitaliteit en zijn charmerende lichtvoetigheid. Uit die tegenstellingen spreekt een uitzonderlijke kracht.

 

 

 

En ten slotte, ‘n vers deur Luuk Gruwez,een van die benoemdes. 

***

Spanbroekmolen

Zij hadden niets liever dan verschillend willen zijn,

een dichter, een dokter, een ober of een kapitein,

maar als gelijken verblijven zij in het graf,

uniform tot in hun knoken, uitgeknokte youngsters.

 

Verliefden zonder geliefde misschien of weduwloze

weduwnaars: gelijk is de dag waarop zij vielen en verlieten,

de zevende van de zesde, negentienzeventien.

Gelijker nog dan het gemillimeterd gras. Much beloved

 

Indeed. Known unto God. Ogen en oorlog verloren.

Toch gaan zij op een nacht nog één keer helderziend

op stap. Veel te verlegen om te leven. Boterbloemen

in het hoofd. En met een doelbewuste, eensgezinde pik.

 

(c) Luuk Gruwez (Uit:  Wijvenheide, 2012: De Arbeiderspers, 2012)

 

 

  •