Nuusbrief 8. De Contrabas

De digitale revolutie: van verdienmodel tot leescultuur?

 

Apple verkoopt ons tabletten, waar we zelf iets op mogen zetten. Dat betekent, na Mozes met zijn tien geboden, toch een zekere vooruitgang. De mens is meester geworden over zijn eigen content. Halleluja. Hoewel niet iedereen juichend is over deze situatie. Uitgevers die zich van oudsher richten op papieren publicaties weten zich geen raad met deze nieuwe ontwikkelingen.

 

Apple iPad

Apple iPad

Toch is De lancering van de iPad voor uitgevers van boeken, kranten en bladen een zegen en een Paard van Troje in één. Omdat het “verdienmodel” waarmee de “oude” uitgevers worstelen niet zijn afgestemd op digitale verkopen, wordt de noodklok geluid. Niet alleen over het boek, maar ook – in een moeite door – over de cultuur. Elke tijd is overgangstijd, zei H.W. von der Dunk, maar als je de zwartkijkers van nu moet geloven, is het ineenstorten van de toren nabij.

 

“De papieren leescultuur gaat boeiende tijden tegemoet. Op korte tijd is het roer omgegaan. Digitalisering bleef jarenlang zowel een taboe als een belediging. Maar het scherm wenkt. Meer nog, het scherm heeft de toekomst. Op voorwaarde dat we blijven lezen.” Schrijft Harold Polis in het tijdschrift Leesgoed (2009 / 6), een tekst die hij later overigens op zijn weblog plaatste. Dé manier om er een uitgebreid publiek voor te vinden.

 

Polis, uitgever van Meulenhoff | Manteau, en in die hoedanigheid gepokt en gemazeld in de papieren cultuur/economie schetst het grote dilemma van de digitale revolutie aldus: “Iedereen zal straks blij zijn als er nog mensen boeken kopen. Het instandhouden van het auteursrecht is de enige manier om ervoor te zorgen dat er een bloeiende literaire cultuur blijft bestaan, zowel voor volwassenen als voor jongeren.”

 

Misschien is het een beetje kinderachtig van mij, maar ik zie die luide roep om een auteursrecht dat in stand moet worden gehouden, toch een beetje als een oratio pro domo, en dan met name het eigen uitgevers-domo. Zijn uitgevershuis maakt omzet (en winst) met de uitgegeven titels; een auteur moet echt al in de klasse bestseller-auteurs vallen wil hij een gewoon, modaal inkomen aan zijn werk overhouden.

 

Maar meestal moet die auteur het doen met een heleboel symbolisch kapitaal, dat hij, als hij geluk heeft, kan omwisselen in ánder werk, dat wel geld oplevert. Of hij krijgt een werkbeurs, maar dat gebeurt alleen als de commissieleden van het Fonds voor de Letteren je werk waarderen. Een hachelijke zaak dus; meestal moet een auteur twee keer werken om één salaris te kunnen verdienen.

 

Maar Polis signaleert toch ook iets anders: “De democratisering van de kennis en de toegenomen sociale mobiliteit tijdens twintigste eeuw hebben het boek groot gemaakt. De leescultuur vertegenwoordigde een zeer groot symbolisch kapitaal én stond garant voor economisch succes. Beide grootheden worden vandaag echter fundamenteel gewijzigd.”

 

Leon de Winter

Leon de Winter

Dat is waar. Leon de Winter kondigde bijvoorbeeld al aan dat hij via een website e-books van zichzelf gaat verkopen: “De Winter vermijdt daarmee de tussenstap via Amazon of Bol.com en neemt het heft inzake zijn digitale inkomsten en distributie volkomen in eigen handen. Voor de zomer biedt hij zijn lezers exclusief een e-book van hem aan. De Winter is de kwestie nog aan het doorpraten met zijn vaste uitgever De Bezige Bij.”

 

Als motivatie gaf hij: “‘Als ik bij Amazon een boek download, kost me dat 10 dollar. Ik weet niet precies hoeveel de schrijver daaraan over houdt, maar dat kan niet veel zijn.’ Daarom, zegt De Winter, ‘wil (ik) niet afhankelijk zijn van de websites en bedrijfsoverwegingen van Amazon en Bol.com. (…) Van wat er van een download van 10 euro uiteindelijk bij mij terechtkomt, kan ik de huur niet betalen. Dus heb ik besloten mijn eigen e-boekendistributeur te worden.'”

 

De Winter geeft economische motieven voor zijn actie; precies dezelfde motieven die Polis ziet wankelen.

 

Nu maak ik een wat brede bocht. Niet om u te pesten, maar omdat ik denk dat Polis de toekomst te zwart ziet, of beter, omdat Polis de toekomst alleen vanuit zijn (economische) perspectief als uitgever ziet, en omdat ik denk dat De Winter’s actie een voorbode is van wat ons nog te wachten staat.

 

Polis noemde het woord “leescultuur” en ik zie de introductie van de e-readers en de iPad en alle andere tabletachtigen (die deels al in de markt zijn) juist als een terugkeer naar de leescultuur. Met als intens voordeel dat die gelezen cultuur voortaan niet hinderlijk alle wanden van je huis bekleed.

 

E-books, en e-publicaties bieden de mogelijkheid om – vergelijkbaar met de manier waarop iTunes een succes is geworden – oude titels opnieuw, of nogmaals te exploiteren; om losse teksten (lezingen, artikelen, columns, hoofdstukken van een nieuw boek) voor weinig geld (maar hier geldt: vele kleine bedragen maken één groot bedrag); om teasers te publiceren; en ga zo maar door.

 

De Contrabas publiceerde tijdens de verkiezing van de Dichter des Vaderlands vorig jaar een digitale download van een dichtbundel van één van de kandidaten, Tsead Bruinja. In een week tijd werd die bundel zo’n 5000 keer gedownload. Van de papieren versie vonden later nog honderden exemplaren hun weg. Het lezerspubliek van Bruinja werd hierdoor behoorlijk uitgebreid. 

 

De enige slachtoffers van deze revolutie zijn de uitgevers en de redacteuren. Die zullen weinig of minder emplooi vinden in de bedrijven die met dalende omzetcijfers worden geconfronteerd. Maar daar zullen andere bedrijven, die anders op de markt opereren, voor in de plaats komen. En misschien is een redacteur in de toekomst niet zozeer aan één bedrijf verbonden, maar verleent hij zijn diensten aan meerdere auteurs, die allemaal ergens anders publiceren. Een voorbeeld: Adriaan Krabbendam.

 

Gelezen zal er toch wel worden, en als je de ontwikkelingen op internet een beetje volgt: zeker niet minder. Talloze websites, van de DBNL tot Gutenberg en Meander en van e-books.nl tot BOL en Amazon bieden zoveel e-books en e-publicaties, in prijs variërend van 0 tot heel veel euro, dat je moeilijk kunt spreken van een crisis in de leescultuur.

 

Een crisis die, áls hij er al is, eerder is veroorzaakt door uitgevers en boeken-exploitanten, dan door de “digitale revolutie”. Zaak is dat de auteurs nu het heft in handen nemen, iets wat grotere gevolgen zal hebben dan de schrijversprotesten in de jaren zestig en zeventig. Websites die opereren in het literaire veld kunnen daar mede een rol in spelen. Het is nu. Of later. Maar het gaat zeker allemaal een keer, en niet eens over zo lange tijd, verschuiven.

 

Chrétien Breukers

1 Februarie 2010

Bookmark and Share

Comments are closed.

  •