Nuus / Briewe

Yves T’Sjoen: Leesbrillen voor bijziende lezers?

Monday, March 30th, 2020

 

Met belangstelling, noodgedwongen op verre afstand, volg ik als “binnenwaartse buitenstaander” de discussie op Versindaba naar aanleiding van de bundel Nagblind van Francis Grobler. Mijn kijk op het poëticale dispuut wordt bepaald door een themanummer van Deus Ex Machina (170, november 2019) over “Instagram”. Op het gebied van sociale media ben ik eerlijk gezegd een leek. Facebook is hoogstens een digitale variant van mijn persoonlijk literair archief, in coronatijden een leesdagboek. Mijn hashtag, of hoe heet zoiets, is “Lezen in Q”. Twitterende tweets en Instagram zijn mij volkomen vreemd. Ik lees het tijdschriftnummer doelgericht. Sedert jaren maak ik deel uit van de jury van de Melopeeprijs. De poëzieprijs, genoemd naar het canonieke gedicht van Paul van Ostaijen, bekroont gedichten in Nederlandstalige periodieken en op websites (zoals Meander, een twee powezie en Het gezeefde gedicht). In 2019 was Marc Tritsmans de laureaat. Die singende wêreld is onlangs vertaald in het Afrikaans en mocht in Zuid-Afrika gunstige reacties ontvangen. Een klassiek uitgegeven boek van een klassiek dichter.

In een bijdrage van inleider en samensteller Obe Alkema van het Deus Ex Machina-nummer worden sociale media aangeduid als “de meest invloedrijke designers van het moment”. Dat geldt ook voor de literatuur. In hetzelfde nummer presenteert de Vlaamse auteur Sylvie Marie “gramgedichten”: na een experiment met #instapoem (instagrampoëzie) knipt en plakt zij “woorden uit een misdruk van de roman Max, Micha & het Tet-offensief van Johan Harstad (1229 pagina’s)”: twee #gramgedichten – met een klassieke term: collagepoëzie – staan in Deus Ex Machina 170 afgedrukt. Ik vind er eerlijk gezegd weinig aan. Dat ligt aan mij, digibeet met verwachtingen die zonder twijfel op klassieke poëzieleest zijn geschoeid. Verknocht aan een medium – gedrukte letters in een boek waarin ik kan bladeren, waaraan ik ruik en mijn ogen de kost geef – en afkerig tegenover de vluchtigheid van de digitale snelweg. Het ligt dus aan mij dat ik er niet echt wild van word.

In de kritische commentaren op Groblers poëziedebuut (in boekvorm) lees ik dat de auteur behoort tot een uitdijende groep FB-dichters in het Afrikaans. Zij publiceert gedichten op Facebook en muzikale adaptaties van haar teksten worden via hetzelfde medium de wereld ingestuurd. De discussie over de lezensvatbaarheid van dergelijke lyriek – naar verluidt een succesnummer op FB, met een schare van jubelende engelen – laat mij denken aan performance-poëzie, slam- en vroeger rap- of hiphoppoëzie. Zoals toegelicht door Gerrit Komrij in Double Talk (1997) Double Talk Two (1998). Andere termen: “zigzag-poëzie”, “neonromantiek” (Jules Deelder). In de jaren negentig is in Nederland en Vlaanderen een soortgelijke discussie gevoerd. Kunnen digitale gedichten of dus teksten geproduceerd in en met behulp van (tools van) een ander medium, überhaupt poëzie worden genoemd? The medium is the message. Moet mijn soort, klassieke lezers van poëzie (bij voorkeur met een boekje in een hoekje), leesverwachtingen bijstellen? Hoe dan ook bestaan sinds de digital turn van de jaren negentig lyrische tendensen die mediaal-conceptueel gesproken volstrekt anders zijn geconcipieerd dan wat ik “klassieke poëzie” noem (met een boek als drager). Er is daarnaast een poëzie die zich tot een (post)digitaal gevormd publiek richt. Daar is uiteraard niets mis mee. Thomas Vaessens schrijft erover in Ongerijmd succes. Poëzie in een onpoëtische tijd (2006). Veertien jaar later leest het boek als een anachronisme: Instagram en Twitter bestonden toen nog niet eens. Sms-poëzie is in digitale tijden alweer voorbij, in mediumtermen een archaïsme. Tweetpoëzie? Wellicht is ook dit fenomeen al achterhaald.

In dit licht lees ik de polemiek over Groblers Nagblind. De afwijzende reacties brengen herinnering terug aan de bewering dat de meeste slam- en podiumpoëzie, succesnummers op het podium, in een gedrukt boek niet overeind blijven. Teksten zouden lijden aan effectbejag, gezochte (binnen)rijmen die een luisterend oor gewillig zijn maar een gesel voor het lezend oog. Alle middelen die een performend dichter ter beschikking staan – lichaamstaal, klederdracht, dictie, akoestiek, ruimtelijke omgeving et cetera – verdwijnen in het drukwerk. Bijgevolg kan op sonoriteit en vertolking gerichte lyriek een hedendaags (klassieke geschoold) lezerspubliek weinig boeien.

Hetzelfde euvel kan wellicht veel FB-poëzie worden geduid. Dichters profileren zich op sociale media, waar hun gedichten hits blijken afgemeten aan het aantal ‘likes’ en volgers. In een digitale omgeving functioneren dergelijke teksten anders dan in een bundeluitgave. Daniel Hugo wijst erop dat op FB schrijvers hun eigen autonome republieken oprichten, soevereine staten die niet worden gehinderd door sluiswachters of de “poëziepolitie”. Het staat eenieder vrij een leesdagboek bij te houden en met “vrienden” op sociale media te delen. Zo kan een schrijver een tuin aanleggen waarin het voor de volgzame goegemeente aangenaam kuieren is. Met bliksemsnelle ‘likes’ tot gevolg, die voor het persoonlijk gemoed van de dichtende medemens weldadig aanvoelen.

Francis Grobler heeft de stap gezet naar de boekpublicatie van eerder op FB gepubliceerde gedichten. Daarmee betreedt zij inderdaad een ander landschap: dat van het boek als drager. The medium is the message. In verschillende mediale omgevingen gelden andere afspraken. De discussie op Versindaba getuigt van die clash. Over “literaire kwaliteit” is het interessant maar lastig discussiëren. Objectieve kritiek bestaat nu eenmaal niet. Objectief is iets anders dan beargumenteerd. Feit is dat lezers uiteenlopende verwachtingen koesteren, of het nu lyriek op FB, Twitter en Instagram betreft of in een gedrukt boek. Meningen zijn vrij. De meest in het oog springende bestsellers in de poëzie – een contradictio in terminis – worden door “kenners” (journalistieke en academische critici) doorgaans argwanend bejegend. Behaagziek, kritiekloos, sentimenteel: termen die in perscommentaren te nadele van publieksuccessen worden gehanteerd. Ook in de Versindaba-discussie wordt een soortgelijke terminologie gebruikt. Was het noodzakelijk dat dergelijke FB-gedichten, goed scorend en salonfähig op de digitale weg, in een boek worden gebundeld? Schaadt de uitgave van FB-poëzie de Afrikaanse letterkunde? Brengt een dergelijke uitgave imagoschade aan het fonds van een literaire uitgeverij aan?

Bijzonder voor het fel bediscussieerd fenomeen van FB-poëzie is de wijze waarop een literair imago wordt geconstrueerd. Citaten van Antjie Krog en Hans du Plessis worden door de uitgeverij als literaire legitimering ingezet. Dat zijn behalve legitimeringsstrategieën mercantiele technieken. Op die manier wordt Nagblind een sérieux toegekend. Met als bedoeling ook in de literatuurkritiek (in de ruimte buiten FB) geloofwaardigheid te verwerven. Het is dit gezelschap dat protesteert en de artistieke legitimiteit ter discussie stelt. Vanuit literatuurwetenschappelijk oogpunt is het een interessant publiek gesprek over hedendaagse poëzie, ware het niet dat het al sinds mensenheugenis wordt gevoerd.

Zodra een schrijver de beslissing neemt om het publieke forum te treden, op FB of in de wereld van (professionele) uitgevers, redacteurs, tijdschriften en websites, critici en jury’s, dan geldt het principe dat het ieder lezer vrij staat te oorelen. Een schrijfproces wordt als afgerond beschouwd. Het is voortaan aan de lezer om te oordelen. Zowel de FB-vriend als de geschoolde poëzielezer, waarmee ik geen oppositie veronderstel. Lezers van bundels geven aandacht aan compositie, de spankracht die gedichten met elkaar laat spreken. Het lezerspubliek van het boek Nagblind beoordeelt niet langer afzonderlijke gedichten, snapshots on the screen. Literaire criteria, zoals vormen- en beeldentaal, ritme, stijl en compositie, worden in het beoordelingsproces betrokken. De bundel wordt als taalarchitectuur gewikt en gewogen, op basis van persoonlijke opvattingen over literatuur. Dat overkomt nu ook Nagblind, zoals het werk van iedere schrijver die het besluit neemt met een boek voor de dag te komen. Zodra het werk pdubliek wordt gepresenteerd, ongeacht of gedichten zijn voorgepubliceerd in tijdschriften, op internetsites of op Facebook, kan de letterkundige gemeenschap een oordeel uitspreken. Zij wordt ook verondersteld dat te doen: het gesprek over literatuur te voeren. De vraag is vervolgens of een verzameling van afzonderlijk verschenen teksten een bundelcompositie oplevert, een tekstweefsel waarin gedichten een spanningsboog tentoonspreiden. Bundels met gelegenheidsgedichten, zoals stads- of plattelandsgedichten, laten meestal dezelfde tekortkoming zien. Een verzameling gedichten is nog geen poëziebundel, een taalconstructie die op zichzelf bestaat. Uit de reacties die ik hier lees, is dat volgens recensenten onvoldoende het geval. Indien daarvoor goede argumenten, op basis van literaire criteria, worden aangevoerd, dan hebben dergelijke reacties hun rol te spelen in het (openbare) vertoog over literatuur. Ieder medium heeft eigen wetmatigheden. Door zich eraan over te leveren, mag het spel worden gespeeld.

 

 

Daniel Hugo. Haar woordpaljas laat ons steier

Saturday, March 28th, 2020

 

Dit lyk of die Afrikaanse digbedryf ’n waterskeidingsoomblik bereik het. Die voorheen selfgepubliseerde digter Francis Grobler se bundel Nagblind is deur die hoofstroomuitgewery Naledi uitgegee. Dit is haar vierde publikasie in hierdie genre. Die bundel kom vergesel van aanbevelings onder andere deur die bekende skrywers Dana Snyman en Koos Kombuis, asook die sanger en liriekskrywer Richard van der Westhuizen. Op die agterplat staan ’n uitspraak van Antjie Krog: “Daadwerklike talent wat ’n eie interne woordeskat tot stand bring.”

Die enigste onbekende aanbeveler in dié deurlugtige geselskap is Berdéhan Brand wat homself bekendstel as “digter, resensent, vryskut en keurder by hoofstroomuitgewers”. Sy blakerteks word ook as mediavrystelling gebruik deur die uitgewery.

Hier is die teks:

“Francis Grobler skuif die sluier van ’n verskuilde wêreld met ’n afgerigte werklikheid en konformiteite oop met ’n moderne benadering tot digkuns. Die digbundel se outentieke benadering dra by tot ’n skaars, maar nodige kommoditeit in Afrikaanse poësie. Nagblind is ’n kragtige, eiesoortige en eenmalige lesers-ervaring. Die woord word verhelder deur retoriek en metafore wat vonk en word sterk beeldend verwoord. Dit delf in die geestelike dimensie en verfyn en rond die eindproduk tot ’n ‘andersheid’ af wat ver verby die grense van konvensies gaan en aan die geskrewe woord ’n nuwe betekenis gee. Nagblind breek behoorlik die skedels tot nuwe denke.”

Hierdie wartaal (soos metafore wat “beeldend verwoord” word) klop met die troebel segswyse en gedagtegang van die verse self:

            Denke is abstrak

            ’n terminale oomblik van iets wat saakmaak –

            tydelik of terloops

            geen blinde nag haal asem nie.

In ’n resensie op Moerala Media skryf die digter, romanskrywer en taalkundige Hans du Plessis onder meer: “Vir my is Nagblind van Francis Grobler een van die opwindendste debute (sic) van die afgelope tyd, nie net om die pragtige poësie daarin nie, maar ook om die diepte van die dink in die bundel.” Verder herinner die verse hom aan dié van Ingrid Jonker.  As ’n voorbeeld van die voortreflikheid van haar poësie haal Du Plessis onder meer die gedig hier bo aan.

Gewone denke is inderdaad abstrak, soos wat Grobler in die gedig beweer. Digterlike denke daarenteen is meestal konkreet beeldend van aard en hierdie vier reëls bevat inderdaad beeldspraak.

Maar maak dit sin?

Sy omskryf denke as ’n “terminale oomblik”. Dit verdwyn dus net so vinnig as wat dit verskyn. Wat “saakmaak” bestaan dan in ’n oogwink nie meer nie. Denke is dus by implikasie nutteloos. Waarop “tydelik of terloops” moet dui, is glad nie duidelik nie. Die sprong na die “blinde nag” wat nie “asemhaal” nie, bly duister. In elk geval is die personifikasie van ’n nag wat sou kon asemhaal as hy nie blind was nie hopeloos vergesog.

Ek is dus glad nie soos Du Plessis oortuig van die “diepte van dink” by Grobler nie.

Terloops, Du Plessis is nie ’n gereelde resensent van digbundels nie. Dieselfde geld vir Koos Kombuis, Dana Snyman en Richard van der Westhuizen. Om nie eens te praat van Berdéhan Brand nie. Krog en Du Plessis is wel erkende begeleiers van aspirant-skrywers.

Hoe is dit moontlik, vra jy jou af, dat soveel groot name in die literêre wêreld so oorboord kan gaan. Wat het geword van ’n nugter oordeel? Intussen plaas die digter die een video ná die ander op Facebook waarin haar gedigte voorgelees word.

Toe, op Versindaba verskyn ’n oorwoë resensie deur ’n ervare en belese resensent wat self ’n digbundel by Naledi die lig laat sien het: Nini Bennett. Sy wys onder meer op die volgende gebreke van die bundel: “’n Logiese poëtikale verloop ontbreek en botsende metafore vier hoogty.” Sy praat van “amorfe poësie” wat herinner aan – met verwysing na J.C. Kannemeyer se uitspraak in sy literatuurgeskiedenis – die Afrikaanse digkuns van die 1970’s. Sy tipeer die gedigte met die volgende frases: “stilistiese armoede en gebrek aan verstegniese beheer”, “potsierlike sameflansings van woorde” en die “mildelike gebruik van poëtiese clichés en die gesogte woord of beeld.”

Onmiddellik bars ’n storm los. Die digter se ondersteuners sak so hewig op die resensent toe dat die webmeester, Marlies Taljard, verplig voel om van die felste kommentaar te verwyder omdat die resensent persoonlik aangeval en beledig word.

Hier is ’n voorbeeld van so ’n reaksie. Ene Estelle skryf: “Hierdie sg. ‘resensie’ het my sprakeloos gelaat. Ek het nog nooit so ’n wrede, gevoellose en vernederende aanval op ’n digter gelees nie. Was dit nou werklik nodig? Die hele betoog is weersinwekkend en negatief en laat ʼn bitter smaak in jou mond. Hierdie begaafde digter verdien dit nie. Ek stel voor dat dit onmiddellik onttrek word. Dis onaanvaarbaar en gemeen.”

En Alida braak soos volg haar gal: “Aarde sluk dié gekots tog in. Wat op dees aarde het ek sopas gelees? Die enigste ooglopende afleiding wat mens kán maak, is die volgende. Hoofstromers, Ressesente (sic), die hooggeplaasdes (sic) m.a.w., sluk swaar aan die golf van núwe, briljante en geliefde Digters, waarvan hulle nie hou, op húlle uitgediende speelveld waarvan die gras verbleik het, nie.”

Nadat Engela O probeer het om die logika en geldigheid van Bennett se redenasie te ontsenu, kom sy tot die volgende slotsom: “Bennett se resensie is uiters persoonlik en ongegrond. Dit dui op haar persoonlike gevoelens en daar is ’n duidelike gebrek aan insig. Die resensie steun swaar op Kannemeyer se konsepte, en daar is dus ’n ook ’n gebrek aan relevansie en oorspronklikheid. Bennett sluit af met: ‘In Nagblind is daar té veel voetwerk en te min poësie’. Dit is sogenaamde ‘resensies’ soos hierdie wat die beste digters van ons tyd probeer stilmaak en hulle digterlike vryheid wil versmoor.”

Die probleem is dat sosialemediadigters almal deur ’n hoofstroom-uitgewer gepubliseer wil word, maar nie die spelreëls van die gevestigde literatuursisteem wil aanvaar nie. Hulle en hul akoliete verwag louter akklamasie en bewondering.

En dan vra Elmarie Viljoen-Massyn die vraag wat my ook laat wakker lê: “As ’n mens Hans du Plessis se resensie op Maroela Media lees, sou mens nie sê dit is dieselfde bundel wat Nini Bennett onder oë gehad het nie. En as Antjie Krog sê iemand het ‘daadwerklike talent’, wie’s ek om te stry? Dus: Waarom sê Krog en Du Plessis sus en Bennett so?”

Inderdaad. Het die hoofstroom-digters, die gekanoniseerdes, die poëtiese kluts kwytgeraak? Is hulle almal verblind deur Nagblind? Of is Francis Grobler se gedigte wel iets nuuts en opwindends in die Afrikaanse literêre arena?

Die literator Helize van Vuuren dink klaarblyklik so in haar kommentaar. Sy verwys na ’n gedig wat Bennett in haar resensie aanhaal: “’Kopklank’ is vir my ’n skitterende vers. Kyk met ʼn vars oog, gebruik ʼn vars taal, hang nie moeg en verkreukeld aan ou tegnieke soos eindelose rym en ou vorme nie. Strik nie mooi prentjies nie. Slaan ʼn bres in verlepte sienings van die mens en sy maniere van ‘syn’…”

Die enigste erkende digter en literator wat Bennett ondersteun, is Gisela Ullyatt (wat die afgelope tyd uitstekende resensies vir haar debuutbundel, Die waarheid oor duiwe, ontvang het): “Bennett se resensie is uiters relevant, juis omdat sy nié die digter aanval nie, maar uiters professioneel die mankemente in die bundel aan die hand van gestaafde voorbeelde uitwys.”

Boerneef het ’n vers geskryf oor digters wat hy as pretensieus en onverstaanbaar ervaar het: “sy woordpaljas die laat my steier”. Die slotreëls van dié vermaaklike gedig lui só:

            Babel se toring staan hand in die sy

            en skud soos hy lag oor die gektalery.

Ek staan aan die kant van Boerneef, Bennett en Ullyatt op hierdie waterskeidingspunt.

Daniel Hugo

28 Maart 2020

Poëzie-uitwisseling in moeilijke tijden

Sunday, March 22nd, 2020

Ek het hierdie brief van verskeie oorde ontvang. Dalk is dit tog iets wat in hierdie somber tye vir mense tot vreugde kan wees. – Marlies Taljard

 

Beste vrienden,

 

We zijn een gemeenschappelijke, opbouwende poëzie-uitwisseling gestart. Ze is eenmalig en we hopen dat jij zult deelnemen.

We kiezen mensen van wie we denken dat ze poëzie-minded zijn en willen deelnemen gewoon om er plezier aan te beleven.

Stuur een gedicht naar de persoon die hieronder op nummer één staat (ook wanneer je die niet kent).

Kies een gedicht, tekst of bespiegeling waar je een goede herinnering aan hebt of wanneer het wat moeilijk ging. Maar breek je hoofd niet over de keuze.

  1. Carina van der Walt carina.vanderwalt@gmail.com
  2. Bernard Odendaal bernard.odendaal@nwu.ac.za

Wanneer je het gedicht, de tekst of bespiegeling hebt verstuurd naar de persoon op nummer één (en enkel naar die persoon), kopieer je dit bericht in een nieuw e-bericht.

Verplaats mijn naam naar nummer één, plaats jouw naam op nummer twee. Enkel mijn naam en die van jou mag zichtbaar zijn in het bericht. Verzend het bericht in BCC (blinde kopie) naar 20 vrienden.

Dank alvast, voor je bijdrage aan het verspreiden van de stille kracht van gedichten.

 

Houd vol,

Theo Rikken

Pen Afrikaans. Nuusbrief: Maart 2020

Monday, March 9th, 2020

Beste lede en vriende van PEN Afrikaans

Skrywersprogram en Skrywerskamer by die Toyota US Woordfees (6 – 15 Maart)

Die Toyota US Woordfees skop vandag af en feesgangers kan kies en keur uit meer as 500 produksies op die feesprogram.

Die Skrywersprogram bied weer ryke verskeidenheid. Laai gerus die chronologiese dagprogram hier af om seker te maak dat jy niks boekpraatjies mis nie.

Alle lede van PEN Afrikaans en deelnemers aan die Skrywersprogram is welkom om in te loer by die PEN Afrikaans Skrywerskamer in die Ou Hoofgebou. Die deure sal van 7 – 14 Maart oop wees.

LAPA deur Penguin Random House SA aangeskaf

 

Daar is onlangs aangekondig dat Penguin Random House Suid-Afrika, ’n afdeling van Penguin Random House en die grootste Engelstalige uitgewer in Suid-Afrika, LAPA-Uitgewers by die ATKV aangeskaf het.

LAPA word hierdeur deel van Penguin Random House Suid-Afrika, maar behou sy naam, identiteit, leierskap, sakestrategie en personeel. Dié verkryging stel Penguin Random House Suid-Afrika in staat om sy plaaslike markaandeel te verhoog, sy posisie te verstewig en die reikwydte en diversiteit van sy publikasielys en titels te versterk.

Die volledige persverklaring is hier beskikbaar.

Red Dog deur Willem Anker haal International Booker Prize se langlys

 

Red Dog, die Engelse vertaling van Buys deur Willem Anker, het die langlys van die International Booker Prize 2020 gehaal. Hierdie prys vereer die beste vertaalde fiksie wat in ’n gegewe jaar in die Verenigde Koninkryk of Ierland verskyn het. Die prysgeld word gelykop tussen die skrywer en die vertaler verdeel, aangesien die prys erkenning aan albei wil gee.

Hartlik geluk aan Willem Anker en Michiel Heyns met hierdie enorme eer.

Die kortlys sal op 2 April aangekondig word en die wenner op 19 Mei.

Klik vir meer inligting oor die prys, die vertaling en vir ’n onlangse onderhoud met Willem Anker.

 Internasionele boekebeurse weens die koronavirus uit- en afgestel

Verdere nuus uit die internasionale boekebedryf is dat twee van die voorste boekebeurse, waar uitgewers en agente vanoor die wêreld byeenkom om publikasie-, vertaal- en filmregte te koop en verkoop, weens die kommerwekkende verspreiding van die koronavirus uit- of afgestel is.

Die Bologna Kinderboekbeurs wat van 30 Maart – 2 April in Bologna in Italië sou plaasvind, is voorlopig tot in Mei uitgestel, terwyl die Londense Boekebeurs wat van 10 – 12 Maart sou plaasvind, afgestel is en eers weer in 2021 sal plaasvind.

Wenners van LAPA-Uitgewers se jeugromankompetisie bekend

Hartlik geluk aan Fanie Viljoen, wat as algehele wenner van LAPA-Uitgewers se jeugromankompetisie aangewys is. Sy inskrywing, die distopiese jeugroman Offers vir die vlieë, sal na verwagting aan die einde van die jaar verskyn.

Baie geluk ook aan die naaswenners, Maretha Maartens en Jan Vermeulen.

Meer inligting is hier beskikbaar.

Aansoeke ingewag vir skrywersresidensie

 

Ons herinner graag dat die Jakes Gerwel Stigting en PEN Afrikaans vanjaar weer alle opbetaalde lede van PEN Afrikaans uitnooi om aansoek te doen vir die skrywersresidensie wat in die Stigting se Paulet Huis op Somerset-Oos in die Oos-Kaap aangebied word. Skrywers kan vir ’n maand daar tuisgaan om aan ’n skryfprojek te werk.

Die Jakes Gerwel Stigting dek die kostes van die skrywers se verblyf vanaf 1 tot 27 Julie 2020, insluitende internet, skoonmaakdienste, etes (drie maaltye per dag), retoerkaartjies na Port Elizabeth en vervoer van en na die lughawe.

Belangstellende skrywers moet hulle aansoeke teen 16 Maart rig aan Theo Kemp, uitvoerende direkteur van die Jakes Gerwel Stiging, by theo@jgf.org.za. Alle genres sal oorweeg word.

Klik hier vir volledige inligting.

Maandelikse resensie-oorsig

 

Klik hier vir ons oorsig van Afrikaanse resensies wat in Februarie 2020 verskyn het en digitaal beskikbaar is. Hierdie oorsig sluit boekbesprekings, boekgesprekke en voorlesings in wat op die radio of TV uitgesaai is.

Indien jy weet van ander gerekende publikasies wat ook Afrikaanse resensies en boekgesprekke plaas en dit digitaal beskikbaar maak, laat weet asseblief na penafrikaans@gmail.com.

Ons wil graag elke maandelikse oorsig so volledig moontlik maak.

Nuwe Afrikaanse boeke in Maart 2020

Dit is oudergewoonte ‘n plesier om af te sluit met die gekombineerde lys van nuwe Afrikaanse boeke wat hierdie maand verskyn. Die publikasielys kan hier in Excel-formaat afgelaai word.

Baie geluk aan al ons lede wat hierdie maand nuwe boeke op die rak het.

Vriendelike groete
Catrina Wessels
Bestuurder: PEN Afrikaans

 N.P. van Wyk Louw-herdenking 18/19 Junie 2020

Thursday, February 20th, 2020

N.P. van Wyk Louw vir vandag (2020)

 

Plek: SA Akademie vir Wetenskap en Kuns, Pretoria

Die SA Akademie vir Wetenskap en Kuns in samewerking met Afrikaans-departemente van verskeie universiteite in Suid-Afrika reël ‘n Louw-herdenking op bogenoemde datum. Louw is ‘n halwe eeu gelede in Johannesburg oorlede.  Die program vir die geleentheid wat oor twee dae aangebied word, sluit in die gebruiklike jaarlikse N.P. van Wyk Louw-gedenklesing (18 Junie) onder beskerming van die Departement Afrikaans van die Universiteit van Johannesburg wat die keer by die Akademie in Pretoria aangebied word. Die spreker is Jeremy Vearey, outeur van Jeremy vannie Elsies met ‘n lesing onder die opskrif “Kaantie wies NP van Wyk Louw?”

Nagenoeg 20 bydraes is ontvang vir ‘n spesiale Louw-gedenkuitgawe van die Tydskrif vir Geesteswetenskappe, onder gasredaksie van Ronél Johl van die Departement Afrikaans, wat by die gedenkgeleentheid bekendgestel word. Deelnemers aan die spesiale gedenkuitgawe sal genooi word om op 19 Junie by die Louw-dagsimposium op te tree. Bydraes is ontvang van Jaap Steyn, Hein Viljoen, Heilna du Plooy, Joan Hambidge, Jac Conradie, Willem J. Botha, Nerina Bosman, Marisa Keuris, Anastasia de Vries, Derek van der Merwe, Louise du Toit, Benda Hofmeyr, Andries Visagie, Johann L. Marais, Hennie van Coller en Hermann Giliomee.  ‘n Publikasie oor NP van Louw, onder redaksie van Ampie Muller en sy eggenote Beverley Roos-Muller, wat nou by Hemel en See-boeke voorberei word, sal moontlik ook by die Louw-funksie bekendgestel word. Ampie Muller, skoonseun van Louw, is verlede jaar oorlede.

Nader besonderhede van die dagprogram (Vrydag 19 Junie) sal later aangekondig word. Belangstellendes kan aanmeld by Melanie Rens (melanie@akademie.co.za <mailto:melanie@akademie.co.za>).

Registrasie: R250

Studente: R100

PEN Afrikaans. Nuusbrief: Februarie 2020

Sunday, February 16th, 2020

Beste lede en vriende van PEN Afrikaans

Ek wens julle graag eerstens namens die bestuur van PEN Afrikaans ’n goeie, sinvolle en produktiewe jaar toe. Ons sien uit daarna om vanjaar saam met julle op ’n vol 2019 voort te bou.

Baie welkom aan die volgende persone wat sedert ons vorige nuusbrief as lede by ons aangesluit het: Marida Fitzpatrick, Nandi Lessing-Venter, Hanlie van Tonder, Ivor Price, Almero Welgemoed en Jean Meiring. Ons is baie bly om julle in ons geledere te hê.

 

Skrywerskamer en slypskool by die Toyota US Woordfees

Die Toyota US Woordfees is om die draai en dit is vir PEN Afrikaans ’n plesier om weer vanjaar die Skrywerskamer daar te kan behartig, en ook betrokke te wees by ’n spesiale slypskool op die feesprogram.

Die PEN Afrikaans Skrywerskamer is ’n ruimte waar skrywers, joernaliste en ons lede wat aan die boekeprogram deelneem, of gewoon die fees bywoon, tydens die Woordfees kan kom inloer tussen sessies vir ’n koppie koffie of tee, om te sit en voor te berei vir paneelbesprekings, te skryf, te lees, of net te ontspan. Die besonderhede is hieronder.

Vanjaar word daar ook weer ’n WOW-Skryfskool in samewerking met PEN Afrikaans en die ATKV-Skryfskool van die NWU aangebied. Tydens dié slypskool sal gekose hoërskoolleerders en studente touwys gemaak word oor die fynere kuns van skryf. Dié slypskool is vir aspirantskrywers ’n gulde geleentheid om onder leiding van Bernard Odendaal en Franci Greyling, kenners en gesoute aanbieders, die eerste stap in hul skryfloopbaan te neem.

 

Afrikaanse skrywers uitgenooi vir maand se skrywersverblyf

Die Jakes Gerwel Stigting en PEN Afrikaans nooi vanjaar weer alle opbetaalde lede van PEN Afrikaans uit om aansoek te doen vir die verblyfsprogram wat in die Stigting se Paulet Huis op Somerset-Oos in die Oos-Kaap aangebied word. Die doel met hierdie projek is om aan skrywers – beide opkomend en gevestig – die geleentheid te bied om vir ’n maand lank van hulle daaglikse verpligtinge te ontsnap om voltyds aan hul manuskripte te kan werk. Die fokus van die residensieprogram is veral gemik op skrywers wat nuwe stories na die Afrikaanse literatuur bring en leefwêrelde oopskryf wat nog nie voldoende in die letterkunde gehoor is nie.

Die historiese Paulet Huis met sy sjarmante ouwêreldsheid, ruim kamers en lowergroen tuin, bied die ideale geleentheid vir skrywers om in ’n inspirerende omgewing aan hul manuskripte te werk.

Die Jakes Gerwel Stigting dek die kostes van die skrywers se verblyf vanaf 1 tot 27 Julie 2020, insluitende internet, skoonmaakdienste, etes (drie maaltye per dag), retoerkaartjies na Port Elizabeth en vervoer van en na die lughawe.

Alle genres sal oorweeg word.

Belangstellende skrywers moet hulle aansoeke teen 16 Maart rig aan Theo Kemp, uitvoerende direkteur van die Jakes Gerwel Stiging, by theo@jgf.org.za. Aansoeke moet bestaan uit:

’n Brief ter motivering van waarom die aansoeker van die residensie gebruik wil maak

’n Opsomming van die aansoeker se loopbaan as skrywer. Gepubliseerde skrywers moet ’n lys van publikasies insluit, terwyl ongepubliseerde skrywers bestaande skeppende skryfwerk (30 bladsye prosa of 10 bladsye poësie) by die aansoek moet insluit.

’n Projekuiteensetting wat aandui waaraan die skrywer tydens die residensie sal werk.

Verteenwoordigers van die Jakes Gerwel Stigting en PEN Afrikaans sal die aansoeke oorweeg, waarna onderhoude in Kaapstad sal plaasvind op 8 April. Die suksesvolle aansoekers sal op Internasionale Boekedag op 23 April aangekondig word.

Doen hier aansoek om ’n lid van PEN Afrikaans te word. https://www.litnet.co.za/pen-afrikaans-aansoekvorm/

Die Jakes Gerwel Stigting is in die lewe geroep met die doel om die nalatenskap van wyle prof Jakes Gerwel – wat uitgeblink het as opvoeder, bevryder, beskermheer van die kunste en sakeman – deur relevante projekte uit te bou. Die Stigting fokus op die bevordering en bemagtiging van skrywers en wil bydra tot die verryking en verruiming van ons letterkunde. Die Stigting is trots op die vennootskap met PEN Afrikaans, aangesien prof Gerwel passievol was oor Afrikaans en sy diverse moedertaalsprekers.

Meer inligting oor die Jakes Gerwel Stigting is beskikbaar by www.jgf.org.za

 

Spesiale aanbod: Lizette Rabe se skryfgids

 

Te danke aan LAPA-Uitgewers kan opbetaalde lede van PEN Afrikaans teen ’n reuse-afslag kopieë aanskaf van Om tot verhaal te kom, ’n praktiese skryfgids deur Lizette Rabe, professor in joernalistiek aan die Universiteit Stellenbosch.

LAPA bied die gids teen R30.00 per kopie (vervoerkoste uitgesluit) aan lede van PEN Afrikaans, vir eie gebruik of vir weggee of vir aankoop vir herverkoop. Die boek kos gewoonlik R260.00 per eksemplaar.

Belangstellendes kan ’n e-pos stuur aan penafrikaans@gmail.com vir verdere stappe.

 

Antjie Krog aangestel as eerste Writer in Residence by die Universiteit Gent

Die Universiteit Gent (UGent) het pas aangekondig dat Antjie Krog die eerste besoekende skrywer sal wees wat aan hul nuwe residensieprogram deelneem. Krog, bekroonde Afrikaanse skrywer, vertaler en letterkundige, sal in Oktober en November 2020 in Gent tuisgaan, waar sy gaslesings vir studente en akademici sal aanbied en ook voordragte aan die breër publiek.

UGent beskou hul gasouteurs as ’n bron van inspirasie en ’n baken vir kritiese nadenke. Hulle beoog om outeurs met ’n internasionale uitstraling te nooi, wie se werk byvoorbeeld in verskeie tale vertaal is.

Krog geniet groot aanhang in die Lae Lande, waar haar werk gereeld in vertaling verskyn. Haar werk word as so ’n belangrike deel van die Nederlandse letterkunde geag, dat sy in 2018 ’n Gouden Ganzenveer-toekenning ontvang het vir haar bydrae tot die Nederlandse taal. Sy is die eerste buitelandse skrywer wat dié eer te beurt val.

Hartlik geluk aan die Universiteit Gent met dié inisiatief en aan Antjie Krog wat hul eerste Writer in Residence sal wees.

 

Waarom by PEN Afrikaans aansluit of ’n betaalde lid bly?

Fakture vir ledegeld sal hierdie maand uitgestuur word. Die bedrag, wat van belasting aftrekbaar is, bly R300.00. Ons doen graag ’n beroep op jou om weer vanjaar by ons aan te sluit en, as jy nog nie ’n lid is nie, om een te word. Jy sou jouself kon afvra: Waarom moet jy lid van PEN Afrikaans word en wat word van lede verwag? Ons voorsitter, Marga Stoffer, antwoord só:

Marga Stoffer

Ons wil graag hê dat soveel moontlik mense opbetaalde lede word, want hoe meer lede ons het, hoe meer relevant is ons, hoe meer verteenwoordigend van Afrikaanse skrywers en die boekomgewing, en hoe sterker is die stem wat ons as organisasie het.
 
As organisasie wil ons geleenthede vir ons lede skep, hulle belange beskerm (spesifiek oor sake soos vryheid van uitdrukking), en namens hulle en in hulle belang optree en agiteer waar nodig. Ons wil hê ons lede moet aanhou skryf, resenseer, doseer, uitgee, redigeer – wat ook al hulle betrokkenheid is by Afrikaanse skryfwerk.
 
Om hierdie dinge te kan doen, moet ons ’n behoorlike mandaat hê van ’n wye verskeidenheid Afrikaanse skrywers en betrokkenes by Afrikaanse skryfwerk. Ons werk hard aan voorleggings m.b.t. die Wysigingswetsontwerp op Outeursreg; ons skakel met verskillende partye oor skrywersresidensies; ons bied resensiekursusse aan; ens. PEN Afrikaans moet as organisasie lede hê namens wie ons dit doen, anders is dit sinneloos en het die organisasie geen geloofwaardigheid in die gemeenskap daarbuite nie. Aangesien die bestuur uit die lede gekies word, kan ons as bestuur met groter vrymoedigheid besluite neem as ons weet dat ons die steun het van ’n stewige en groeiende getal lede namens wie ons optree.
 
Dit is hoofsaaklik die bestuur wat die “werk” doen (veral die bestuurder, wat deeltyds vir PEN Afrikaans werk; die res van ons is vrywilligers). Elke nou en dan vra ons vir spesifieke dinge die hulp van ’n lid (so het Kerneels Breytenbach verlede jaar ons resensiekursus in samewerking met Netwerk24 by die Woordfees aangebied), of vra ons dat ons lede hulle stemme laat hoor ter ondersteuning van ’n belangrike saak (bv die petisie toe ons geprotesteer het teen die Wysigingswetsontwerp op Outeursreg).
 
Elke lid van PEN Afrikaans speel ’n belangrike rol om die reg op vrye uitdrukking te beskerm en bevorder, uitmuntende literêre prestasie te vereer, en gemarginaliseerde stemme die kans te gee om gehoor te word. Ons het julle stemme en ondersteuning nodig, sodat ons PEN Afrikaans se doelwitte kan bereik – ook binne die konteks en met die ondersteuning van PEN International.  
 
Lede van PEN Afrikaans word outomaties lid van PEN International, die grootste en mees invloedryke skrywersorganisasie ter wêreld. PEN International is 99 jaar gelede gestig en beywer hom vir die bevordering van letterkunde en die beskerming van vryheid van spraak wêreldwyd. Lees gerus meer hier: https://pen-international.org/who-we-are.
 
Ten slotte: Ons krag en invloed as organisasie lê in ons lede, ’n gemeenskap van skrywers, dramaturge, joernaliste, uitgewers, redakteurs, vertalers, agente en ander betrokkenes by die geskrewe woord wat almal saam ons waardes ondersteun en ons beywer vir die bevordering van letterkunde.

 

Pasella! Lekker leesstof uit Taalgenoot se Lente 2019-uitgawe

Baie dankie aan die Taalgenoot-redaksie wat dit vir PEN Afrikaans moontlik maak om die taal- en boekverwante inhoud uit dié kwartaallikse tydskrif se Lente 2019-uitgawe te deel. Klik gerus hier om die artikels gratis in PDF-formaat af te laai. Die tema van dié uitgawe is “geheime”…

 

Maandelikse resensie-oorsig

Klik hier vir ons oorsig van Afrikaanse resensies wat in Januarie 2020 verskyn het en digitaal beskikbaar is. Hierdie oorsig sluit boekbesprekings, boekgesprekke en voorlesings in wat op die radio of TV uitgesaai is.

Indien jy weet van ander gerekende publikasies wat ook Afrikaanse resensies en boekgesprekke plaas en dit digitaal beskikbaar maak, laat weet asseblief na penafrikaans@gmail.com.

Ons wil graag elke maandelikse oorsig so volledig moontlik maak.

 

Nuwe Afrikaanse boeke in Januarie en Februarie 2020

Die stewige lys van nuwe Afrikaanse boeke wat in Januarie en Februarie verskyn het, voorspel goeie dinge vir ’n jaar vol boeke. Baie geluk aan al ons lede wat nuwe boeke op die rak het.

Die publikasielyste kan hier in Excel-formaat afgelaai word.

Laastens herinner ek julle graag aan die jongste artikel in “Die wêreld van die skrywer”, ons reeks artikels wat kwartaalliks verskyn en waarin skrywers uitwei oor sake wat hulle raak. Hier besin bekroonde skrywer Eben Venter oor die keuse om in Afrikaans te skryf (of om ‘n taal soos Engels as alternatief te kies). Moet dit nie misloop nie.

 

Vriendelike groete
Catrina Wessels
Bestuurder: PEN Afrikaans

Uitnodiging aan digters: Gedigte oor Shaka

Tuesday, January 21st, 2020

Beste digter

Ek werk aan ’n prestige publikasie getitel “Die invloed van Shaka op kuns, literatuur en die samelewing”, wat op 14 November 2020 gaan verskyn. Shaka is volgens oorlewering in ongeveer 1781 gebore en het in 1828 gesterf. Hy het in sy leeftyd daarin geslaag om ʼn klomp stamme te verslaan en sy magsposisie oor ʼn militêr magtige volk uit te brei. As militêre despoot het hy ingrypende invloed op sowel militêre as politieke gebied in Suider-Afrika gehad. Oor Shaka bestaan daar uiteenlopende sienings in die geskiedenis en literatuur. Die letterkundige en historikus Dan Wylie, kunshistorikus Elza Miles, digter en letterkundige Johann Lodewyk Marais en politieke wetenskaplike Jabulani Sithole is genooi om vir die beoogde publikasie bydraes oor Shaka in die geskiedenis, kuns, literatuur en samelewing te lewer. Ons het besluit om ook prominente Afrikaanse en isiZulu digters te nooi om gedigte oor Shaka te skryf vir insluiting in die publikasie. Ons hoor graag nie later nie as 31 Januarie 2020 of jy ʼn Afrikaamse gedig tot die bundel sal bydra. Alle gedigte moet ons voor of op 31 Maart 2020 bereik. Stuur asseblief jou antwoord aan my:

Wouter Gildenhuys (gildenhuys.wouter@gmail.com)OF

Johann Lodewyk Marais (montpelaam@gmail.com).

Met vriendelike groete
Wouter Gildenhuys (Projekkoördineerder)
Tel. 083 628 0860

Nuwe Afrikaanse digbundels 2020

Monday, January 20th, 2020

Ons het besonderhede ontvang van die volgende digbundels wat in 2020 gaan verskyn:

 

Protea Boekhuis

Die waarheid oor duiwe – Gisela Ullyatt (Binnekort)

Tussenganger – Marius Crous (Binnekort)

Die heimlike heiligdom – Kobus van der Riet (April)

Winkel van wanklanke – Hennie Meyer (Junie)

By die dag – Eunice Basson (Junie)

Vel – Emma Bekker (Julie)

 

Kwela

Oorlog – Nathan Trantraal (Binnekort)

5 ander bundels is geskeduleer om vanjaar by Human en Rousseau en Kwela te verskyn – besonderhede volg met verloop van tyd.

 

Sodra grafika en nuuswekkers beskikbaar is, sal dit op Versindaba gepubliseer word.

  •