Vrouwkje Tuinman. Iets over dit of dat

Omdat ik maanden geleden besloten had om op 9 mei aan mijn nieuwe boek te beginnen, begon ik aan mijn nieuwe boek. Romantischer kan ik het niet maken. Alle artistieke drijfveren ten spijt heb ik gewoon een beslissing nodig, een bevel, een door anderen of mijzelf opgelegd werkschema.
De eerste dagen ging het eenvoudig, aangezien ik al ruim een halfjaar ideetjes in mijn hoofd en opschrijfboekje opspaarde, en die allemaal kon gaan intikken. Op die manier heb je zo een paar pagina’s vol, zonder daadwerkelijk te hoeven gaan schrijven. ‘Iets over dit’, ‘iets over dat’, ‘ergens moet iets zus en zo gaan’.
Toen moest ik daadwerkelijk gaan schrijven. Ineens kon ik me niets meer voorstellen bij schrijven. Om het erger te maken vroeg een literaire organisatie me om een nieuw gedicht. Een nieuw gedicht? Had ik ooit wel eens gedichten geschreven? Hoe dan?
Na een week waren mijn huis en tuin opgeruimd, onder het mom van nadenken. En telde mijn roman 124 woorden. ‘Wordt het een folder,’ vroeg mijn vriend.
In een interview met Anna Enquist las ik dat zij van zichzelf 500 woorden per dag moet schrijven, als ze aan een roman werkt. 500 woorden, het leek ineens zo bescheiden. En ook zo stevig. Elke dag 500 woorden. Dat is na 100 dagen een flinke stapel.
Nu schrijf ik elke dag 500 woorden, omdat Anna Enquist dat besloten heeft. Het werkt. Ze hoeven niet perfect, definitief of allesomvattend te zijn. Meestal roepen ze een stuk of vijf andere ideetjes, ‘iets over dat’, ‘op een gegeven moment ergens anders heen’, op, die pas een andere dag, in een andere 500 woorden, uitgewerkt hoeven te worden.
Alleen bij gedichten schrijven kan ik me nog steeds niets voorstellen.

Bookmark and Share

Comments are closed.

  •