Louis Esterhuizen. Gilbert Gibson deel van vertaalprojek

Ooteoote het onlangs begin met ‘n opwindende projek wat hulle ‘n vertaallab noem. Hiervolgens word gedigte van bepaalde digters geplaas met die uitnodiging aan hul lesers om dié gedigte na Nederlands te vertaal. Aangesien dit ‘n interaktiewe blad is, kan die vertalings direk  na die betrokke gedigte geplaas word.

Pas het ooteoote dan ook die 18de aflewering in hul vertaallab geplaas en watter verrassing was dit nie om vier nuwe gedigte deur Gilbert Gibson (foto) daar te vind nie … Besonder interessante gedigte wat almal met die konsep “huis” te make het; iets wat ‘n mens laat vermoed dat ‘n nuwe bundel besig is om vorm aan te neem.

As lusmaker plaas ek onderstaande gedig; ‘n gedig wat by tye van hierdie skrywe nog nie vertaal is nie.

[81]

ek wil jou huis omhels maar
daar’s nie mure nie
selfs al is jou stoep bloot-
gestel aan onheilige hande
en die heining ‘n deinende reeks
van skande wat ten spyte van
intensie tot die teendeel lei na groter verlies
na ‘n eksperiment waar gedagtes nog vry
die lyf se begeerte onvermydelik kan koester
selfs in konkriet lê onskuld en troos
waar hierdie bloedige lippe van jou
oor glimwit tande die laaste woord inkry
dit laat jou vensters soos jare voel waar-
oor die wind se lied met die
sluimerige spoed van voete in sirkels loop
en uit die aard van sinjale probeer geute
my stil te verduidelik
duidelik kan jy die uil jou naam hoor roep
duidelik kan jy die klop aan die deure voel

Marianne Morris

‘n Ander digter wie se gedigte as 13de aflewering geplaas was, en dus reeds deur verskeie deelnemers vertaal is, is die jong Britse digter Marianne Morris wat einde Maart aan Perdu se program ‘De scheppende kracht van het vertalen‘ deelgeneem het. Tydens dié geleentheid het Han van der Vegt en Frank Keizer van haar gedigte vertaal en voorgedra.

Marianne Morris se vorige bundels is Iran Documents (2012, Trafficker Press), Commitment (2011, Critical Documents), Tutu Muse (2007, Fly by Night) and A New Book From Barque Press, Which They Will Probably Not Print (2006). In 2008 is die Harper-Wood Scholarship for Creative Writin aan haar toegeken.

By wyse van toeligting volg een van Morris se gedigte hieronder, met die Nederlandse vertaling daarvan deur  Hannie Rouweler.

***

ART WILL SAVE YOUR LIFE

like it does mine even before I’ve performed the little death
goes behind me like a yellow brick road
path my feet
dented lapping nerve. Safety in knowing that what holds you up
isn’t alive, and therefore can’t leave. Only you can leave, and you will
mouthing your twist like an undisciplined lover and throw in its face
hands empty of pen, calling it husband-hungry
in tutu with dayglo.
Come back to me now
my love you will eventually say, long after the fact. Her face will turn
and be neither woman, nor man, but lung heaving under ocean,
the muscle perfectly formed under skin when you open the door
a mechanism whose longevity nurses you at the breast,
a site of fire that moves beneath you, first rippling and
then slowing into a drill pump between canapés the suit
contains the warble of your admissions and of ordinariness
and of everything, everything that can be said about our bodies
can also be said about the soul that moves
dehydroepiandrosterone moves my bed
as modernity refuses to pass away and you are miles away
leaping about in it, clear about life, where it goes, who to talk to,
the little years pulsing with breath, fish swim in the lung
and now life with its death is a crashing presence
a subjective masterpiece
a monster whose horns and tusks toss me
on the wind that crashes into the house.

Art pulsates within me, more than an absent child
more than the fund to help babies
more than electricity. Apple+tab
darts between worlds as in rooms I haven’t the patience
to walk through
and cannot give ‘no’ to the food, in it pours
I want to make little words in all of the windows
make nothing for too long in one place, lest the depth appeal
to the monster, slithery-tongued, e-oriented
hiding among dashes in ‘Sent Items’
waiting for a lashing of tongue.
There is no surface desire, anymore, now it goes so deeply
into me that I look and it’s lost
over dinner it’s lost
over the weekend it’s lost
and I turn to you, startled at last to meet eyes
‘to make eyes meet’ is the song that explodes
who knows how much of me sleeps, even I don’t.

© Marianne Morris (Uit: Commitment (2011, Critical Documents)

***

KUNST ZAL JE LEVEN REDDEN

zoals bij mij het geval is zelfs voordat ik de kleine dood heb opgevoerd,
gaat achter mij aan als een weg met gele bakstenen
baant mijn voeten
gedeukte opgelapte zenuwen. Veiligheid te weten dat wat je overeind houdt niet levend is en daardoor dus niet kan weggaan. Alleen jij kunt weggaan en je zult gekke bekken trekken als een ongedisciplineerde minnaar en lege handen zonder een pen in zijn gezicht gooien, dit echtgenoot-honger noemen
in balletrokje van fluor.
Kom nu maar weer bij me terug
lieveling, zul je vermoedelijk lang na het incident zeggen. Haar gezicht zal veranderen, niet in een vrouw ook niet in een man, maar longen zwellen onderin de oceaan, spieren volmaakt gevormd onder de huid wanneer je de deur opent
een mechanisme dat lang prettig aanvoelt op de borst,
een haardvuurtje dat onder je doorgaat, eerst golvend en
dan langzaam overgaat in een drilboor tussen canapés, het pak
bevuild met het gekweel van jouw goedkeuringen en van gewone dingen
en van alles, alles wat over onze lichamen kan worden gezegd
kan ook over de ziel worden gezegd die beweegt
dehydroepiandrosteron beweegt mijn bed
omdat deze tijd weigert voorbij te gaan en jij mijlen van mij vandaan
erin springt, duidelijk over het leven, waar het naartoe gaat, met wie te praten,
de kleine jaren ademen door, vissen zwemmen in de longen
en nu is het leven met zijn dood een vernietigende tegenwoordigheid
een subjectief meesterwerk
een monster wiens hoorns en slagtanden met mij doen wat ze willen
in de wind die tekeer gaat in mijn woning.

Kunst pulseert in mij, meer dan een afwezig kind
meer dan het fonds om babies te helpen
meer dan elektriciteit. Apple+tab
pijlen tussen werelden omdat ik niet het geduld heb
door kamers te lopen
ruimten waar ik het geduld niet voor heb
om door te lopen
en geen ‘nee’ tegen eten kan zeggen, naar binnen giet
ik wil kleine woorden in alle vensters maken
niets te lang voor op één plaats, de diepte is aantrekkelijk
voor het monster, met gladde tong, e-mail gericht
die zich verschuilt tussen onverwachte aanvallen in ‘Verzonden Berichten’
wachtend op de zweepslag van de tong.
Er bestaat geen oppervlakte verlangen meer, nu gaat het zo diep
in mij dat ik zie dat het verdwenen is
na het avondeten is het verloren
na het weekend is het verloren
wie weet hoeveel van mij slaapt, zelfs ik weet het niet.

© Marianne Morris (Vertaal deur Hannie Rouweler)

 

 

Bookmark and Share

Comments are closed.

  •