Louis Esterhuizen. Daai groen gedierte op jou skouer …

Dat Gerrit Komrij as uitgesproke en ietwat kontroversiële literêre figuur nie in al die kamers van die Huis der Letteren as geliefde gas verwelkom is nie, is sekerlik ‘n gegewe. Maar dat iemand sonder enige provokasie besluit om die vele verwysings na Komrij se statuur as ‘groot digter’ op die dag waartydens sy dood aangekondig is, af te kam in ietwat onvriendelike taal, getuig myns insiens gewoon van swak styl.

So beland ek gister via ‘n skakel by De Contrabas op Wiel Kusters (foto) se weblog waar dié emeritus professor dit nodig geag het om onder andere die Koningin van Nederland se verwysing na Komrij as synde ‘n ‘groot digter’ tydens haar huldeblyk te kritiseer. Chrétien Breukers, hoofindoena van De Contrabas, se blikvanger op hul webblad is eweneens met gepaste vitrioel gegeur: “Het heeft prof. dr. Wiel Kusters, ondanks zijn drukke werkzaamheden die hem na zijn emeritaat teisteren, behaagd een correctie uit te voeren op een paar hinderlijke en zelfs ronduit verkeerde opmerkingen over Gerrit Komrij, door onnadenkende vlerken (die zich journalist of publicist noemen) en de Koningin der Nederlanden gedaan in couranten, tijdschriften, op internet of middels een telegram.”

Vervolgens dan die heer Kusters se gewraakte opmerkings: “Is iemand een groot dichter wanneer hij als poezieschrijver door zijn excentrieke stem en optreden in de media een bekende Nederlander is geworden? Of wanneer hij zich in Hollands literaire vijver naar boven heeft gewatertrappeld dankzij een bij haar verschijnen omstreden bloemlezing en de publieke rel die daar destijds (1979) op volgde? […] Zelf kan ik in de meeste verzen die Komrij publiceerde, ook als Dichter des Vaderlands, niet veel meer dan curiosa zien. Zijn reputatie als literatuurcriticus is niet gebaseerd op wat de voormalige stukjesschrijver Ronald Plasterk vandaag  ‘mooi, precies en helder’ opgeschreven oordelen heeft genoemd, maar juist op karikaturale vertekeningen van het besproken werk, beledigingen, vernederingen en vele soorten van poepbruine, blufmatig onverschrokken ongein over andere auteurs, dikwijls veruit zijn meerderen. De polemische Komrij had de lelijke trekken van een populist.”

Sjoe. Dit is net jammer dat Kusters dit nie nodig geag het om konteks óf substansie te verskaf ten opsigte van sy opmerkings nie. Daarsonder laat hierdie uitsprake my te veel dink aan iets wat jy op die vliegtuig in ‘n bruin papierkardoes doen wanneer die naarheid jou oorval.

Nietemin, by wyse van illustrasie van die ‘mooi, precies en helder opgeschreven oordelen’ wat Kusters klaarblyklik as persoonlike maatstaf voorhou, plaas ek hieronder een van sy gedigte wat op die internet te vinde is. Daarvolgens blyk dit duidelik dat Komrij en Kusters inderdaad weinig meer as die eerste letter van hul vanne in gemeen het.

 

***

Langzame Wals

Wij dansten, moeder, door de keuken
je had mij lachend opgetild

vier jaar was ik ‘daar bij die molen
die mooie molen’ van de radio

geboren, losgeschild
je kleine vrucht, een zoet bestaan

een appel die zo rood moest glimmen
dat je ogen ervan glansden

opgenomen in een wals
tussen tafel stoelen pannen

dat het kleine wandkleed moeder
dat je in de keuken hing

geborduurd met wolken schaapjes
bomen en een molentje
plus een boertje met een pet

dat dat helder linnen kleedje
met zijn spichtige figuurtjes
draaiend mij voor ogen bleef
in de warmte van de keuken
langs de wanden van mijn geest

zozeer dat ik het ging zingen
en mijn ogen moest bedwingen
toen je stierf en ik je zag

jij mij zag ik wilde tillen
wat er van ons overbleef
op een stoel en in een bed

en wij zwierden en wij walsten
tot je grond verzonken was

 

© Wiel Kusters (Uit: Zielverstand, 2007)

 

 

Bookmark and Share

2 Kommentare op “Louis Esterhuizen. Daai groen gedierte op jou skouer …”

  1. Wel grappig dat de heer Prof. Dr. Kusters na zijn oekaze, waarvoor hij geen argumenten nodig heeft, iets wat ik in mijn stukje behandel, de kaart van de intimidatie trekt: http://wielkusters.blogspot.nl/2012_07_01_archive.html#7238561195440519595
    Maar ik begrijp het: een oordeel,door Kusters gegeven, dient niet te worden tegengesproken. Ik heb de fiets daarom inmiddels onder het dakje gezet.

  2. Carina van der Walt :

    @ Louis: jy’t nou bietjie rondgekrap in ‘n vuurtjie wat wêreldwyd binne skrywerskringe bestaan, genaamd professionele jaloesie. Bygesê, as mens digterskap as ‘n professie beskou. Dis niks anders in Stellenbosch, Amsterdam, New York of Tokio nie, by wyse van spreke.

  •