Louis Esterhuizen. Gerrit Komrij oorlede …

Pas is ek terug na wekelange afwesigheid in die buiteland, of dit is my hartseertaak om bekend te maak dat Gerrit Komrij gister, 5 Junie, oorlede is. Hy was 68-jaar oud. Volgens die kort berig op De Telegraaf se webtuiste is dit nog nie bekend waaraan hy oorlede is nie … Blykbaar sal die familie later vandag ‘n persverklaring uitreik: “Het is nog niet bekendgemaakt waaraan de schrijver is overleden. Volgens bronnen in de literaire wereld was Komrij al geruime tijd ziek. Hij overleed in het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis (OLVG) in Amsterdam. De familie komt vrijdagochtend met een persbericht. “

Komrij was bekend as digter, skrywer, kritikus en polemis. Uiteraard ook as bloemleser; onder andere die omvattende bloemlesing oor die Afrikaanse digkuns, Die Afrikaanse poësie in ‘n duisend en enkele gedigte, wat in 1999 by Uitgeverij Bert Bakker verskyn het. Van 2000 tot 2004 was hy die Dichter des Vaderlands en het as sulks tot en met sy dood ‘n besonderse invloed op die Nederlandse digkuns gehad. In sy veelbekroonde loopbaan is sy werk onder andere vereer met die P.C. Hooftprys, die Gouden Uyl en ook die Herman Gorterprys. Verlede jaar het die Universiteit van leiden ‘n eredoktersgraag aan hom toegeken.

In die Afrikaanse lettere is Komrij ook bekend danksy die vertaling van sy gedigte wat deur Daniel Hugo gedoen is en by Protea Boekhuis in 2005 verskyn het met die titel Die elektries gelaaide hand.

As leestoegif plaas ek die eerste paragrawe uit die Hugo Claus-gedenklesing wat Komrij op 16 April 2010 gelewer het en wat hy goedgunstelik aan Versindaba gestuur het. (Die volledige lesing kan hier gelees word.)

***

Nu ben ik zelf oud, een getruffeerd karkas, een man die voor het eerst ten volle het gedicht begrijpt waarin wordt gesproken van “ziek van begeerte, en geketend aan een stervend beest” – en ik voel me een tijdgenoot van Hugo Claus, een reisgenoot, een familielid, van verre en met de hoed in de hand, maar familie. Jonge mensen worden naar elkaar toegezogen, magneetstof, oude mensen groeien tergend traag naar elkaar toe, een verbroedering die knarst en kraakt bij gebrek aan steigers, takels en brandstof.

Oud zijn is geen onverdeeld genoegen, om het mild uit te drukken – voor Hugo Claus moet de ouderdom speciaal onwelkom zijn geweest, want de zin van zijn leven was dat in de machinerie alle raderen liepen, alle ventielen zuchtten, alle wijzers uitsloegen, trillend op de rand van het alarmrood, en dat alle tandjes snel en venijnig in elkaar grepen.

Verval verbroedert en de dood maakt ons tot lotgenoten. Zandhappers zijn we, stuifsneeuw.

Maar naast de tijdloosheid en de stilstand van de ruïne zijn er de kalender en de chronologie, en dan besef ik dat Hugo Claus al een ster was toen ik op school zat. Op die leeftijd loopt er een onbegrijpelijk parcours van het ene jaar naar het daaropvolgende, tussen de generaties gaapt een kloof. “t Verschil tussen een baviaan en een kuiken is niets vergeleken bij het verschil tussen iemand die een ster is en iemand die zijn eerste letter nog moet publiceren.

Elke beginnende schrijver, elke nog-niet-schrijver die weet dat hij is gedoemd tot schrijven, kent een schrijvershemel waaronder hij opgroeit. Zoals een hond in een drukke winkelstraat, vol mensenbenen en karrenwielen en wandelstokken en dansende beren, onmiddellijk andere honden herkent, zo herkent een schrijver schrijvers.

© Gerrit Komrij, 16 April 2010

 

Bookmark and Share

4 Kommentare op “Louis Esterhuizen. Gerrit Komrij oorlede …”

  1. Jan Schrik :

    Dag Gerrit, je hebt me heel vaak geinspireerd
    Tot Ziens

  2. Ivan Mocke :

    Hulle sê as iemand sterf is dit so goed ‘n biblioteek gaan verlore. In die geval van Gerrit Komrij is dit ‘n besonder groot biblioteek wat daarmee heen is. RIP, Gerrit.

  3. Louis :

    In “De Standaard” het daar vanoggend ‘n pragtige huldeblyk deur Tom Lanoye oor die ontslape digter verskyn: “Een vader was je niet. Jij was mijn held. Ook naar de vorm probeerde ik in jouw voetsporen te treden. Als protest tegen ‘het compleet leeggeschreven Experiment’ plooide ik mij, met wisselend succes, naar het metrum en het rijm van Lord Byrons Cantos. Zelfs daar, in die constructieve parodie, stond jouw voorbeeld mij voor ogen […] Ik was verliefd op jouw durf. Ik was geïmponeerd door jouw technische bravoure.”
    Gaan lees gerig die volledige teks by: http://www.standaard.be/artikel/detail.aspx?artikelid=DMF20120706_00214175

  4. Carina van der Walt :

    A, Louis! ek herken hierdie aanhaling uit Tom Lanoye se brief aan Gerrit Komrij in die NRC-Handelsblad se Weekend bylae (p.11, Zaterdag 7 juli & zondag 8 juli 2012). Dit is woordeliks oorgeneem. Goed, nou weet ek om dit nie te betrek in my bydrae vir julle nie. Die uitgestelde Monroe-stuk moet maar wag. My familie is na 3 weke se besoek hier in Ndl. by my die afgelope naweek terug en ek sou nou werk aan MM, maar die Komrij-nuus is nou belangriker.

  •