Posts Tagged ‘Het verdriet van België in Afrikans vertaal’

Yves T’Sjoen. Hergeboorte van Hugo Claus in Zuid-Afrika

Sunday, January 5th, 2020

Hergeboorte van Hugo Claus in Zuid-Afrika

Het verdriet van België in Afrikaanse vertaling

.

Twee jaar geleden publiceerde ik op Versindaba een “korte notitie” over Hugo Claus en Zuid-Afrika (https://versindaba.co.za/2017/09/12/yves-tsjoen-hugo-claus-in-stellenbosch-korte-notitie/#comments). Met behulp van commentaren door Daniel Hugo, Francis Galloway, Jean Meiring en H.C. Ten Berge kon ik enkele literairhistorische puzzelstukken leggen. Claus was eenmalig te gast in Zuid-Afrika, meer bepaald tijdens de Vlaamse Week in Stellenbosch van 16 tot 22 maart 1997. Het evenement is georganiseerd door de Vlaams-Suid-Afrikaanse Kultuurstigting, in samenwerking met de Universiteit van Stellenbosch (https://www.dbnl.org/tekst/_nee003199701_01/_nee003199701_01_0037.php ). In het Zuid-Afrikaanse najaar is in aanwezigheid van de auteur nog eens ’n Bruid in die môre ten tonele gevoerd in het H.B. Thom theater (recent omgedoopt in het Adam Small theater). Initiatiefnemer van de toneelreprise was Temple Hauptfleisch, toenmalig docent van het Drama-departement in Stellenbosch.

De eerste opvoering van ’n Bruid in die môre dateert van de jaren vijftig, naar aanleiding van de vertaling door Jan Rabie van dit vroege toneelstuk van Claus. Rabies vertaling is evenwel ongepubliceerd gebleven. De Nederlandse tekst van Een bruid in de morgen (De Bezige Bij, Amsterdam 1955) circuleerde vermoedelijk vanaf de jaren zestig in Zuid-Afrika. In ieder geval is de tekst medio jaren zeventig voorgeschreven en opgenomen in universiteitscurricula voor Zuid-Afrikaanse studenten. De Nederlandstalige tekst is vervolgens in 1977 opgenomen in de reeks Literatuur van die Lae Lande in het fonds van Human & Rousseau (Pretoria-Kaapstad, Academica). André P. Brink schreef een inleiding bij die uitgave en maakte aantekeningen.

De jonge actrice Wilma Stockenström speelde mee in het toneelgezelschap dat de tekst eerst in Kaapstad en later in Bellville op de planken bracht. De opvoering had plaats in opdracht van The National Theatre Organisation en Nederlands Kamertoneel Antwerpen; ’n Bruid in die môre stond onder de regie van Athol Fugard. De bekende Vlaamse toneelschrijver en theaterregisseur Tone Brulin, directeur van NTO Kamertoneel en bevriend met Hugo Claus al sinds de jaren van de Tijd en Mens-redactie (1949-1955), is vorig jaar in maart overleden. Brulin werkte en woonde een tijdlang in Zuid-Afrika – hij voerde toneelstukken op in Afrikaans en Engels –  tot apartheid het werk onmogelijk maakte.

Vertaling door Daniel Hugo

De aanleiding voor mijn beschouwende tekst was het immense vertaalproject van Daniel Hugo. Al in 2014, in Maandblad Zuid-Afrika, is sprake van het vermetele plan om Claus’ romanesk magnum opus Het verdriet van België (1983) in het Afrikaans te vertalen. Wat aanvankelijk een getuigenis van hybris leek (“[m]y groot ideaal”), is inmiddels gerealiseerd. Eind februari of begin maart 2020 verschijnt bij Protea Boekhuis Die verdriet van België. In de Vertalingendatabase kan worden nagegaan in hoeveel talen Claus’ roman intussen is vertaald (https://letterenfonds.secure.force.com/vertalingendatabase/download?languageCode=en&type=auteurs&query=Hugo%20Claus&id=a08b00000003v1SAAQ). Het is nu voor het eerst dat op het Afrikaanse continent een vertaling is tot stand gekomen.

In mijn “korte notitie” (september 2017) spreek ik een vermoeden uit waarom Hugo het chef d’oeuvre van die andere Hugo al vele jaren heeft willen vertalen. Een maandenlang studieverblijf in Leuven in 1983 en een bewonderende briefje dat de Zuid-Afrikaanse beursstudent naar de Vlaamse meester stuurde, hebben er iets mee te maken. Méér anekdotiek, zoals het radio-interview in 1997 van Daniel Hugo met Hugo Claus, is opgenomen in mijn vorige blog over Claus en Zuid-Afrika.

Na een intens vertaalproces is de meesterproef thans voltooid. Daniel Hugo heeft wel al méér adelbrieven. Voor zijn vertalingen van Sprakeloos (Tom Lanoye) en Oorlog en terpentijn (Stefan Hertmans) ontving hij van de Suid-Afrikaanse Akademie vir Wetenskap en Kuns tweemaal na elkaar de prestigieuze vertaalprijs (https://voertaal.nu/daniel-hugo-vertaler-op-campus-in-gent-en-amsterdam/). De waardering geldt natuurlijk ook Protea Boekhuis dat het aandurft deze canonieke tekst in de naoorlogse Vlaamse literatuur in Zuid-Afrika uit te geven, met productiesteun van Literatuur Vlaanderen (voorheen Vlaams Fonds voor de Letteren). Tegelijk vermeld ik dat de Universiteit Gent het voorrecht genoot Daniel Hugo gedurende twee maanden (oktober-november 2018) op campus te hebben (“vertaler op campus”), waar destijds de eerste stenen zijn gelegd van het vertaalproject. Naast vertaalwerk dat tussendoor kwam aangewaaid (Benno Barnard en Marc Tritsmans).

Onlangs sprak Breyten Breytenbach tijdens het Gents colloquium van het Centrum voor het Afrikaans en de Studie van Zuid-Afrika over de vriendschapsrelatie met Remco Campert, Lucebert en Hugo Claus (https://voertaal.nu/breytenbach-colloquium-een-verslag/). Het zal ook voor Breytenbach heel bijzonder zijn de Afrikaanse vertaling van Het verdriet van België in handen te houden. De artistieke en vriendschapsrelatie tussen Breytenbach en Claus verdient beslist nadere beschouwing.

We kunnen nu al aankondigen dat met steun van de Vlaamse Regeringsvertegenwoordiging in Pretoria en Protea Boekhuis een colloquium over Hugo Claus en Zuid-Afrika wordt voorbereid. Aspecten die ik eerder al aanraakte, zullen het onderwerp zijn van een vertaalwetenschappelijke, literairhistorische en theaterwetenschappelijke benadering. Zuid-Afrikaanse letterkundigen worden uitgenodigd over de connectie tussen Claus en Zuid-Afrika te spreken. Momenteel wordt nagegaan of de boekpresentatie kan plaatsvinden bij Unisa (Pretoria) en in de Kaap. Terzelfdertijd bestaat het vaste voornemen in Gent een Claus-studiedag te plannen met aandacht voor prozavertalingen van werk van Claus, onder andere de binnenkort te verschijnen Zuid-Afrikaanse editie. Zowel voor de literatuur(studie) in Nederland en Vlaanderen als de Zuid-Afrikaanse kijk op een icoon van de naoorlogse Vlaamse letteren is deze hernieuwde aandacht voor Claus, ruim tien jaar na zijn overlijden, opmerkelijk. Binnenkort wordt een oproep verspreid voor de colloquia in Zuid-Afrika en in Gent.

  •