Menu
Versindaba
  • Nuwe Bundels
    • Digbundels (2024)
    • Digbundels (2023)
    • Digbundels (2022)
    • Digbundels (2021)
    • Digbundels (2020)
    • Digbundels (2019)
    • Digbundels (2018)
    • Digbundels (2017)
    • Digbundels (2016)
    • Digbundels (2015)
    • Digbundels (2014)
    • Digbundels (2013)
    • Digbundels (2012)
    • Digbundels (2011 & 2010)
  • Resensies
    • Resensies
    • Resensente
  • Gedigte
    • Gedigte (A-L)
    • Gedigte (M-Z)
    • Kompetisies
    • Vertalings
      • 100 Duitse bestes uit die 20ste eeu
  • Digters
    • Digters
    • Onderhoude
    • Stemgrepe
  • Skryfhulp
  • Borge
  • Oor Versindaba
    • Kontak
Versindaba
25 August 20132 August 2013

Janita Monna. Confronterende herinneringen

 

Peter Swanborn – Het huis woont in mij

Als een parasiet die ‘grijnzend langs de schedel raast’ omschreef dichter Peter Swanborn de dementie die zijn moeder teisterde. Van haar verdwijnende geheugen deed hij poëtisch verslag in zijn vorige bundel Tot ook ik verwaai.

Over herinneren gaat het opnieuw in Het huis woont in mij. Werd in eerdere bundels één vooropgesteld thema werd uitgewerkt, dat conceptuele werken heeft Swanborn in deze bundel losgelaten.

Hier doet hij, in afzonderlijke gedichten, een poging het proces van herinneren in al zijn ongrijpbaarheid bijna aanschouwelijk te maken. En al ligt aan de oorsprong vaak iets heel concreets ten grondslag – je pulkt aan een tafelkleed en ineens zit je weer bij je moeder in de keuken – het zijn nauwelijks de herinneringen zélf die ertoe doen. Het gaat niet om het herbeleven van fijne vakantiemomenten of spannende kinderherinneringen. Swanborn wil het moment betrappen waarop die herinneringen steeds weer ontglippen, hij vraagt zich af hoe het toch kan dat dingen anders blijken dan je dacht dat ze waren, hoe het kan dat je de persoon in dat fotoboek, met die ‘rozige wangen’ niet herkent:

‘Houding/ en mond zijn vertrouwd, toch is het een ander/ die mij toelacht vanuit een zonnig vakantieoord.’

Herinneringen – zo blijkt – kunnen confronterend zijn. De aanblik van een vervallen ouderlijk huis, bijvoorbeeld, waar behang als ‘slappe huid’ omlaag warrelt –  ‘Een geraamte van kamers tekent zich af’ – kan je onaangenaam met de neus op de eigen sterfelijkheid drukken. Swanborn werkt het dubbelbeeld van het herinnerde huis als spiegel mooi uit.

Geen wonder dat er een zekere dreiging in de gedichten zit, een angstige sfeer, die vooral in de tweede afdeling ruim baan krijgt. Angst voor de dood, voor ziekte, voor alles wat die dood verder omgeeft trekt hier voorbij: iemand wordt gesommeerd achteraan te sluiten in de rij der stervenden, operaties worden uitgevoerd door ‘groen glimmende reuzeninsecten’, en angstaanjagende ziektes als – laten we zeggen – kanker blijken zich doodleuk voor te doen als een bekende:

 

Hij zegt dat hij kan helpen. Ik dank hem vriendelijk en

voor ik het weet stapt hij in mijn schoenen, klimt langs botten

omhoog, pauzeert in mijn maag, stoot door naar het hart.

 

Die dreiging en angsten lijken uiteindelijk bezworen te worden: in een slakkenspoor dat midden op de weg stopt, lijkt de dichter de berusting te geven dat het leven in medias res kan ophouden, ‘om na zonsopgang onzichtbaar verder te gaan.’

Na een heel persoonlijk vorige bundel is Dit huis woont in mij afstandelijker. Toch willen de grote en universele angsten die Swanborn bedicht niet schrikwekkend worden. Hij schrijft uiterst kalm en precies. Het houdt de monsters op afstand, maar het maakt het al met al tot vooral beleefde en veilige gedichten.

 

Huis

 

Schuine balken stutten het oude gezicht. Als slappe huid

wappert behang omlaag. Het balkon is scheefgezakt, de

afvoer drupt. Een geraamte van kamer tekent zich af.

 

Vloeren zijn verdwenen, ramen, deuren, het zinken dak.

Heb ik hier gewoond? Trap op, trap af gerend, de zolder

veroverd, me veilig gewaand in kasten meters diep?

 

Koperen leidingen zwaaien traag in de wind. Klimop slingert

driehoog naar binnen. Met gesloten ogen ken ik mijn weg

In dit stillen hoofd, de sloop nabij. Het huis woont in mij.

 

 

Peter Swanborn – Het huis woont in mij. Podium, 16,50 euro, 48 pagina’s, ISBN 9789057595684

 Deze recensie verscheen eerder in Trouw.

 

 

Deel:

  • Click to share on Facebook (Opens in new window) Facebook
  • Click to share on X (Opens in new window) X

Like this:

Like Loading...

1e kommentaar op “Janita Monna. Confronterende herinneringen”

  1. René Bohnen says:
    25 August 2013 at 15:22

    Dankie, ek stel belang om hierdie twee bundels te lees.

    Reply

Lewer kommentaar Cancel reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Meeste gelees

  • Resensie: "Dawerende stiltes" (Caren Kearley)
  • Resensie: "Wilma Stockenström: Met my wysvingertop" (Ronel Foster, red.)
  • Marlies Taljard gesels met Yves T’Sjoen oor "De ontdekking van het eiland" (Deel 1)
  • Marlies Taljard gesels met Yves T’Sjoen oor "De ontdekking van het eiland" (Deel 3 - slot)
  • Joan Hambidge. Athol Harold Lannigan Fugard

Nuutste bydraes

  • Joan Hambidge. George Steiner, “On Difficulty”
  • Carina van der Walt. Madeleine en Marianne (uit “Paryse Dagboek”)
  • 100 Duitse Bestes: Durs Grünbein (1962-)
  • Marthé McLoud. Een aand op straat
  • Joan Hambidge. Die digkuns as weefwerk

Nuutste kommentaar

  1. Versindaba on 100 Duitse Bestes: Durs Grünbein (1962-)16 January 2026

    Van die kant van die Redaksie: Baie dankie Bernard Odendaal en Robert Schall dat Versindaba hierdie skitterende vertalings kon plaas.…

  2. Joan Hambidge on 100 Duitse Bestes: Durs Grünbein (1962-)15 January 2026

    Hierom dan dat George Steiner sy Poetry of thought aan hierdie manjifieke digter opgedra het. Ek (her)lees tans Steiner se…

  3. Joan Hambidge on 100 Duitse Bestes: Durs Grünbein (1962-)15 January 2026

    Dank. Die gedig as smoelneuker. Goed vertaal.

  4. Jacobus Swart on Joan Hambidge. Die digkuns as weefwerk14 January 2026

    Die digkuns is distillasie. Die taal is verhewig. Dit vereis dat die leser sy sokkies sal optrek. Want die digter…

  5. Bernard Odendaal on Joan Hambidge. Die digkuns as weefwerk13 January 2026

    “Lostorring” het my ewe diep getref, Joan.

Kategorieë

  • Artikels, essays, e.a.
  • Binneblik
  • Blogs
  • Digstring
  • Gedigte
  • Kompetisies
  • Nuus / Briewe
  • Nuwe Publikasie
  • onderhoude
  • Onderhoude
  • Resensies
  • Stemgrepe
  • Uncategorized
  • Vertalings
  • VWL 50 jaar later
  • Wisselkaarten
©2026 Versindaba | Ontwerp deur Frikkie van Biljon
%d