Astrid Lampe: Mijn antwoord op de blogosfeer

 

How to impress Lucio Fontana with a slash. In de installatie van de dichter Astrid Lampe in Mon Capitaine kletst alles met alles. Een geënsceneerde drukte die je overvalt zodra je het souterrain betreedt. Voor je het weet sta je binnen (mind your step!) en kijkt in het binnenste van een recyclingfabriekje waar studieus aan kleurenstudie werd gedaan. Het is werkplaats, huisaltaar, tekentafel, vuilstort, bioscoop, toontafel en etalage ineen. De spullen staan op het punt van wegdoen. En worden voor de duur van de expositie nog één keer als object ter eer en glorie van een doorleefd verleden opgevoerd. De bezinning middels objecten is voltooid. In deze werkplaats, op het punt van opheffen, werd gedronken en gegeten. Op is op. Dood is dood. Ook de analyse van de afgeschreven viltstift is hiermee succesvol afgerond. De explosie aan kleur die, wanneer zo’n stift op zijn eindje loopt, alsnog geoogst kan worden. Die kleur zal snel en totaal verbleken. Het zwart daarentegen is vers en kleurecht. En radicaal. En absoluut. Het kan nog lang fris blijven. Ook als dit bedrijf, dat zo trouw dienstdeed, na de expositie  bevrijdend wordt ontmanteld. Bevrijdend, zeker! Het is precies dat verlangen dat de dichter met deze installatie een boost wil geven. Het verlangen, steeds ververst, naar de totale opheffing. Opnieuw,leegte, licht en ruimte: slash! We staan weer buiten. Bloot maar gewapend met het resultaat van studie. Helemaal op en in Fontana zal ik maar zeggen: O, Lucio!

 

 

tik

dit

wandje

er liever uit

juist voordat het

met vergezichten

dichtgeplamuurd

 

 

is

 

 

whitescreens@Astrid Lampe



Bookmark and Share

Comments are closed.

  •