Antjie Krog. Vertaling in Nederlands

 

Versindaba kompetisie vir vertaalde gedigte (46)

 

Antjie Krog. Vertaling van Afrikaans in Nederlands. Vert. deur Gerard Scharn.

 

toen het jongste kind

 

toen het jongste kind het huis verliet was het een paar dagen

stil zakten wij weg in de extra ruimte en onhoorbaarheid

aleer de strijd begon: grootformaat vuile ruzies

waarin wij elkaar in toenemende kwaadheid met verachting

 

wilde vertrappen en verkrachten het was gewelddadig en ging dagen door

in volume nog erger dan het vocabulair    de een kon naar de ander gillen

dwars door het huis: zet dat ding wat ZACHTER jij

egoïstisch stuk stront! Een stoel kraakt: kop dicht Trut! en

 

zet het volume hoger: rot toch op, waarom verdwijn jij niet uit mijn leven

jij ziekelijk verlopen drollenpot! deuren worden dichtgeslagen    een bord wordt stuk

gegooid   m’n god ik heb het altijd al geweten jij bent een godvergeten barbaar

iemand die met serviesgoed gooit is minder dan een zwijn! Iets breekt

 

en nog iets  jezus moet ik die verdomde rotkop van je komen verbouwen!

met opgezette ruggen en vertrokken monden op handen

en knieën zijn wij ons aan elkaar te buiten gegaan

geen kind die er naar kraaide geen tere psyche om te knakken

 

uiteindelijk gaat de storm liggen en word ik mij bewust van bloed

in het toilet en dat jij opeens een een ochtendhoestje hebt

ongemerkt leggen wij fotoalbums en geldzaken op datum

en voor de eerste keer zetten wij ‘s nachts het alarm aan

 

toen ik achter het stuur in slaap viel en de banden tegen

de stoeprand kapot reed kwam je bij mij in de auto en hield me

te dicht tegen je aan   zoals mensen in een loopgraaf voor elkaar

beginnen te zorgen: de een z’n dood, de ander z’n ellende

 

***

 

toe die jongste kind

Antjie Krog

  

toe die jongste kind uit die huis trek was daar ‘n paar dae

stilte ons het onsself in die ekstra spasie en onhoorbaarheid

uitgeplomp en toe begin baklei: reuse skrikwekkende rusies

waarin ons met skielike nyd mekaar met veragting wou

 

vertrap en verkrag dit was gewelddadig en het vir dae aangehou

in desibels nog erger as die woordeskat    die een kon vir die

ander van die oorkant van die huis gil: sit dit SAGTER  jou

selfsugtige fokken stront! ‘n stoel kraak: shuddap Poes! en

 

draai dit harder: fokkof net. Hoekom fokkof jy nie uit my lewe

jou patetiese arme kakhuis! deure klap   ‘n bord word stukkend

gegooi   my god ek het altyd gewéét jy’s ‘n fokken barbaar

ieman wat met crockery gooi is laer as varkkak! Iets breek

 

en nog iets jissis moet ik jou donnerse kop kom inmoer!

met opgehitste ruggrate en verrekte monde handen

en knieë het ons ons aan mekaar te buite gegaan

geen kind om te kraai geen tere psige om te knak nie

 

uiteindelik bedaar alles en raak ek bewus van bloed

in die toilet en dat jy skielik ‘n hoesie het soggens

ongemerk begin ons fotoalbums en geldsake op

datum kry vir die eerste keer stel ons snags die alarm

 

toe ek aan die slaap raak agter die wiel en die tyre teen

die oppaadjie bars kom kry jy my so in die kar en hou my

heeltemaal te styf vas   soos mense in een loopgraaf begin

ons uitkyk vir mekaar: die een se dood die ander se snood

 

 

Bronverwysing:

Krog, Antjie. 2014. Mede-wete. Human & Rousseau, Kaapstad. bladzijde 101

 

 

Bookmark and Share

Comments are closed.