TRANSFORMATIES
Zoals ijs stilaan weer in water verandert
zo geraken de bomen vol met de stemmen
van de vogels met hun vreemde resonantie,
iets als een fluistergesprek in het struikgewas.
Het gerammel van de ontketende woorden,
verleid tot het wijzigen van hun betekenis,
heeft ons zwaar getekend als een stripverhaal,
met de werkelijkheid van een autoloze zondag..
Alles staat nu reeds ver verwijderd van wat
het nooit was. Hier verschrompelt de mens.
Hij neemt de tijd. Wordt lief als een reptiel,
neemt waar hoe alles voortdurend anders wordt.
Het licht. Wie maakt het nog langer wat uit?
Onveranderlijk graaft alleen de herinnering,
heel diep, tot op het bot van een ver verleden.
Dan springt het ogenblik als een veer uit de tijd.
© Willem M. Roggeman, 2026
